Review

Afro-Amerikanen Bont beeld van barre zwarte werkelijkheid

Gerald Early, red.: Lure and Loathing - Essays on Race, Identity, and the Ambivalence of Assimilation. Allen Lane / The Penguin Press, New York/Londen, 351 blz. - 52,65.

Die was, betoogde de schrijver, W. E. B. Dubois, het gevolg van hun schrijnende ambivalentie, want ze waren zwarten maar tegelijk Amerikanen, mensen met een eigen innerlijke identiteit (het boek heette dan ook 'The Souls of Black Folk') maar tegelijk onderdanen van een andere, blanke, vijandige natie. Hoe konden ze die dubbelheid ooit verzoenen?

Nu, bijna een eeuw later, verschijnt 'Lure and Loathing', dat de vraag van Dubois: wat moet een zwarte mens in het blanke Amerika?, stelt aan een nieuwe generatie van vooraanstaande zwarten, schrijvers, rechters, geleerden, journalisten. Want Dubois is nooit vergeten, hij was van het eind van de vorige eeuw tot aan zijn dood in 1963 op 95-jarige leeftijd, de toonaangevende intellectuele leider van de Amerikaanse negers.

Deze enquete levert een boeiend resultaat op, vol met meningen, die wel duidelijk maken dat er niet zoiets bestaat als een zwarte minderheid, die zich nu nog eensluidend in Dubois' beroemde these zou kunnen herkennen. Het is hier zoveel hoofden zoveel zinnen. Sommigen prijzen Dubois' profetische inzicht en ontkomen vervolgens aan het dilemma, net zoals hijzelf later in zijn leven deed, door zich tegen Amerika uit te spreken en voluit voor Afrika, voor de wortels, de soul.

Zo beweert de schrijfster Kristin H. Lattany dat Amerika het land is van de doodscultuur, van geweld en verwoesting van het milieu, van commercie en oppervlakkigheid, van muziek die duivels destructief de opmars naar de ondergang begeleidt, kortom, het inbegrip van de vreselijke westerse beschaving. Maar volgens de dichter en acteur Stanley Crouch is Amerika het land dat door zijn veelvuldigheid en vitalisme de visie van een nieuwe gevarieerde humaniteit tot werkelijkheid kan maken, dat de negers (hij blijft dat woord ongegeneerd gebruiken) juist daarom een nieuwe kans geeft, want het wordt ethnisch steeds gevarieerder.

Tussen die twee uitersten treft men alle soorten nuances en interpretaties, de boodschap van Dubois wordt daarbij steeds meer naar het verleden verwezen: toen had hij misschien gelijk, nu is alles anders, de variatie van het Amerikaanse leven is te groot voor simpele schema's. Er is, zo blijkt hier overduidelijk, geen samenhangende zwarte identiteit meer. Het woord postmodern wordt gebruikt en blijkt dan zoiets te betekenen als individualistisch, niet meer gebonden aan tradities maar uit op nieuwe ruimten van, ja van wat? Van persoonlijke kansen, van niet ethnisch bepaalde humaniteit? Van variatie in elk geval.

Allerlei verwante kwesties komen daarbij ook aan de orde, zo de positie van de schrijver: in hoeverre geldt voor hem de band met zijn achtergronden? In een mooi essay van Henry Louis Gates Jr. wordt het schrijnende dilemma van James Baldwin behandeld, en hier en daar wordt er een beroep gedaan op de wijsheid van Ralph Ellison. Moet een schrijver een organic intellectual zijn (ik ril als ik de term opschrijf, hij schijnt van Gramsci afkomstig te zijn)? Moet hij 'een van ons' zijn? Of alleen maar zichzelf? Eerst een zwarte of eerst een mens, eeuwige vraag van elke minderheid! Moeten wij zwarten zijn om mensen te worden?

Dat doet aan Vermeylen denken: wij moeten Vlamingen zijn om Europeeers te worden.

Daarmee samen hangt de vraag naar het land van herkomst Afrika. Het is interessant te merken dat niemand in dit boek het romantische beroep op Afrika als oorsprong van de beschaving, dat een halve eeuw geleden nog populair was, meer ronduit verdedigt. De droeve situatie van de Afrikaanse naties heeft daar zeker mee te maken, wordt door een enkele ook genoemd.

Even actueel is het probleem van de naam waarmee een zwarte moet worden aangeduid. Neger mag niet meer, zelfs zwarte wordt al aangevochten, African Americans zegt men liever dan AfroAmericans, en sommigen spreken zowaar van people of color. Dreigt zo niet, merkt iemand op, dat men terug keert naar het vroeger gehate Colored? Een paar opstellen werpen de pijnlijke vraag op naar de verhouding van zwarten en mulatten, tenslotte was Dubois zelf bijna blank, was hij daarom zo bezeten door het vraagstuk van de kleur?

Er is een levende, uiterst gevarieerde zwarte cultuur in de Verenigde Staten, dit boek bewijst het zeer indrukwekkend. Maar de situatie is niet zo helder meer als in de dagen van strijd om gelijke rechten. De droom van Martin Luther King was groots maar de wereld lijkt te verward geworden voor zulke dromen. De zwarte radicalen zelf haalden hem onderuit door hem Martin Luther Queen te noemen en sindsdien dwepen sommigen met Malcolm X, die onlangs in een film vervalst is tot humane heilige, en anderen werken zich omhoog en willen niet meer worden vastgepind op hun kleur en herkomst, maar gewoon mensen zijn.

Als dat in Amerika zou kunnen, zou het inderdaad de mensheid een voorbeeld geven. Maar uit dit boek wordt dat niet duidelijk. Dat blijkt wel uit de emoties die werden losgewoeld door de benoeming een jaar of zo geleden van opperrechter Clarence Thomas. Heel wat medewerkers van dit boek refereren daaraan, voor en tegen. Zo geeft het een bont beeld van de barre werkelijkheid.

Daarom is het ook zo'n goed boek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden