Advocate: Druk op artsen om snel uit te zetten is te groot

Er wordt getwijfeld aan de oprechtheid en onafhankelijkheid van BMA-artsen, die zieke vluchtelingen keuren. „Ze kijken niet verder dan hun medische neus lang is.”

Rob Pietersen

De kritiek is niet nieuw. Artsen van het Bureau Medische Advisering zouden zich bij het beoordelen van medische dossiers van asielzoekers te veel laten leiden door de Immigratie- en Naturalisatiedienst.

In maart 2004 presenteerde de commissie-Smeets een rapport over de medische mores in het vreemdelingenbeleid. Smeets constateerde later dat er maar weinig met zijn aanbevelingen is gedaan. Ze waren politiek ook niet zo sexy: „Het belang is een keiharde asielpolitiek en dat gaat wel eens ten koste van humanitaire waarden.”

De commissie deed veertien aanbevelingen aan het kabinet. Vier werden overgenomen, twee gedeeltelijk. De rest werd naar de prullenbak verwezen. „Er lag een weldoordacht rapport. We zijn niet over één nacht ijs gegaan”, zei Smeets. „We hebben gezocht naar een streng, maar wel rechtvaardig en menselijk beleid.”

Uit de rapportage van maart 2004: omdat het BMA onder de IND en daarmee onder het ministerie van justitie valt, lijkt er sprake van belangenverstrengeling. Daarom moet het BMA zelfstandiger en onafhankelijker worden.

De Kamer oordeelde in oktober 2006 dat het wel goed zat met die onafhankelijkheid. Dat gebeurde na een rapport van de Inspectie voor de Gezondheidszorg, dat minister Verdonk van vreemdelingenzaken en integratie verdedigde.

Daarmee verstomde de kritiek echter geenszins, zo blijkt uit lopende rechtszaken en de klachten bij het medische tuchtcollege. Ook grote organisaties als Vluchtelingenwerk en Amnesty International betwijfelen de conclusies van Verdonk. „Wij zetten nog steeds onze vraagtekens bij de objectiviteit van de BMA-artsen”, zegt een woordvoerster van Vluchtelingenwerk. „Ze werken ontzettend slordig. Ze negeren relevante informatie en adviezen van specialisten”, klaagt vreemdelingenadvocate Stans Goudsmit.

„Er bestaat een verschil tussen de rol van behandelend arts en adviserend arts”, reageert een woordvoerder van het ministerie van justitie. „Artsen van het BMA beperken zich tot het beoordelen van de medische situatie en de aanwezige behandelmogelijkheden in het land van herkomst, alsmede de reismogelijkheden van een vreemdeling. Hierover wordt medisch advies uitgebracht. Een IND-medewerker neemt vervolgens mede aan de hand van het advies een besluit. BMA-artsen zijn dan geen partij meer”, aldus Justitie.

De druk van de IND op BMA-artsen is te groot, zegt Goudsmit desondanks. „Alles is gericht op uitzetten en op de angst voor aanzuigende werking. De angst dat heel Afrika hier straks voor medische zorg naartoe komt.”

Advocaat Marco Zwagerman moet nu voor het medische tuchtcollege indirect de conclusies van de Inspectie aanvechten. „Het systeem is fout. BMA-artsen vullen keurig de vraagjes in, maar ze kijken niet verder dan hun medische neus lang is. Ze denken niet na over de gevolgen. Het gaat om geld verdienen, niet om de gezondheid van mensen.”

Advocate Goudsmit diende bij de Nationale Ombudsman overigens ook een klacht in tegen de IND en het BMA. „De procedures mogen officieel een half jaar duren. In de praktijk duurt het veel langer. Daardoor komen vluchtelingen in problemen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden