Afhankelijk van de context heten de media de vierde of vijfde macht

Afgelopen maandag keerden politici van Denk zich in een filmpje tegen de media, die ze nogal tendentieus typeerden als de 'vierde macht' en 'poortwachters voor de gevestigde orde' die bepalen 'wat jij voorgeschoteld krijgt'.

Klopt dat gebruik van de term vierde macht wel? Immers, het woordenboek omschrijft de vierde macht als de ambtenarij en de vijfde macht als de media.

In de praktijk gebruikt men beide termen om een schaduwmacht te benoemen. Vaak is dat het ambtelijk apparaat, maar het kan ook de vakbeweging zijn, of de kerk, dan wel de media.

Of zo'n schaduwmacht wordt gepresenteerd als de vierde dan wel vijfde macht, hangt af van de context. Als de ambtenarij in een tekst de vierde macht heet, worden andere instanties de vijfde (soms de zesde of zevende) macht genoemd. Maar als in een tekst geen sprake is van het ambtelijk apparaat, wordt de vierde macht voor willekeurig welke andere instantie gebruikt. Meestal de media.

Vermoedelijk heeft het Nederlands de uitdrukking overgenomen uit het Frans. In de negentiende eeuw werd in Nederlandstalige kranten nog niet of nauwelijks gesproken over de vierde macht, maar al wel over le quatrième pouvoir, aanvankelijk ter aanduiding van de pers. Later werd hiermee soms op de Raad van State gedoeld, wat mogelijk aan de basis ligt van de latere identificatie van de vierde macht met de ambtenarij.

Als de vierde macht de media aanduidt, was dat in het verleden vrijwel nooit om die als verlengstuk van 'de gevestigde orde' te presenteren, zoals Denk doet, maar juist als instantie die de andere machten kritisch volgt.

tdb@taalbank.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden