Ajax blijft zichzelf misleiden met focus op jeugdspelers

analyse | Zonder steun van ervaren krachten kunnen talenten geen vooruitgang boeken

Na weer een debacle van een weerloos Ajax knaagde al langer de gevoelsmatig oneerbiedige vraag die nu schrijnt, na de uitschakeling in de voorronde van de Champions League tegen Rapid Wien. Hoe is het mogelijk dat al die gerenommeerde oud-spelers in de clubleiding, tot de beste die we ooit hebben gehad aan toe, niet zien waar het wringt? Daarnaast dringt zich steeds nadrukkelijker de gedachte op aan Marco van Basten, de op een na beste die we ooit hebben gehad.

Van Basten keerde zich al in 2008, voordat hij trainer van Ajax zou worden, af van zijn leermeester Johan Cruijff. Grof geschetst wilde Cruijff de jeugdopleiding toen al omvormen, zoals hij dat sinds eind 2010 met zijn zogenoemde revolutie doet - of poogt te doen. Van Basten vond Cruijffs plannen te rigoureus, en oordeelde dat bij Ajax het probleem niet bij de jeugd lag en, belangrijker, dat daar in algemene zin nooit het probleem kan liggen.

Vorige week schreef Van Basten een belangwekkende column in Voetbal International. Nederland houdt zich voor de gek, was de strekking, als het zich - met iets van trots ook nog vaak - blijft voorstellen als een opleidingsland. Het gaat bij topclubs om presteren en niet om opleiden. Wie die illusie heeft, is 'echt de weg kwijt', schreef Van Basten.

Van Basten betoogde dat elke club een team moet samenstellen waarmee naar de maatstaven van zijn niveau in redelijke mate kan worden gepresteerd. Dat hebben Frank de Boer en Ajax in bredere zin dinsdag niet gedaan, en een incident was dat allang niet meer. Ze schonden de voornaamste voetbalwet door een piepjong elftal zonder de essentiële elementen kracht en ervaring te presenteren, in de voorronde van het grootste Europese toernooi nog wel.

De sjablonen zijn bekend: bij Ajax houden ze van jonge, technische spelers. Voor een ander type, spelers die van wanten weten en anderen kunnen sturen, hebben ze minder tot geen oog. Die spelers worden er nooit op waarde geschat. Ze spelen in het doodgecultiveerde positiespel ongetwijfeld wel eens een bal verkeerd, en daar wordt in Amsterdam vanouds meer naar gekeken dan naar wat ze een team wél kunnen bieden.

De Boer leek na vorig seizoen, zijn eerste zonder titel, dan toch de analyse te hebben gemaakt dat het aanhoudende tekort aan weerbaarheid met aankopen moest worden gecompenseerd. Des te merkwaardiger dat met de in het buitenland verzande oud-speler Heitinga en ex-AZ'er Gudelj in dat genre geen onbetwistbare aankopen werden gedaan, en dat Ajax voorlopig (met deze aankopen op de bank) nog jonger en brozer is dan het al was.

Omdat spelers van naam niet in de bescheiden eredivisie willen spelen, zijn Nederlandse clubs aangewezen op speurwerk naar niet of nauwelijks bekende middentwintigers in bijvoorbeeld Oost-Europa. Makkelijk is dat niet, maar ondoenlijk ook niet. Het Zwitserse Basel weert zich met die strategie, in de geest van Van Basten, al enkele jaren verdienstelijk in de Champions League. Maar Ajax geeft er nooit blijk van zo ver en diep te willen zoeken. Sterker blijkt steeds de zelfmisleiding dat het toch (alleen) met de eigen talenten moet kunnen.

Dat heeft De Boer ook nu weer gedacht, en niets wijst erop dat hij op de noodzaak van een inventiever aankoopbeleid heeft aangedrongen. De conclusie moet zijn dat hij Ajax voor zijn niveau, en wat daarop wordt gevraagd, voldoende bewapend achtte. Hoe moeilijk te begrijpen ook, met die ernstige misrekening lijkt hij zichzelf met open ogen te verstrikken. Willens en wetens draait hij verder in de vicieuze cirkel waarin zonder ervaring en kracht geen stap voorwaarts is te zetten, de cirkel waarin hij vorig seizoen al was beland - en eigenlijk nog eerder, al was dat door het falen van de concurrentie deels verbloemd.

Dat nu her en der de vraag al rijst hoe lang dat nog kan duren, is met zo'n perspectief zo vreemd niet - hoe ongemakkelijk het na De Boers vier landstitels mag aanvoelen. Maar een vertrek van De Boer zal niets veranderen aan de kern: dat Ajax wordt geleid volgens inzichten, van Cruijff, die nog steeds geen enkele doorgebroken jeugdspeler hebben opgeleverd en die garant staan voor een onevenwichtige samenstelling van het eerste team, dat eerder tijdens de Cruijff-revolutie in Europa al door clubs als Steaua Boekarest, Salzburg en Dnjepr Dnjepropetrovsk werd uitgeschakeld.

Sterker, en het meest kwalijke en onbevattelijke van al: de talenten die Ajax zo zorgvuldig zegt te willen opleiden, wordt zonder sturende spelers de enige mogelijkheid onthouden om als senior wezenlijke vooruitgang te boeken - zoals De Boer dat ooit zelf kon doen, en aan zijn zijde Ajax' huidige directeuren Edwin van der Sar en Marc Overmars.

En o ja, een ironische lijn nog in de voetbalgeschiedenis. Marco van Basten, die nu zo'n reëel beeld schetst, had vroeg in de revolutie directeur van Ajax kunnen en willen worden. Dat werd tegengehouden door Johan Cruijff.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden