Alle steden zijn interessant

Voor het project Citybooks maakten fotografen en schrijvers portretten van onverwachte steden. En dan blijkt Turnhout ineens veel dichter bij Tbilisi dan bij Oostende te liggen.

Een stad is een verzameling gebouwen. Maar net zo goed een verzameling mensen, een arena van historische gebeurtenissen, of een marktplaats vol schreeuwende borden en posters. Het ligt er maar aan door welke lens je kijkt.

Fotograaf Martijn van de Griendt keek door de lens van een polaroidcamera naar Oostende, en legde daar vooral veel mensen vast. Mensen aan het werk, zoals die stratenmakers die opkijken van hun tegels. Of die ober die, in een vluchtig gebaar, zijn hand even op de schouder van een gast legt. Maar ook vluchtige, toevallige momenten op straat. En mensen die in hun eentje naar zee turen. Er wordt veel naar zee getuurd in Oostende.

Niet dat het een heel bewuste strategie was, vertelt Van de Griendt. "Ik ben met mijn camera een paar keer naar de stad gegaan, en heb het maar laten gebeuren. Rustig wachten tot de mooie momenten kwamen. Maar ik ben sowieso een mensenfotograaf."

Oostende is een van de vijftien steden die geportretteerd worden op een tentoonstelling in het Vlaams cultureel centrum De Brakke Grond in Amsterdam. De tentoonstelling is de voorlopige weerslag van het project 'Citybooks'. Voor dat project worden schrijvers en fotografen op pad gestuurd om portretten te maken van allerlei steden.

Het kunstproject ontstond een paar jaar geleden vanuit de gedachte dat steden steeds belangrijker worden. "De burgemeester wordt de belangrijkste politicus van de eenentwintigste eeuw", zei de oud-burgemeester van Londen Ken Livingstone ooit. Dorian van de Brempt, directeur van deBuren, de Vlaams-Nederlandse culturele stichting die het project Citybooks organiseert, haalt die uitspraak met instemming aan.

Niet dat de geportretteerde steden nou per se brandpunten van de wereldeconomie zijn. Integendeel, vaak lijken ze vrij willekeurig gekozen: Turnhout in België bijvoorbeeld, of Yerevan in Armenië. Het gaat hem dan ook niet om belangrijke steden, maar om interessante steden, zegt Van de Brempt. En interessante steden, dat zijn eigenlijk alle steden.

Dat gaat in elk geval op voor Oostende, zegt Van de Griendt. "Met de trein ben je er zo, maar het is een heel andere wereld. Het was ooit een mondaine badplaats. Er hangt een sfeer van vergane glorie, maar zonder dat het troosteloos is."

Of zo'n indruk nou in eerste instantie ingegeven wordt door de stad zelf, of door de blik van de fotograaf, dat is natuurlijk de vraag.

Vooral door de blik van de fotograaf, denkt Van de Griendt. En hij wijst op de foto's die zijn Georgische collega Kakha Kakhiani in Turnhout maakte. Oostende en Turnhout, redelijk vergelijkbare plaatsen, zou je zeggen, zeker in een expositie waar ook Tbilisi, Semarang en Skopje aan meedoen. Maar de uitgebleekte, licht weemoedige polaroids van menselijke ontmoetingen lijken in weinig op de harde zwart-wit-esthetiek waar Kakhiani Turnhout in gevangen heeft. Hij legde niet zozeer toevallige ontmoetingen tussen mensen vast, maar vaker toevallige vormen, en architecturale doorkijkjes: een kerk die half aan het zicht wordt onttrokken door een schutting bijvoorbeeld, en daardoor iets abstracts krijgt. Turnhout lijkt daarmee gek genoeg meer op Tbilisi, de andere stad die door Kakhiani werd gefotografeerd, en waar zijn fotografische blik nog strenger was: die stad lijkt haast geheel verlaten door mensen.

Zo krijgen we iedere stad van een andere kant te zien. Ook op de foto's die Christian Binder van Boekarest maakte, staan de mensen niet centraal. De stad wordt bij hem niet verbeeld aan de hand van haar bewoners, maar door wat ze je toeschreeuwt: we ondergaan in de fotoserie een bombardement van reclameborden, lichtbakken, graffititeksten en andere boodschappen: '0,3 procent rente', 'architectenbureau', 'Vodafone', etcetera.

Het andere uiterste is het Zuid-Afrikaanse Grahamstown, gefotografeerd door Sophie Smith. Daar volgen we één zwerver, een man van 77 met samengeklit haar, die zich met allerlei karweitjes een weg door de dag en door de stad scharrelt.

Dat je niet per se naar een obscure stad hoeft om originele foto's te maken, bewijst Andrea Galiazzo in zijn portret van de meest platgefotografeerde stad ter wereld: Venetië. Hij viste allerlei objecten van de bodem van de vele kanalen - aanstekers, medicijnflesjes, lampen en slippers, - en rangschikte die op vergelijkbare vormen. Tegen een steriele, witte achtergrond fotografeerde hij ze, en waan je je als toeschouwer even in een archeologisch museum van de verre toekomst.

Citybooks
De expositie Citybooks is nog tot 2 juni te zien in De Brakke Grond in Amsterdam. Behalve stadsfoto's kun je er op koptelefoons ook stadsverhalen beluisteren, van bekende Nederlandse en Belgische schrijvers. Op 7 mei dragen Christiaan Weijts en Ester Naomi Perquin voor uit hun verhalen over Oostende en Boekarest, op 21 mei organiseren de makers van het stedenbouwkundige blog The Pop-Up City een avond rondom de tentoonstelling.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden