Agressieve ellebogencultuur

Woedende Duitse roman over arrogante economische elite

Er is een mooi Duits woord: 'Wucht'. Het betekent kracht, geweld, vaart, maar ook inzet, woede. Als je iets van de roman 'Johann Holtrop' kunt zeggen, dan is het wel dat hij met Wucht is geschreven. Aan elke zin merk je dat de auteur, Rainald Goetz (1954), het verhaal op zijn computer heeft gehamerd - elke letter een klap in het gezicht van zijn held.

Dat klinkt theatraal. Maar voor Goetz is literatuur ook theater. De nogal heftige theaterstukken die hij schreef, maakten hem bekender dan zijn romans. En als hij uit zijn romans voorleest, maakt hij daar theater van. Toen hij ooit voor de Bachmann-prijs optrad, sneed hij zich met een scheermes in zijn voorhoofd en eindigde zijn optreden in een bloedbad.

'Johann Holtrop' gaat nu eens niet over de schrijver zelf en zijn bespiegelingen. Hoofdpersoon Johann Holtrop is een snelle manager uit de jaren rond de eeuwwisseling, met een flitsende carrière, gevolgd door een catastrofale neergang. Dat gebeurde in het echt heel vaak, destijds, maar het werd zelden literatuur.

Goetz doet weinig moeite om te verhullen dat Holtrop is geënt op de omstreden Duitse manager Thomas Middelhoff. Die was eind vorig jaar weer volop in het nieuws. De voormalige bestuursvoorzitter van gigantische bedrijvenclusters als Bertelsmann en Arcandor werd in november tot drie jaar cel veroordeeld wegens verduistering en belastingontduiking. Middelhoffs foto haalde alle Duitse voorpagina's. In zijn zelfgenoegzame glimlach herken je onmiddellijk Goetz' Holtrop. De schrijver heeft voor zijn roman dan ook eindeloos foto's bestudeerd waarop het groepsgedrag van managers te zien is, hoe ze door gebaren en blikken hun machtsposities afbakenen. Goetz blinkt uit in de pijnlijk precieze beschrijving van zulk gedrag.

De roman biedt tevens een genadeloos tijdsbeeld van een euforische epoche. Het verhaal speelt in de jaren van de opgeblazen media- en internetbedrijven, eind vorige eeuw, en loopt door tot en met de financiële crisis vijftien jaar later, toen de kredieten niet langer als manna uit de hemel regenden en de banken de geldsluizen dichtgooiden.

Holtrop is een investeringsgenie en vergeet daarbij niet zichzelf ordentelijk te verrijken. Maar meer nog dan de techniek van de verrijking interesseert Goetz het menselijke, of beter: het onmenselijke aspect daarvan: de genadeloze zelfuitbuiting, de agressieve ellebogencultuur, de verachting voor elke vorm van empathie. Holtrop geniet ervan: "Hij hield van de gekte, het provisorische, de twinkeling in de ogen van de dromers die hem hun bedrijfsvisioenen verkochten, allemaal leugens, maar heerlijke leugens die iedereen geloofde. Economie was eindelijk kunst geworden, de mooiste en grootste speeltuin in de wereld, het kapitalisme lonkte fel en wild als nooit tevoren."

De lezer verbaast zich over de intuïtieve manier waarop Holtrop zich omhoogbluft in de concerns waarvoor hij werkt, waarbij hij puur op zijn onderbuik afgaat en beslissingen neemt zonder echt te begrijpen hoe ze financieel-technisch in elkaar zitten. Economen die de roman bespraken, bevestigden dat Goetz er met zijn weergave niet ver naast zit.

Het opvallendste kenmerk van de roman is echter de woede van de schrijver. Die zat ook al in zijn vroegere werk, maar was toen altijd gekoppeld aan een vertellende ik. Nu is het een onpersoonlijke verteller die zijn eigen hoofdpersoon tot op het bot aan stukken snijdt.

De haat waarmee Goetz deze Holtrop te lijf gaat, is nooit expliciet, de roman is geen pamflet. De emotie van de schrijver gaat op in de toon, de stijl, het ritme, het moordende tempo van Goetz' proza. Daarin spiegelt zich de paranoïde rusteloosheid en de hyperventilerende dadendrang waarmee Holtrop zich door de wereld beweegt. Soms legt Goetz het er een beetje al te dik bovenop, soms lijken zijn nevenpersonages wat al te zeer van bordkarton. Maar dat maakt hij ruimschoots goed met zijn haarscherpe, gedetailleerde, meedogenloze portret van een tijdperk waarin voor een kleine, zichzelf mateloos overschattende economische elite maar één motto gold: meer, hoger, groter, gaver, sneller.

Rainald Goetz: Johann Holtrop. Vertaald door Willy Hemelrijk. Leesmagazijn; 336 blz. euro 19,95

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden