Advocaten: Hof ziet ons als ergerlijk obstakel

De oprichting van het Joegoslavië-tribunaal in 1993 werd gezien als een belangrijke stap voorwaarts in de ontwikkeling van het internationaal recht. Maar volgens advocaten die de van zware misdaden beschuldigde verdachten bijstaan, is de werkwijze van het Hof nog verre van ideaal. ,,Dit mag geen spel zijn dat je moet zien te winnen.''

Nicole Lucas en Gertie Schouten

'Hoe kun je dat nou doen?', kreeg Stéphane Bourgon te horen toen hij vrienden vertelde dat hij bij het Joegoslavië-tribunaal advocaat zou worden. ,,Mensen begrijpen niet dat je verdachten wilt bijstaan die van zulke vreselijke dingen worden beschuldigd. Er zal vast wel iets van waar zijn, is de redenering.''

De Canadese jurist is inmiddels bekend met alle facetten van het werk van het tribunaal. Zes jaar werkt hij al in Den Haag. Hij begon op het kantoor van de aanklagers, stapte over naar de rechters om voor de president te werken, en is sinds 2002 bij het tribunaal betrokken als advocaat. Hij verdedigt de Bosnische generaal Enver Hadzihasanovic. Bovendien is hij voorzitter van de vereniging van advocaten bij het tribunaal (afgekort ADC-ICTY), die drie jaar geleden werd opgericht. ,,Mensen vergeten dat iedere verdachte geacht wordt onschuldig te zijn tot het tegendeel is bewezen. Ik geef regelmatig lezingen over het tribunaal en dan vraag ik: denken jullie dat Slobodan Milosevic schuldig is? Ik heb nog nooit meegemaakt dat minder dan 80 procent van de gasten dan 'ja' zei. Mijn vraag is dan: waarom zouden we nog een proces voeren?''

Hoe zwaarder de beschuldigingen, hoe belangrijker de rechten van de verdachten, redeneert Bourgon juist. Het tribunaal heeft al vijf keer ten onrechte mensen laten oppakken. Een cliënt van Bourgon werd met excuses van de rechter na twee weken vrijgelaten. Er bleek sprake van een persoonsverwisseling. Evengoed had de man, een Albanees uit Kosovo, al die tijd zo goed als geïsoleerd vastgezeten in de Scheveningse gevangenis. ,,Je mag niet alleen kijken naar het resultaat, je moet kijken hoe dat is bereikt. Je hebt altijd kans dat je onschuldigen treft.''

Volgens Bourgon is het tribunaal onvoldoende doordrongen van het belang van een goede verdediging. ,,We zijn een van de drie pijlers van het proces. Haal ons weg en er is geen rechtszaak.'' Maar de equality of arms (gelijkwaardige omstandigheden voor verdediging en aanklagers) is voortdurend in het geding, zegt hij. ,,Bij de institutionele opbouw van het tribunaal is geen rekening gehouden met de verdediging. Dat doet zich zowel voelen in allerlei praktische zaken, groot en klein, als ideologische kwesties.''

Equality of arms, benadrukt Bourgon, houdt niet in dat als de aanklager een dollar krijgt, de verdediging daar ook onmiddellijk recht op moet hebben. Maar de financiële verdeling is nu wel heel ongelijk. ,,Veruit de meeste verdachten krijgen juridische bijstand die wordt betaald door het tribunaal. Maar de laatste jaren is er relatief steeds minder geld beschikbaar. Het budget voor de verdediging is niet meer dan zo'n 11 à 12 procent van het totaal.''

Er is voortdurend gesteggel over geld, vertelt Bourgon. ,,Willen we bijvoorbeeld een demograaf inhuren als consultant bij het verhoor van een expert-getuige van de aanklager, dan wil het tribunaal soms wel zijn vlieg-, maar niet zijn verblijfskosten betalen. Het lijken kleine dingen, maar dat zijn ze niet. Ze gaan uiteindelijk ten koste van de verdachten. Anders dan de advocaten hebben aanklagers een enorm onderzoeksapparaat tot hun beschikking.'' Bourgon wijst ook op de werkomstandigheden. ,,In het gebouw van het tribunaal hebben we alleen twee werkkamers. Op ieder moment van de dag zitten er zeker vijftien mensen en op piektijden vijfentwintig tot dertig. We hebben natuurlijk elders onze eigen kantoren, maar dit is wel heel mager.''

Een nog fundamentelere kwestie vindt Bourgon de macht die de rechters hebben gekregen om de procedureregels te veranderen. Aanvankelijk vond hij dat te verdedigen en ook nodig omdat het tribunaal nog van het begin af aan moest worden opgebouwd. ,,Maar nu vinden velen dat het doorschiet. De rechters hebben al tientallen keren regels gewijzigd, soms echt ten nadele van de verdachten.'' Zo werd al vrij kort na de oprichting van het tribunaal de mogelijkheid gecreeërd om getuigen volstrekt anoniem -ook voor de verdachte- hun verhaal te laten doen.

Van meer recente datum is de beslissing dat de hoofd-advocaat van een verdachte een van de twee talen van het tribunaal moet spreken; Frans of Engels dus. Dat is nadelig voor de verdachte. Nu komt ruim de helft van de advocaten uit de Balkan-regio, wat het voordeel heeft dat ze makkelijk met hun cliënt kunnen overleggen en de context van het conflict kennen. ,,En gaandeweg werd het recht van advocaten ingeperkt om tussentijds in beroep te gaan tegen besluiten van de rechter: ze moeten diezelfde rechter daarvoor nu eerst toestemming vragen'', aldus de Canadees.

,,Lang voor een proces begint krijg je onbelangrijk materiaal en op het allerlaatste moment komt de aanklager over de brug met wat er echt toe doet'', klaagt de Amerikaan Michael Karnavas, advocaat van de Bosnisch-Servische oud-kolonel Vladoje Blagojevic. Al in een artikel uit 1996 waarschuwde hij -hoewel hij nog geen praktijkervaring had met het Haagse Hof- voor de onevenwichtigheden van het in hoog tempo uit de grond gestampte tribunaal. Hij wees toen onder meer op de regel dat de aanklager pas uiterlijk 30 dagen voor de start van een proces alle stukken hoeft te overhandigen aan de verdediging.

Aanklagers maken misbruik van die regel, vindt Karnavas nu. ,,De processen hier zijn zeer complex en gaan over enorm veel materiaal. En dan krijg je op de valreep 15000 pagina's op je bureau. Als je klaagt, zeggen ze: dan laat je je co-counsel (assisterend advocaat) het toch lezen. Maar als je het goed wilt doen, moet je het zelf doen.''

Voor de aanklagers lijkt de rechtszaak een spel dat je moet zien te winnen. Maar dat mag het niet zijn, zegt Karnavas. ,,Het gaat hier niet om gewone misdaden. Het zijn historische processen, waarbij het van belang is dat de waarheid op tafel komt.''

De ervaringen in zijn 'eigen' proces -waar het momenteel wachten is op de rechterlijke uitspraak- stemmen hem somber. Vladoje Blagojevic was in eerste instantie samen met drie anderen aangeklaagd wegens de massamoorden in Srebrenica. Twee sloten een akkoord met de aanklager. In ruil voor een gedeeltelijke schuldbekentenis en de belofte te getuigen -dus ook tegen de cliënt van Karnavas- liet de aanklager een deel van de aanklacht vallen en eiste een lagere straf.

Maar tijdens een kruisverhoor van een van hen, Momir Nikolic, bleek die te hebben gelogen om een overeenkomst met de aanklager te krijgen. Verdachten worden niet op basis van feiten schuldig verklaard, maar op grond van 'voorgebakken constructies' waarvoor de aanklagers kritiekloos bewijs gebruiken dat in hun straatje past, fulmineerde Michael Karnavas tijdens zijn slotpleidooi. Rechters zijn niet kritisch genoeg over dit soort deals, constateert hij -al kreeg Nikolic uiteindelijk een veel hogere straf dan geëist.

Karnavas is wel zo eerlijk toe te geven dat de advocaten ook niet altijd zonder zonden zijn, of zijn geweest. In de begintijd zijn er incidenten van misbruik van tribunaalgelden geweest. Het blazoen van de verdediging is verder bevuild door de verboden praktijk van het zogeheten fee splitting, waarbij advocaten aan verdachten een deel van hun -voor niet-westerse juristen hoge- salaris doorschuiven in ruil voor het recht hen te verdedigen. Bourgon denkt dat het twee keer is voorgekomen, maar ingewijden zeggen dat het vaker gebeurt.

Ook hier zijn de regels van het Joegoslavië-tribunaal mede de oorzaak van de problemen, vindt Michael Karnavas. Die stelden vooral de eerste tijd nauwelijks eisen aan de ervaring van aspirant-advocaten. ,,Vrijwel iedereen wordt geaccepteerd. En dat ging soms ten koste van de kwaliteit.'' Volgens Bourgon is daar echter inmiddels niets meer op aan te merken, ook niet bij de advocaten uit de regio op wie volgens hem nogal wordt neergekeken.

Beide advocaten constateren dat de verdediging in een eenzame positie verkeert, zowel binnen als buiten het tribunaal. Karnavas: ,,De publieke opinie begrijpt nauwelijks waarom je veronderstelde criminelen zou willen verdedigen. En mensenrechtenorganisaties maken zich niet druk om de rechten van degenen die als monsters worden gezien.'' En Bourgon zegt: ,,Het gebrek aan publieke controle op de rechtszaken bij het Joegoslavië-tribunaal is een probleem.'' Waar in Nederland publiek en politiek het proces tegen de militair Eric O. nauw volgden, kunnen aanklagers en rechters onopgemerkt hun gang gaan.

Bourgon betreurt dat ten zeerste. ,,Dit hof is het beste dat het internationale recht had kunnen overkomen. Het maakt duidelijk dat staatshoofden niet wegkomen met ernstige misdaden. Maar als je de rechten van de verdachten niet serieus neemt, loop je het risico op een terugslag.''

Karnavas drukt zich nog sterker uit. ,,De verdediging is het stiefkindje. We worden behandeld als een ergerlijk obstakel.'' Het ondergraaft de geloofwaardigheid van het tribunaal, vindt hij. ,,Denk aan de processen van Neurenberg, dat was een ramp. Werden de juiste mensen veroordeeld? Waarschijnlijk wel. Kregen ze een eerlijke rechtszaak? Absoluut niet. En juist dat weten we nu nog. Hier in Den Haag doen ze hun best, maar als ik een rechtszaak heb in New York, dan ligt in detail vast wat iedereen mag en moet doen. Hier is dat totaal anders. Er is nog een lange weg te gaan.''

Bourgon kan dat alleen maar beamen. Met zorg beziet hij de ontwikkelingen rond het Internationaal Strafhof, dat eveneens in Den Haag is gevestigd, maar anders dan het tijdelijk bedoelde Joegoslavië-tribunaal een permanent karakter heeft. ,,Er is daar net zo weinig aandacht voor de verdediging. Voor de verdere ontwikkeling van het internationaal recht is dat een slechte zaak.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden