Aimabele couturier deed over mode nooit gewichtig

Vos presenteert de herfstcollectie in 1999. (MARCEL ANTONISSE, ANP) Beeld
Vos presenteert de herfstcollectie in 1999. (MARCEL ANTONISSE, ANP)

De gisteren overleden Nederlandse couturier Edgar Vos werd in de jaren tachtig in de vaderlandse pers steevast omschreven als één van ’de grote vijf’. Evenmin als Max Heymans, Frank Govers, Frans Molenaar en Rob Kröner was Vos vernieuwend, maar de pers volgde hen graag.

Els de Baan

Modeconservator van het Gemeentemuseum Den Haag Madelief Hohé: „Edgar Vos behoorde tot een generatie die nu aan het uitsterven is. Hij was één van de belangrijke couturiers die de begintijd van de stormachtige ontwikkelingen van de Nederlandse couture heeft meegemaakt en er vorm aan heeft gegeven.” Het museum beschikt over diverse stukken van zijn hand. Momenteel bereidt Hohé een op Parijs georiënteerde couture-expositie voor met ook vroeg werk van Vos.

In de jaren vijftig voltooide Edgar Vos de modeopleiding aan de Rietveldacademie en zocht emplooi in Parijs. Dat avontuur was echter van korte duur. Hij opende een hoedensalon in Den Haag, maar met de start van ’Edgar Vos Couture’ in de Amsterdamse P.C. Hooftstraat vestigde hij vanaf 1961 voorzichtig zijn naam als couturier. Mede door de publiciteitsgolf vanwege de metamorfose van zwemster Ada Kok en prinses Christina steeg zijn ster.

De aimabele Vos deed nooit gewichtig over mode. Hij hamerde juist op draagbaarheid. Mode was toegepaste kunst, geen kunst met een grote K. „De persoonlijkheid van de vrouw staat nummer één, dan pas komt de jurk”, was één van zijn lijfspreuken. En Vos vond het belangrijk dat zijn kleding ook bereikbaar was voor minder gefortuneerden. Passend in de trend van de jaren ’70 opende hij een keten boetieks met confectiekleding. Dat was voor een Nederlandse couturier uitzonderlijk. Ook in de huidige Edgar Vos Boutiques hangt nog steeds ’elegante kleding voor alle gelegenheden, vanaf maat 36 t/m 50’. In 2000 stopte Vos met zijn couturecollecties om zich uitsluitend op de confectie te richten. Assistent Paul Schulten nam de coutureklanten over.

Vos’ coutureclientèle bestond vooral uit diplomatenvrouwen, artiesten en politici als Pia Beck, Josephine van Gasteren, Liesbeth List, Martine Bijl en Erica Terpstra. Daarnaast ontwierp hij uniformen, onder meer voor de douane en de bodes in de Tweede Kamer. De Nederlandse Vereniging van Modejournalisten onderscheidde hem in 1994 met de Max Heymans ring.

Vos (links) in 1967 met de herfst/wintercollectie. (FOTO JACQUES KLOK, ANP) Beeld
Vos (links) in 1967 met de herfst/wintercollectie. (FOTO JACQUES KLOK, ANP)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden