Alex van Warmerdam Ik ben geen kenner van mezelf

Alleskunner Alex van Warmerdam (58) heeft een nieuw toneelstuk: 'Bij het kanaal naar links'. Daarin voeren de laatste twee blanke families oorlog met elkaar, terwijl Albanezen het hockeyveld bezetten en de duinen zwart zien van de Afrikanen. Hij is alweer vergeten hoe dat stuk ontstond. "Ik heb een heel slecht geheugen."

Op de stoep van het theaterbedrijf staat een man te roken. Hij heeft wat je noemt een markante kop, met wijduitstaande oren en een mond die zomaar in een sardonische grijns zou kunnen vertrekken. Als een voorbijganger zou struikelen bijvoorbeeld, of als een plotselinge plensbui een met zorg georganiseerd lente-evenement verpest.

Sardonisch, zo typeert regisseur, acteur en schilder Alex van Warmerdam zichzelf. Met tegenzin, want hij is niet dol op zelfreflectie. Ik kan mezelf niet ontleden en verklaren. Ik ben geen kenner van mezelf. Van interviews houdt de kunstenaar dientengevolge ook niet zo erg. Toen ik hiernaartoe reed, dacht ik: waar gaan we over praten? Toch neemt Van Warmerdam min of meer bereidwillig plaats in een vergaderhokje van het gebouw van muziektheatergezelschap Orkater.

Van Warmerdam heeft binnen Orkater zijn eigen gezelschap, De Mexicaanse hond, dat op 12 april in Haarlem z'n dertiende toneelvoorstelling presenteert: 'Bij het kanaal naar links'.

Het absurdistische, prikkelende stuk, geschreven én geregisseerd door Van Warmerdam, is sinds 17 maart al te zien in Antwerpen, in het met rood pluche en goudverf versierde Toneelhuis. De dialogen zijn snel, bits, geestig.

Vader: Ik wou dat ik een plantje was. Dochter: Heeft iemand die gele bikini gezien?

Het toneel is verdeeld in twee kampen: links woont de familie Meyerbeer, rechts de familie Bouwman. Zij vormen de laatste twee blanke families in een gekleurde wereld: in Oost leven Iraanse meisjes, onder de tunnel de Paki's, de lege Gamma zit vol Roemenen, de duinen zien zwart van de Afrikanen en in Zuid bivakkeren de zigeuners.

En die twee laatste blanke families verkeren - hoe kan het ook anders in een door Van Warmerdam bedacht universum - op voet van oorlog met elkaar. Wat sommige personages bezighoudt, is de vraag: Hoe houden we desondanks het blanke ras in stand?

Wat was de kiem van 'Bij het kanaal naar links'?

"Dit is heel moeilijk hè, wat je nu gaat doen: vragen naar het ontstaan van een stuk. Zodra het achter me ligt, vergeet ik altijd de weg ernaartoe."

Achter u ligt? Het stuk is pas net in première gegaan.

"Ik heb nu eenmaal een slecht geheugen. Ik herinner me vaag dat het begon met een viaduct, een standbeeld en matrassen waarop de acteurs moesten liggen, als een soort abstracte zwervers. Maar die zijn er allemaal weer uit verdwenen. Ik ga gewoon zitten, schrijven en veel schrappen. Ik krijg geen ideeën onder de douche of dat soort onzin. Het is gewoon werk, dat is algemeen bekend."

Begint een script bij u misschien met een beeld? U bent immers ook schilder, maakt altijd de affiches voor uw eigen producties.

"Als ik begin aan een voorstelling, dan denk ik eerst aan een leeg toneel. Daar moet het gebeuren, dat is de ruimte die ik moet gebruiken.

"Toen ik ging schrijven aan 'Bij het kanaal naar links', stelde ik me voor wat het einde zou zijn van de volksverhuizing die nu bezig is. Kijk, al die pogingen om de rassen zuiver te houden of mensen buiten te sluiten of slinks weg te doen, dat zijn wanhoopsdaden. Ze zijn onzinnig, want de wereld is van iedereen.

"Ze zijn ook tevergeefs, want als je lang genoeg melk en koffie bij elkaar gooit, krijg je op een gegeven moment één tint. Dat is - als je een beetje verder kijkt dan een paar honderd jaar - onvermijdelijk.

"Dit stuk speelt zich af in een iets eerder stadium, met overal enclaves. Het hockeyveld is een Albanees tentenkamp. Dat leek mij vooral een mooi beeld."

En temidden van die enclaves kwijnt het blanke ras weg?

Dat is eigenlijk ook een mop. Stel je voor dat er werkelijk nog maar een paar blanken zijn, een stelletje losers bij elkaar in dit geval, die de kans om het blanke ras in stand te houden ook nog eens verknallen. Dat vind ik geestig."

In 'Bij het kanaal naar links' draait het - net als in uw andere werk - om familieverhoudingen. Vaders en zonen, moeders en dochters. Waarom inspireren zij u?

"Noem mij eens één toneelschrijver die het niet over families heeft: Shakespeare, Tsjechov, Ibsen, Pinter. Het ligt zo voor de hand, dat je je echt in bochten moet wringen om het niet te doen. Ik heb het wel eens geprobeerd: in mijn film 'De Jurk' zit geen familie. Maar als ik ga nadenken over de verhouding tussen twee vrienden bijvoorbeeld, dan stopt mijn fantasie gelijk. In de familie, daar borrelt het, daar kun je van alles instoppen, zonder dat je het uit hoeft te leggen."

In uw eigen familie borrelt het ook? Uw broer Vincent maakt vaak de muziek bij uw films, broer Marc produceert ze. Jullie vormen een soort familiebedrijf. Is dat belangrijk voor u?

"Met Vincent is de samenwerking heel grillig, met Marc werk ik nauw samen. Hij is de producent, ik de regisseur. Nou en, zou ik zeggen. Het is als vanzelfsprekend ontstaan. Mijn eerste films heb ik met andere producenten gedaan, maar Marc produceerde altijd al mijn toneelvoorstellingen. Toen dacht ik: waarom dan niet ook mijn films? Dan ben ik tenminste echt vrij. Met andere producenten is er toch een klassieke verhouding van achterdocht. Dat heb ik met Marc niet, wij spelen volstrekt open kaart. Kom daar maar eens om in de filmwereld. Dat is een stelletje oplichters bij elkaar."

Stuurt Marc u ook wel eens?

"Hij staat wel degelijk aan de wieg van sommige dingen. Maar plannen van een ander... Het is maar net hoe de wind waait of ik daar iets mee kan. Meestal als iemand anders iets bedenkt, dan klap ik onmiddellijk dicht. Dan voel ik me in een geul geduwd.

"Hoewel het soms ook weer wel kan werken. Dat is onvoorspelbaar eigenlijk."

In het juryrapport van de Johannes Vermeerprijs, die u onlangs ontving, werd u geprezen om uw perfectionisme. Laat u ook wel eens wat los?

"Dat probeer ik wel, maar dat lukt meestal niet. Ik vind dat je het dan opgeeft. Ik zie het heel simpel: een regisseur moet zorgen dat het iets wordt. Dat is zijn plicht. Het is logisch dat ik zeg wat er moet gebeuren en dat zij dat dan ook doen. Als het niet lukt, dan heb je het erover.

"Maar ik blijf toch zeggen dat er ook sprake is van een groep, een ensemble. Mensen moeten zich kunnen uitspreken. De acteurs zijn geen circusapen. Ze hebben wel degelijk een enorme invloed, zetten soms ineens de mise-en-scène op poten. Dat laat ik graag gebeuren, dan ben ik toch niet autoritair."

Uw vrouw, Annet Malherbe, speelt ook in dit toneelstuk weer mee. Regisseert u haar anders dan de andere acteurs?

"Ik denk iets onbeleefder en iets harder. Ik heb de neiging om eerst te zeggen: wat doe je nou, je lijkt wel een oud wijf, wat sta je er nou toch weer stom bij. Of ik zeg na een doorloop dat het bagger was en dat iedereen stond te kloten. Dat is een hele negatieve benadering.

"Dan zegt Annet: je kunt beter meteen zeggen wat er beter kan."

Kost dat u moeite?

"Dat is een kwestie van concentratie: ik moet me van tevoren voornemen om dat negatieve over te slaan. Terwijl het natuurlijk wel lekker is om te zeggen: het was bágger."

Heeft u een allergie, als regisseur?

"Nou... ik merkte wel tijdens deze repetitieperiode dat ik ongeduldig aan het worden was. Ik dacht na twee weken: kunnen jullie het niet gelijk goed doen, dan kunnen we naar buiten, in de zon zitten. Ik denk dat niet alleen over de acteurs hoor, ook over mezelf.

"Soms weet je het helemaal niet. Soms word je wel eens moe van dat gezoek. En ik verlang altijd het meest naar de zon en luieren als ik werk."

Is dat nieuw, dat ongeduld? Een teken dat u met toneel wilt stoppen?

"Dat zou goed kunnen, maar ik geloof dat ik al twintig jaar zeg: dit wordt mijn laatste voorstelling. Maar dan vergeet ik weer hoe moeilijk het was en maak ik er toch weer één.

"Het fijne van film is: als je het hebt, dan heb je het. Theater betekent vooral: iets vinden, zodat het herhaald kan worden."

Uw broer Marc probeert momenteel de financiering van uw nieuwe film rond te krijgen. Wat wordt dat voor film?

"Het script is klaar, het bevat horrorelementen. Het wordt een gecompliceerde film, met effecten erin, en kinderen ook. Organisatorisch moeilijk en duur. Omdat het in Nederland steeds slechter wordt met filmfondsen, zijn we nu bezig met het buitenland. Meer wil ik er nu niet over zeggen."

Critici gebruiken vaak woorden als grimmig, vinnig en bits om uw werk te beschrijven. Voelt u zich daarbij thuis?

"Een Vlaamse site had het over 'traanloos verdriet'. Dat vond ik wel mooi. Maar als je woorden als 'absurd' of 'grimmig' honderd keer leest, dan zeggen ze niet meer zo veel.

"Ze zijn ook stigmatiserend, ze leggen me vast. Het is logisch dat ik daar niks van wil weten. Ik probeer me natuurlijk voortdurend uit mezelf te bevrijden. Ik doe altijd mijn uiterste best om iets te maken waaraan niemand kan zien dat het van mij is. Maar dat mislukt altijd. Dan zeggen ze toch weer: typisch Alex."

Van Warmerdam, de zoon, de man, de vader
Zijn vader was toneelknecht in de Haarlemse Schouwburg, maar kreeg een dienstwoning boven het Concertgebouw. Daar werd, in 1952, Alex van Warmerdam geboren. 'In de slaapkamermuur naast mijn bed zat een klein gaatje en als er 's avonds een concert was, kon ik door dat gaatje de dirigent zien', aldus Van Warmerdam in het dankwoord bij het aanvaarden van de Johannes Vermeer Prijs, staatsprijs voor de kunsten (november 2010). Later, toen zijn vader toneelmeester in IJmuiden werd, kwam het gezin boven de schouwburg te wonen. In IJmuiden richtte vader Peter van Warmerdam het Witte Tejater op, waaruit Hauser Orkater ontstond, het muziektheatergezelschap waarmee Alex van Warmerdam zijn artistieke carrière begon.

Van Warmerdam is getrouwd met actrice Annet Malherbe, die niet alleen de casting van zijn films doet, maar er ook in speelt, net als in veel van zijn theaterstukken. "Zij is mijn kompas",zegt Van Warmerdam, "als ik dreig een doodlopend pad in te slaan." Ze hebben twee zonen, Houk (21) en Mees (26). De jongste is bassist, de oudste drummer, ze zitten samen in twee bands. "Ze maken muziek en verdienen daar niks mee en ze hebben allemaal lulbaantjes om aan hun geld te komen, het zijn een soort neohippies, niet materialistisch, en daarin dus wel zonen van ons." Meer wil Van Warmerdam niet over ze kwijt. Het vaderschap heeft hij 'altijd een vreugde gevonden': "Ik kan het iedereen aanraden, het bevordert enorm je creativiteit. Door de ogen van je kinderen kun je opnieuw naar de wereld kijken. Mijn kinderen zeiden vaak dingen die ik in mijn werk gebruik."

Zijn werk
"Ik ben als kind enorm beïnvloed door de sprookjes van Grimm", zegt Alex van Warmerdam. "De donkere wereld, de grimmigheid, dat griezelen, dat heeft iets heel aanlokkelijks." Zijn speelfilm 'Grimm' uit 2006 verwijst letterlijk naar die bron.

Met zijn eerste grote speelfilm, 'Abel' (1986) veroverde hij direct een groot publiek. Maar liefst 400.000 bezoekers kwamen kijken naar deze pijnlijk geestige film, over de nestblijver Abel (31) die zich oefent in het doormidden knippen van vliegen en zijn vader tot het uiterste treitert. Alleskunner Van Warmerdam schreef het scenario, deed de regie en speelde de hoofdrol. Behalve in 'Grimm' speelt hij in al zijn eigen films mee: als de bemoeizuchtige postbode in 'De Noorderlingen' (1992), de griezelige treinconducteur ('Ik ben normaal!') in 'De Jurk' (1996) en de gefrustreerde ober in 'Ober' (2006). Voor zijn films ontving hij verschillende Gouden Kalveren en internationale filmprijzen.

Zoek eerst een huis en schrijf dan pas het scenario, zo adviseerde zijn broer en producent Marc hem bij zijn laatste film 'De laatste dagen van Emma Blank' (2009). Maar Van Warmerdam schreef toch eerst het script en kon vervolgens geen passend huis vinden voor zijn absurdistische familiedrama. Dus lieten hij en zijn broer bij Bloemendaal een huis bouwen dat precies aan zijn wensen voldeed. Dat was een kick, zegt Van Warmerdam, al had hij die al eerder ervaren. Hij ontwierp ook de decors van 'Kleine Teun' (1998) en 'De Noorderlingen'.

Schilder is hij ook, en romancier, en dichter, en componist, en theaterregisseur. Met De Mexicaanse hond maakte hij dertien theaterstukken, waarin acteurs als Pierre Bokma, Aat Ceelen en zijn vrouw Annet Malherbe vaak meespelen. 'Bij het kanaal naar links' is een co-productie met het Vlaamse gezelschap Olympique Dramatique. Het stuk gaat in Nederland op 12 april in première.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden