Adam, Eva en hun naakte schaamte

Jood, christen en moslim hebben één voorouderpaar: Adam en Eva. Tot in alle uithoeken van de wereld vertellen ze oude en nieuwe verhalen over hen, signaleert Mineke Schipper. Maar hoe komt het dat niemand meer bloot loopt, zoals Adam en Eva deden? En waarom heeft het Vaticaan een lade vol marmeren penissen?

Waar lag het paradijs? Was Adam besneden? Hadden Adam en Eva een navel?

Vragen waar de Bijbel en later de Koran geen antwoord op boden, stelden Joden, christenen en moslims door de eeuwen heen. Hadden ze seks in de Tuin van Eden of begon die bezigheid pas nadat ze uit het paradijs verjaagd waren? Hoe kwam Satan het paradijs in? Zagen Adam en Eva er anders uit nadat ze Gods gebod overtreden hadden? Hebben ze nooit geprobeerd om naar het Paradijs terug te gaan?

Wereldwijd zijn er antwoorden op zulke vragen gegeven. En afbeeldingen gemaakt over de bedekking van het menselijk lichaam. Daarbij speelt nu eens niet de hoofddoek maar het vijgenblad een cruciale rol.

Volgens een rabbijnse tekst ontdeed God na de zondeval Adam van zijn hemelse kleren en Eva van haar rechtschapenheid. Soms vindt Eva nergens bruikbare bladeren om haar schaamte te bedekken. In een islamitisch verhaal komt God zelf tussenbeide en laat het vijgenblad zich pas plukken na dat hoge bevel. Sommige vertellers vermelden dat Adam en Eva, net als de dieren, oorspronkelijk gehuld waren in een harige vacht die hun hele lijf bedekte. Al dat haar verdween zodra ze van de verboden vrucht hadden gegeten.

Het verlies van het paradijs begon ermee dat planten, bomen en dieren, en alle goede dingen van het paradijs Adam en Eva gingen boycotten, zoals in dit islamitische verhaal:

Alle schepselen in de tuin werden vijandig, de zijden tent [waar Adam en Eva in het paradijs in woonden] ging dicht, ze konden er niet meer in, en Maimoen, Adams paard, weigerde hem als berijder. Daarom konden ze niet van de plaats van hun zonde wegvluchten. Adam raakte verstrikt in slingerplanten, terwijl Eva's gezicht verward zat in haar slordige haren.

Op weg naar de uitgang van het paradijs moest de naakte Adam eerst nog langs rijen engelen die hun vernietigende blikken op hem richtten. Ze maakten kritische opmerkingen, terwijl Adam om genade smeekte, en bleef roepen dat wat hij gedaan had voorbestemd was, en dus onvermijdelijk:

De engelen staarden Adam in zijn naaktheid aan, verbijsterd van schrik. 'Onze God, onze Heer,' zeiden ze, 'is dit Adam, het wonder van uw schepping? Wat is hij schriel en klein! Maak hem niet eeuwig, maar wees hem genadig, o Meest Barmhartige.' Daarop legde Adam zijn rechterhand bovenop zijn hoofd en zijn linkerhand op zijn navel, en de tranen stroomden als rivieren langs zijn wangen.

Joodse, christelijke en islamitische schrijvers en kunstenaars weefden hun favoriete visies mee in de overlevering. In het bijbelverhaal waren de eerste mensen in de Tuin van Eden bloot zonder zich daarvan bewust te zijn, maar op afbeeldingen ligt dat vaak anders. Ook sterven Adam en Eva niet meteen na het eten van de verboden vrucht. In plaats daarvan krijgen ze van hun zorgzame God kleren van dierenvellen - in plaats van de vijgenbladeren waarmee ze eerder haastig hun pas ontdekte eigen schaamte verhuld hadden. In de Bijbel staat: 'God, de Heer, maakte voor de mens en zijn vrouw kleren van dierenvellen en trok hun die aan.' Op een middeleeuwse afbeelding (rechtsonderaan deze pagina) hangt God zelf berenvellen om hun schouders. Een duidelijk gebaar van vergevingsgezindheid.

Waarom stierven Adam en Eva niet ter plekke bij het eten van de verboden vrucht, zoals God gezegd had? De uitleg is dat ze inderdaad doodgingen zodra ze hun oorspronkelijke engelenlichaam kwijtraakten. Sommige rabbi's zagen die eerste kleren niet als aparte kledingstukken, maar als mensenvlees dat de 'stralende kleren van glorie' in de Tuin van Eden van nu af aan verving. In plaats van hun onvergankelijke kleren van licht kregen ze kleren van 'vergankelijke huid'.

In joodse bronnen lijkt het kledingaspect niet meer dan een detail, maar in vroege christelijke verhalen kregen Adams 'kleren van glorie' een prominente plaats. Bij het doopritueel op Paasmorgen moest de christen zijn kleren uittrekken en in water worden ondergedompeld. De doop legde met dit kledingritueel een verbinding tussen het paradijsverhaal en de dood en opstanding van Jezus Christus. De dopeling kreeg als 'nieuwe mens' een wit doopgewaad. Symbolisch legde zo'n kersverse christen de kleren af die hij van Adam geërfd had en trok hij alvast de kleren aan die de doop hem beloofde en die hij later bij de opstanding zou dragen - de kleren van de onsterfelijkheid die hij door de zondeval van Adam kwijtgeraakt was. Het verhaal van de christen werd zo het omgekeerde verhaal van Adam. Het einde hervat hier de volmaaktheid van het begin. Zowel in joodse als in christelijke uitleg lijkt terugkeer mogelijk naar een eeuwig paradijs - dat al dan niet samenvalt met de Tuin van Eden. En dat geldt ook voor de islam.

In westerse verhalen en afbeeldingen krijgen de eerste voorouders meestal pas na de zondeval hun eerste kleren aan. In oosters-orthodoxe en islamitische context dragen ze in het paradijs vaak prachtige gewaden die ze verliezen zodra ze eruit gezet worden: de volmaakte paradijsbewoner gereduceerd tot mens. Op christelijke Ethiopische fresco's en schilderijen zijn Adam en Eva in het paradijs chic gekleed en dragen ze ook vaak een kroon op het hoofd. Dat gebeurt maar weinig in middeleeuwse westerse kunst.

Geleidelijk ontwikkelden zich in de drie godsdiensten vanaf de Middeleeuwen variabele scènes die elkaar opvolgen als een stripverhaal vanaf de schepping tot aan de gevolgen van de zondeval. Een beroemd joods voorbeeld komt uit de Sarajevo Hagada, een boek met vier afbeeldingen van Adam en Eva op één pagina. Rechts bovenaan rijst Eva omhoog uit de zij van de slapende Adam, zonder dat God haar hier een handje helpt, zoals vaak op christelijke afbeeldingen te zien is. Links van die eerste scène neemt Eva, aangespoord door de slang in de boom, een hap van de appel. Op de twee afbeeldingen daaronder staan rechts Adam en Eva met vijgenbladeren voor zich, terwijl lichtstralen 'van boven' de stem van God suggereren. Vlak voor hun voeten kruipt de gestrafte slang door het stof in de richting van de laatste scène waar Eva staat te spinnen en Adam in de grond hakt. Een verschil met westerse christelijke afbeeldingen is hier niet alleen de volgorde, van rechts naar links net als bij Hebreeuws schrift, maar vooral ook de afwezigheid van de schepper. Uit eerbied spreken joden de naam van God niet uit en afbeeldingen van de schepper zijn taboe.

In westerse christelijke kunst werd Eva geleidelijk voorgesteld als een aantrekkelijke vrouw met lang haar en Adam als een stoere goedgebouwde man, vaak met baard en snor. In het paradijs zijn ze meestal naakt. Soms is ook de islamitische Adam naakt in de scène waar op Gods bevel engelen de pas geschapen Adam aanbidden.

Op een twintigste-eeuwse Ethiopische christelijke afbeelding dragen Adam en Eva lange gewaden en een kroon op het hoofd, voordat ze van de vrucht gegeten hebben. Ze zien eruit als de welgestelde bruid en bruidegom bij het kerkelijk huwelijk in de Ethiopische traditie. Hun superieure kleding in het paradijs drukt uit dat zij heersers waren over alle dieren en de kroon op hun hoofd is het symbool van hun koningschap. Ook de zakdoek in hun hand wijst op status. Dit fresco van de kunstenaar Gebre Gebreiyesus in de Orthodoxe Enda Iyesus-kerk van Aksum in Ethiopië brengt linksboven het verhaal van Satan in beeld die het paradijs in komt door zich in de slang te nestelen. Rechts daarvan komt Adam in beeld, koninklijk gekleed. De tekst zegt: [Hier is afgebeeld] 'hoe onze vader Adam een naam heeft gegeven aan alle dieren van de zee en van het land en van zijn huis en hoe Satan hem toesprak door de mond van de slang, en onze vader Adam bedroog door de woorden van de slang.' Het verhaal verplaatst zich vervolgens naar Adam en Eva in het paradijs, allebei in voorname kleren: [Hier is afgebeeld] 'hoe onze vader Adam en moeder Eva in de Tuin van vreugde waren.' In de scène eronder is te zien 'hoe de slang Eva verleidde' en 'hoe de kleren van licht van vader Adam en moeder Eva werden afgenomen vanwege hun bedrog.' Links daarnaast worden Adam en Eva beschaamd weggestuurd door een prachtig aangeklede engel met een aureool om zijn hoofd (een detail is hiernaast te zien). In de laatste scène zien we 'hoe God Adam en Eva en de slang vervloekt heeft.' Hun kleren en waardigheid zijn verdwenen.

Op een veel oudere Ottomaanse afbeelding uit Istanboel (ca. 1610, te zien op de voorzijde van dit katern) hebben de deftige kleren die Adam en Eva in het paradijs droegen al plaats gemaakt voor rokjes van bladeren. Bedremmeld lopen ze hand in hand het paradijs uit. De gevolgen van het overtreden van Gods gebod zijn duidelijk. Toch behouden ze hier hun aureool. Het verhaal zegt dat het licht Adam ook na zijn overtreding niet in de steek had gelaten.

Kuisheidshalve bedekken westerse christelijke kunstenaars soms het geslacht van Adam en Eva al met takken, bloemen of bladeren, als die twee nog onschuldig en onbewust van hun naaktheid in het paradijs horen rond te lopen. Op een reliëf aan de voorgevel van de Notre Dame in Parijs ligt Adam al getooid met een vijgenblad te slapen op het moment dat God Eva uit zijn zij tevoorschijn laat komen.

In 'Musées secrets', een documentaire uit 2008, vertelt kunstenaar Jean-Jacques Lebel dat hij een uitnodiging kreeg om in het Vaticaan werken te zien die gewoonlijk niet getoond worden, waaronder een aantal meubels met tientallen laden. En wat zat er in die laden? Mannelijke geslachtsdelen afkomstig van marmeren beelden die later van een passend marmeren vijgenblad voorzien waren. Uit schuldgevoel over dit vandalisme heeft het Vaticaan de marmeren penissen niet weggegooid. Er werden etiketten opgeplakt waarop staat bij welk beeld ze hoorden en ze verdwenen in laden. Bij verschillende kunstwerken is Adams natuurlijke staat pas later kuisheidshalve door vijgenbladeren bedekt.

Dat overkwam in ieder geval Masaccio's beroemde fresco 'De verdrijving van Adam en Eva uit het paradijs' (ca. 1425) in de Brancacci Kapel in Florence. Het gebeurde laat in de zestiende eeuw, op verzoek van Cosimo III de Medici, die naakt weerzinwekkend vond. Tijdens de restauratie in de jaren 1980 zijn deze bladeren weer verwijderd en is het fresco in originele staat hersteld. Op deze en andere afbeeldingen grijpen Adam en Eva soms desolaat naar hun hoofd, ze verbergen hun gezicht beschaamd in hun handen of houden schuldbewust hun vijgenblad voor zich.

Maar wat gebeurde er met die - vijf volgens een Turks verhaal - vijgenbladeren waarmee Adam en Eva hun eerste schaamte bij het vertrek uit het paradijs bedekt hadden? Na zonsondergang werd een ervan opgegeten door het hert. Het veranderde in muskus. Een ander blad werd opgegeten door de os en dat werd amber. Een bij at een blad op; daaruit ontstond de honing. De rups at er een op en zo kwam er zijde. En Adam plantte er een in de grond en dat blad werd de katoen. De lijkwade van al zijn afstammelingen zou van katoen gemaakt worden tot aan de Dag van het Oordeel.

Mineke Schipper is emeritus hoogleraar interculturele literatuurwetenschap. Dit is een bewerking van een hoofdstuk uit haar deze week verschenen boek 'Overal Adam en Eva. De eerste mensen in jodendom, christendom en islam' (uitgeverij Bert Bakker, ISBN 9789035136458).

Nog altijd ontroert en schokt het naakt van den beginne
Eeuwenlang ervoeren westerlingen een afgebeelde naakte man of vrouw als schokkend. Kijken naar naakte figuren uit de mythologie kon wel - want die bestonden niet echt. Adam en Eva wel. Toch bleek hun naaktheid aanvaardbaar, omdat die conform het bijbelse verhaal was.

In de christelijke Middeleeuwen werden Adam en Eva vóór de zondeval vaak geslachtloos voorgesteld. Hun blote verschijning werd niet afgekeurd, want die diende tot lering. De begrippen naakt en wellustig vielen dan ook niet noodzakelijk samen. Vanaf de twaalfde eeuw kregen kunstenaars meer inzicht in de menselijke anatomie en aandacht voor de schoonheid ervan. In de Renaissance begon de kerk in Europa vrijer te staan tegenover grote naakte afbeeldingen. Rond 1600 gingen kunstenaars in het Westen het seksuele element benadrukken.

Naaktheid in de kunst kan nog altijd confronterend overkomen, schaamte oproepen, of erotiserend werken, en daarom tot taboe verklaard worden. Anderen raken juist ontroerd door het naakte lichaam - een emotie die gepaard gaat met weemoedig verlangen naar een nog niet verloren paradijs.

Af en toe vlamt ook vandaag het vuur van de emoties rondom Adam en Eva nog hoog op. De eerste voorouders zijn rijk vertegenwoordigd op YouTube waar ze soms als homosterren worden voorgesteld. Amerikaanse tegenstanders van homoseksualiteit protesteren heftig tegen dat idee met T-shirts waarop staat:

God made Adam and Eve, not Adam and Steve.

Een paar jaar geleden berichtte de India Times

over een incident in Islamabad, waar woedende Pakistaanse geestelijken de dood eisten van de maker en uitgever van foto's van Adam en Eva.

De religieuze leider Abdul Aziz van de Rode Moskee vaardigde een fatwa uit. In zijn vrijdagpreek riep hij dat ze godslastering hadden begaan 'tegen Hazrat Adam, de eerste profeet van Allah de Almachtige, en zijn vrouw Amma Hawwa, door hen halfnaakt af te beelden'.

Ze stonden daar in hun naaktheid, beschaamd. Adam probeerde bladeren van de bomen te verzamelen om hun lichamen mee te bedekken, maar hij hoorde de ene boom na de andere zeggen: 'Daar heb je de dief die zijn Schepper heeft bedrogen. Nee, blijf van mijn bladeren af.' Alleen de vijgenboom gaf hem toestemming om van zijn bladeren te plukken. Dat kwam doordat de vijg zelf de verboden vrucht was. (Hebreeuws)

Adams kroon vloog van zijn hoofd, zijn ringen kronkelden van zijn handen af, en alles wat hij en Eva aan hun lijf hadden viel van hen af - kleren, juwelen en sieraden. Die vlogen weg en schreeuwden om de beurt: 'O Adam! O Eva! wij hadden met God afgesproken alleen maar gehoorzame, nederige dienaren te kleden. De parels in Eva's vlechten vielen eruit en de gordel om haar middel ging open en zei: 'Laat je verdriet groot zijn en je rouw van lange duur.' Toen hadden ze niets meer aan hun lijf en ze begonnen zich vlug met bladeren te bedekken. (Arabisch)

Adam was naakt en rende alle kanten op, beschaamd als hij was tegenover de hemelbewoners. Daarop nam hij drie bladeren. Van het ene blad maakte hij een deken, van het andere een tulband en van het derde, een lendendoek. (Javaans)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden