Afghanistan sluit tijdperk-Karzai af, of toch niet?

Afghanen kiezen een nieuwe president, al blijft de huidige nog wel even in beeld

Als de nieuwe president van Afghanistan straks advies wil van zijn voorganger, hoeft hij niet lang naar hem te zoeken. De nieuwe woning van Hamid Karzai, die het land 12,5 jaar leidde, ligt naast het presidentieel paleis in Kaboel.

Dat is meer dan symbolisch. Weliswaar mogen de Afghanen vandaag zorgen voor een democratische wisseling van de macht - voor het eerst in het bestaan van hun land - van Karzai zijn ze waarschijnlijk nog niet af. Veel wijst erop dat de leider vanachter de schermen aan heel wat touwtjes blijft trekken.

Vooral in Washington zullen ze daar niet zo enthousiast over zijn. De Amerikanen hielpen de destijds 44-jarige Karzai in 2001 in het zadel, nadat ze het taliban-regime verdreven hadden. De man leek uitermate geschikt om Afghanistan te gaan leiden: net als de taliban was hij lid van de invloedrijke Pasjtoen-stam, maar hij had zich al vroeg tegen hen gekeerd. Bovendien sprak hij vloeiend Engels en bewoog hij zich makkelijk tussen westerse leiders. Bonus was zijn stijlvolle en in de westerse pers veelbezongen kleedstijl (ontwerper Tom Ford noemde Karzai destijds 'de chicste man van de planeet').

Maar de liefde bekoelde tot er uiteindelijk alleen nog maar onderling wantrouwen over was. De 'schone' Karzai, van wie het Westen dacht dat hij een liberale blik op de wereld had, ontwikkelde zich in de loop van jaren tot een tribale leider bij uitstek. Hij bouwde een indrukwekkend patronagenetwerk op, waarmee hij de loyaliteit van talloze stamleiders en (oud-)krijgsheren wist te winnen.

Dat het zo liep was niet alléén door toedoen van Karzai, benadrukt Martine van Bijlert van het Afghanistan Analysts Network vanuit Kaboel. "Niet alleen Karzai is verantwoordelijk voor het feit dat Afghanistan nog steeds een patronagesamenleving is. De buitenlanders zijn daar evengoed schuldig aan - ook zij hebben met geld mensen aan zich gebonden. Met name de Amerikanen waren meer bezig met de oorlog tegen terreur dan met het opbouwen van een rechtsstaat."

Het patronagesysteem op zich is niet het grootste probleem, vindt Van Bijlert. "Karzai is er heel behendig in geweest om bijna iedereen die er in het land toe deed aan Kaboel te binden. Dit heeft het land in zekere zin bij elkaar gehouden. Krijgsheren die elkaar vroeger bevochten zijn nu politieke of economische rivalen."

Dat is een verdienste van Karzai geweest, vindt Van Bijlert. Minder positief is de geur van corruptie die rond de president kwam te hangen. In de loop van de jaren verdwenen vele tientallen miljoenen dollars aan hulpgelden in de zakken van profiteurs en krijgsheren. Als Karzai zelf niet profiteerde, dan liet hij in ieder geval de kwalijke praktijken overal om zich heen bestaan. (Ook hier heeft het Westen schuld, meent Van Bijlert.) De geldverkwisting die onder Karzai's bewind welig kon tieren, is er mede oorzaak van dat Afghanistan dertien jaar na de val van het taliban-regime, en na investeringen van miljarden dollars nog altijd straatarm is.

Intussen gingen Karzai en zijn westerse steunpilaren elkaar steeds meer wantrouwen. Het ging Karzai tegenstaan dat de buitenlanders deden wat ze wilden in zijn land, zegt Van Bijlert, zonder dat hij hier veel over te zeggen had. Hij stelde zich steeds kritischer op en nam bijvoorbeeld stelling tegen de vele burgerdoden die vielen door Amerikaanse drone-aanvallen.

Uiteindelijk culmineerde Karzai's verzet in een weigering de Amerikanen nog in het land te dulden. Een bilateraal verdrag dat het mogelijk moet maken Amerikaanse troepen na 2014 in Afghanistan te houden, kwam er niet omdat Karzai zijn handtekening er niet onder wilde zetten. Vooral daarom zullen de Amerikanen blij zijn met een opvolger van Karzai - beide kandidaten hebben al toegezegd dat ze het verdrag zullen ondertekenen.

Blijft de vraag of de nieuwe president Karzai's invloed straks moet vrezen. Niet per se, denkt Van Bijlert. "Karzai's leven ligt hier; hij zal ervoor willen zorgen dat zijn netwerk niet in gevaar komt, maar het staat niet bij voorbaat vast dat zijn invloed negatief zal zijn. Die kan ook een stabiliserende werking hebben."

undefined

De keurige bankier

Van de twee presidentskandidaten die het vandaag in de beslissende ronde tegen elkaar opnemen, lijkt Ashraf Ghani Ahmadzai de onberispelijkste. De oud-Wereldbankmedewerker bracht een groot deel van de jaren tachtig (Sovjetbezetting) en negentig (burgeroorlog) in Washington door, en hield zo zijn handen schoon. Vijf jaar geleden probeerde hij ook al president te worden, maar toen faalde hij jammerlijk. Inmiddels heeft Ashraf Ghani bijgeleerd, en speelt hij handig in op de tribale gevoelens van de Afghaanse kiezer. Zo voegde hij 'Ahmadzai' toe aan zijn naam, om duidelijk te maken dat hij tot die substam van de Pasjtoen hoort (de invloedrijkste groep in het land). In de eerste ronde haalde hij 31 procent van de stemmen - kansloos is hij niet.

undefined

De favoriet

Als Abdoellah Abdoellah de verkiezingen wint, zal er waarschijnlijk niet zo heel veel veranderen in Afghanistan. De oogarts-van-huis-uit is bedreven in het tribale spel. Hoewel hij half-Pasjtoen is, ligt zijn machtsbasis bij de Tadzjieken - de tweede groep in Afghanistan. Hij was jarenlang de rechterhand van Ahmad Shah Masoed, de beruchte Tadzjiekse krijgsheer die als enige weerstand bleef bieden tegen de taliban tot die hem op 9 september 2001 vermoordden. Van 2001 tot 2005 was Abdoellah Abdoellah minister van buitenlandse zaken onder Karzai, tegen wie hij het vijf jaar geleden opnam. Hij trok zich terug omdat hij grootschalige verkiezingsfraude vermoedde. In de eerste ronde haalde hij 45 procent van de stemmen, en zo geldt hij als favoriet.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden