'Afmaken dieren alleen niet voldoende'

Vaccinexpert Ben van der Zeijst roept de overheid op om mensen in risicogebieden in te enten tegen Q-koorts. Want de besmettingen gaan nog jaren door.

Er bestaat een vaccin dat mensen beschermt tegen Q-koorts. Het vermindert de kans op besmetting met zo’n 80 procent. Toch richt de overheid zich bij de bestrijding van de ziekte alleen op geiten en schapen, niet op de mens. Vreemd, vindt Ben van der Zeijst, hoogleraar vaccinatie in het Leids Universitair Medisch Centrum.

„Het afmaken van dieren zal op korte termijn geen eind maken aan de besmettingen van de mens”, waarschuwt de deskundige. „Want de ziekteverwekker, de bacterie Coxiella burnetii, blijft nog jarenlang als belangrijke infectiebron in het milieu aanwezig. Vaccinatie van mensen in de besmette gebieden biedt wél direct bescherming. Het verbaast me dat die mogelijkheid niet wordt genoemd.”

Van der Zeijst wijst naar Australië. Daar wordt het vaccin sinds 2002 toegediend aan risicogroepen, zoals medewerkers van slachthuizen, veehouders en hun familie. Aanleiding was de piek van Q-koorts die Australië in 2002 trof. Vaccinatie van 55.000 personen leidde tot een halvering van het aantal nieuwe besmettingen. Die aanpak verdient navolging in andere landen, concluderen Australische deskundigen deze maand in het wetenschappelijke vakblad Vaccine.

Maar Roel Coutinho, hoofd infectieziektebestrijding bij het RIVM, ziet weinig in het vaccin. „In Australië hebben zich bij acht mensen ernstige bijwerkingen voorgedaan. Dat is vrij veel.” De acht moesten in het ziekenhuis worden opgenomen. Een van hen had een combinatie van kortademigheid en jeukende huiduitslag die als ’potentieel levensbedreigend’ werd aangemerkt.

Voor geitenhouders die op hun werk veel risico lopen, kan het vaccin een oplossing zijn, denkt Coutinho. Maar niet voor de algemene bevolking. Daarvoor vindt hij de kans op besmetting te laag, zelfs in de risicogebieden.

Daar komt bij dat het vaccin pas mag worden toegediend als uit een huid- en bloedtest is gebleken dat iemand de bacterie nog nooit heeft opgelopen. Anders kan het vaccin een allergische reactie veroorzaken. Die testen maken de grootschalige invoering van de vaccinatie onpraktisch en duur, meent Coutinho.

Zijn voorkeur blijft het om de infectie aan te pakken bij de bron: de bacterie. „Ik zou liever zien dat we de bacterie proberen weg te krijgen uit de grond, met ontsmettingsmethoden. Maar Nederland helemaal Q-koortsvrij, dat zal niet lukken.”

Juist om die reden wil Van der Zeijst dat het vaccin serieuzer wordt overwogen. In tegenstelling tot Coutinho vindt hij de bijwerkingen meevallen. De kans op besmetting met de Q-koorts noemt hij ’groot genoeg’ om te vaccineren.

De Gezondheidsraad buigt zich komende week over dit vraagstuk, zodat minister Klink van volksgezondheid een wetenschappelijk onderbouwd advies krijgt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden