Advies: Sta Down-test toe

In de huidige situatie bestaat de screening uit twee fasen. Het vervolgonderzoek (2) komt in beeld wanneer de combinatietest (1) een kans geeft van één op 200 of hoger op een afwijking zoals Down, op het moment van de test.Beeld Trouw

Zwangere vrouwen die willen weten of hun kind het syndroom van Down heeft, moeten in Nederland gebruik kunnen maken van een DNA-bloedtest. Dat staat in een advies dat de Gezondheidsraad vandaag aan minister Schippers (VVD, volksgezondheid) overhandigt.

Voor het uitvoeren van de zogeheten non-invasieve prenatale test (Nipt), die relatief nieuw is, was tot nu toe geen toestemming in Nederland. Vrouwen wijken daarom uit naar België, waar de methode sinds januari wordt aangeboden. De test kan uit het bloed van de moeder informatie halen over het DNA van de foetus, door onder meer te kijken naar chromosoom 21, dat Down veroorzaakt. Dergelijke testen liggen gevoelig, omdat sommigen vrezen dat door deze testen het aantal abortussen van Down-kinderen zal toenemen.

Minister Schippers vroeg in mei de Gezondheidsraad om advies over Nipt, nadat het VU medisch centrum in Amsterdam namens alle academische ziekenhuizen om een vergunning had gevraagd. De raad adviseert nu een proefperiode van twee jaar. Maar anders dan in België, waar iedere zwangere vrouw de test kan doen, wil de Gezondheidsraad de Nip-test onderdeel maken van het bestaande screeningprogramma. Dat bestaat nu uit een combinatie-test (tot week veertien), eventueel gevolgd door een vruchtwaterpunctie of vlokkentest. Als uit de combinatietest blijkt dat de kans op Down groter is dan één op tweehonderd, kan een vruchtwaterpunctie of vlokkentest definitief uitsluitsel bieden.

De huidige procedure is niet zonder risico. Bij een vruchtwaterpunctie of vlokkentest wordt een naald door de buikwand of een slangetje door de baarmoedermond naar binnen gebracht. Het vlies rondom de foetus kan hierdoor beschadigen, er kan vruchtwater verloren gaan of er kunnen bloedingen optreden. De kans op een miskraam neemt toe met 0,5 procent. Op 6500 jaarlijkse testen zou het in Nederland dus om zo'n dertig te vermijden miskramen gaan.

De Gezondheidsraad stelt voor om Nipt als tussentest te introduceren. Als uit de combinatietest blijkt dat er een gerede kans op een afwijking is, dan kan Nipt uitsluitsel geven. Maar omdat de test bij vijf op de honderd vrouwen ten onrechte op een afwijking wijst, moeten ouders die op basis van Nipt overwegen de zwangerschap af te breken, toch alsnog een vruchtwaterpunctie of vlokkentest doen, vindt de Gezondheidsraad. Overigens is er ook een minieme kans (0,03 procent) dat de test ten onrechte een kind zonder Down voorspelt.

De Gezondheidsraad wil niet, net als in België, de Nip-test aanbieden aan alle vrouwen, ongeacht hun risicoprofiel. Als bij een veel grotere groep vrouwen naar een afwijking gezocht moet worden, daalt de betrouwbaarheid van de test drastisch.

De kans dat minister Schippers het advies naast zich neerlegt, is klein. Adviezen van de Raad worden in de regel opgevolgd. In februari noemde ze de Nip-test in de Tweede Kamer nog 'veelbelovend.' Of en voor wie de test vergoed wordt, moet het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) uitmaken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden