All shook up

De rage zou wel snel overwaaien, meenden muziekkenners. Ze konden zich niet voorstellen dat de 21-jarige jongeman uit Memphis, met vettig, lang haar en een boksersneus in een week gezicht, muziekgeschiedenis zou schrijven. Vandaag is het precies 25 jaar geleden dat Elvis Presley overleed. Bij zijn leven koning van de rock-'n-roll, na zijn dood in zekere zin de koning van de waanzin.

Al begin jaren vijftig heerste er morele paniek onder ouders, zielzorgers en pedagogen. De zogenaamde 'asfaltjeugd' liet zich in het straatbeeld gelden. Studies als 'de maatschappelijke verwildering van de jeugd' (1952) legden onvermoed de breuk bloot tussen vooroorlogse ouders en naoorlogse jongeren.

De onrust was al groot. En vervolgens arriveerde, in 1956, de Amerikaanse rock-'n-roll in Nederland, met Elvis Presley als grootste held. Weekbladen als 'Vizier' en het toonaangevende Nederlandse muziekblad 'Tuney Tunes' wisten zich geen raad met deze steen in de kabbelende vijver van de Hollandse amusementsmuziek. Immers, Annie de Reuver, Eddy Christiani en De Skymasters, die konden pas swingen.

Ook de in Nederland populaire predikant Billy Graham en de vermaarde jeugdsocioloog Lamprecht waren geschokt door deze 'Opzwepende vorm van razernij'.

Met zijn verderfelijke rock-'n-roll-religie werd Elvis voor de ouderen het symbool van ongewenste rebellie. Voor de jongeren was hij de lont in een al smeulend kruitvat. Via de rock-'n-roll en zijn ikoon Elvis kwam de emancipatie van een eigen pop- en jeugdcultuur definitief op gang.

Na de bevrijding en de daaropvolgende Marshall-hulp kon Amerika niet meer stuk. Voor de Europese jeugd waren Coca-Cola-limonade, Lucky Strike-sigaretten, Bazooka Joe-kauwgom en filmsterren synoniem aan de Amerikaanse vrijetijdscultuur. De woorden 'hangplek', 'hooligan' en 'popcentrum' moesten nog uitgevonden worden. Met enkele duizenden toestellen was televisie nog een onbeduidend medium. De radio zond hoorspelen en dansorkesten uit.

Dus trok de jeugd de straat op. Maar de Europese binnensteden raakten na de Tweede Wereldoorlog in hoog tempo ontvolkt. Met volle cafés en bioscopen naast lege straathoeken en pleinen werden stadscentra tot doorgangsoorden, een braakliggend, door de jeugd te veroveren terrein.

In Engeland begonnen zich daar rond 1953 al de 'Teds' te roeren. In Frankrijk deden de 'Blousson Noirs' van zich spreken, West-Duitsland kreeg met de 'Halbstarken' te maken, zelfs in Moskou verschenen 'Stilyagi' op het Rode Plein. In Nederland heette deze verwilderde jeugd opeens 'Nozems'. Zo werden ze in 1955 gemunt door journalist Jan Vrijman, die in Vrij Nederland de hangjeugd op de Amsterdamse Nieuwendijk beschreef.

Binnen de kortste tijd bleken alle Nederlandse steden, van Leeuwarden tot Maastricht, bevolkt te worden door nozems. De aanduiding 'tussen tafellaken en servet' kon voorgoed de prullenmand in. Tijdens het tv-programma 'De jeugd van tegenwoordig' spraken journalist Vrijman, pater Leopold Verhagen en de heer Saalborn - docent aan het hoofdstedelijk Barlaeus Lyceum - over het prangende nozemprobleem. Saalborn vatte het samen als: ,,Een antithese tussen het ik en de maatschappij, het compromis zijn ze kwijt''.

De maatschappelijke onrust was inmiddels zo groot, dat twee sociologen aan het werk werden gezet. In 'De jeugd in het geding' (1959) analyseren Krantz & Vercruijsse onder meer de ophef rond de vertoning van 'Rock around the clock'. Achteraf bezien, was dat een oerbrave film waarin Bill Haley & the Comets enkele nummers spelen. Maar de première viel samen met de mondiale doorbraak van Elvis. Ook al kwam Presley in de hele film niet voor, zijn uitstraling en de effecten van het rock-'n-roll-virus deden hun werk.

Krantz & Vercruijsse volgden de reacties op de Nederlanse vertoningen op de voet. Ze noteerden onder andere:

15 september:

Bij vertoningen in Utrecht doen zich pogingen tot herrieschoppen door kleine groepjes voor.

18 september:

Te Utrecht zal de film uit roulatie genomen worden als de jeugd zich niet beter gedraagt.

29 september:

Te Enschede ernstige ongeregeldheden na eerste voorstelling.

20 oktober:

Jeugd te Gouda verontwaardigd, omdat de film zonder muziek gedraaid wordt.

27 oktober:

Politie te Dordrecht veegt de straat schoon.

De ophef was van relatief korte duur. De rel rond de film met Bill Haley werd nog diezelfde maand uit de belangstelling verdrongen door de Engels-Franse inval in Egypte en de opstand in Hongarije.

Maar Elvis liet zich niet zo makkelijk uitwissen. De belangstelling voor Elvis en zijn imitators nam alleen maar toe. Engeland schoof Tommy Steel en spoedig daarop Cliff Richard naar voren als antwoord op de toekomstige 'King'. In Duitsland werd het Peter Kraus, in Frankrijk Johnny Hallyday, in Italië Adriano Celentano.

En Nederland? In 1959 namen 324 kandidaten deel aan de Hollandse Elvis-verkiezingen. Na drie weken voorrondes in de Cinema Royal op de Amsterdamse Nieuwendijk werd Pim Maas tot de officiële Nederlandse Elvis Presley uitgeroepen. De tweede plaats ging naar Ria Valk.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden