Alle schoolkinderen hebben straks een eigen programma

Tegen de tijd dat het 2050 is, voorspelt ex-onderwijsonderzoeker en huidig kamerlid Paul Jungbluth, is het onderscheid tussen school en opvang ’volledig zoek’.

„Je weet dan niet meer wat je kinderen aan het doen zijn. Hebben ze les, zijn ze aan het eten, rijden ze paard?”

Voor elk kind zijn er individuele arrangementen. De een begint om half 8, de ander om half 10, ieder met een eigen programma. Schoolgebouwen zijn er nog wel, zij het veel minder, omdat veel lesstof op elke willekeurige plek via de nieuwste ict-toepassingen aangeboden kan worden. Het woord school raakt overigens in de vergetelheid, omdat leren en opvang zijn vermengd.

Het docentenberoep is dan ’gestandaardiseerd’, vervolgt het GroenLinks-kamerlid. In zijn ogen hetzelfde als geprofessionaliseerd.

„Docenten zullen veel meer dezelfde handelingen gaan verrichten, net als de huisarts, tandarts en chirurg dat nu al doen. Als er een diagnose is, weet een arts wat hij moet doen.” Bij leerstoornissen bijvoorbeeld zijn dan geen discussies meer nodig over wat er moet gebeuren. „De stoornis wordt in een vroeg stadium herkend, omdat het leerproces voortdurend wordt gemonitored - overigens op afstand, zonder dat het kind het in de gaten heeft. Vervolgens wordt er volgens duidelijke richtlijnen gehandeld.”

In tegenstelling tot wat veel docenten denken, redeneert Jungbluth, maakt dit het vak juist boeiender. „De meeste beroepen hebben standaarden. Chirurgen en elektriciens blijven zich toch ook verbeteren in hun vak? Innoveren maakt je beroep juist interessant.”

Als onderzoeker publiceerde Jungbluth veel over segregatie in het onderwijs, over witte en zwarte scholen. Zijn die er nog, in 2050?

„Ik denk dat alles hartstikke multicultureel wordt”’, antwoordt hij. „Kinderen zijn dan ontdekt als een schaars goed, los van hun sociale klasse. Misschien dat de grenzen van sociale en etnische klasse dan wel worden overschreden. Dat zou voor het eerst zijn, ja.”

Wat niet wil zeggen dat de eigen cultuur niet meer belangrijk is, vervolgt Jungbluth. Hij verwacht dat iedere etnische groep „zijn eigen dingen zal behouden”. Bijna als folklore, licht hij toe, een historische hang naar de eigen identiteit.

Jozef Kok, lector aan de Fontys Hogescholen, ziet dit anders. Ook hij verwacht meer integratie, maar tegelijkertijd verwacht hij ook een grotere profilering. „Ik denk dat er én meer gemengde scholen komen, én meer witte en zwarte. Er zullen ook meer scholen met een bepaalde etnische samenstelling komen, bijvoorbeeld met alleen Turkse kinderen, of alleen Surinaamse.”

Deze verwachting hangt samen met de zich doorzettende trend dat er steeds meer variatie komt in het onderwijs. De tijd dat alle scholen op elkaar leken, is definitief voorbij. „Misschien dat er zelfs weer meisjes- en jongensscholen komen.”

De huidige felle discussies over het nieuwe leren, denkt Kok, zullen om dezelfde reden zijn verstomd. „Nu zijn er nog extreme uitersten, maar uiteindelijk zullen er veel varianten zijn in het leren. Veel scholen zullen elementen van het nieuwe leren overnemen, de nuance komt dan vanzelf.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden