Actieplan nodig voor het 'jongensprobleem'

©Thinkstock

Jongens doen het op school veel slechter dan meisjes. Scholen en ouders zien het, toch gebeurt er tot nu toe weinig.

Ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is. Zo is het ook in het onderwijs. De ene leerling - vaak een meisje - is goed in taal en leert via overleg. De ander - vaak een jongen - leert door dingen uit te proberen of vervult opdrachten beter als er een prijs valt te winnen. Het is goed dat er de laatste tijd meer aandacht komt voor het verschil in leerstrategieën tussen jongens en meisjes. Zelfs al is het wel eens wat te veel Mars tegenover Venus, het helpt om hen beter te begrijpen.

Ook in de discussie over de achterblijvende schoolprestaties van jongens worden de kwaliteiten van jongens en meisjes onder de loep genomen, en de verschillen uitvergroot.

Het 'Jongensprobleem' was onlangs zelfs het onderwerp van een groot opiniestuk van publicisten Asha ten Broeke en Dylan van Rijsbergen (Podium, 9 juli). Enerzijds beweerden zij dat er niet zoveel aan de hand zou zijn. Anderzijds waarschuwen ze voor het gevaar van beeldvorming: doordat jongens bij herhaling worden neergezet als minder geschikt voor het huidige onderwijs, gaan ze in hun eigen onvermogen geloven.

Ik zou Ten Broeke en Rijsbergen graag gelijk geven, maar de cijfers over de schoolprestaties van jongens laten dat niet toe. Volgens de Onderwijsinspectie zijn er veel meer jongens dan meisjes te vinden in het praktijkonderwijs, het voortgezet speciaal onderwijs en de basis- en kaderberoepsgerichte richtingen van het vmbo, terwijl die verhouding op de havo en het vwo juist andersom is. Jongens blijven vaker zitten dan meisjes, ze stromen vaker af naar een lager onderwijsniveau en op achttienjarige leeftijd zijn ze oververtegenwoordigd in - ook weer - de lagere niveaus van het mbo. Meisjes stromen vaker door naar het hbo en de universiteit. Is het vreemd dat de beste Nederlandse deelnemer aan de Wiskunde Olympiade een vrouw was dit jaar?

Dit is geen 'huilverhaal', zoals Ten Broeke en Rijsbergen dat noemden. Nee, dit is echt om te huilen. Hier komen we niet weg met de stelling dat jongens er gewoon meer aan moeten willen trekken. Een gedachte, die minister Van Bijsterveldt overigens ook lijkt te huldigen. Zij wil geen apart landelijk beleid voeren voor jongens, zei ze dit voorjaar in reactie op Kamervragen.

Hoeveel onderzoek is er nog nodig om zeker te weten dat er een Boy Problem is? Nog meer tellen, vergelijken en wegen? Hooguit zijn de oorzaken nog niet duidelijk. Het kan komen door de feminisering van het onderwijs en de grotere nadruk op taal in de klas. Het kan ook komen doordat jongens meer behoefte aan sturing hebben dan meisjes. Misschien moet het onderwijs meer ingericht worden op competitie. Misschien moet er meer uitdaging komen via de bètavakken. Of een betere infrastructuur: struikelaars en laatbloeiers komen nu onvoldoende terecht waar ze thuishoren. Van vmbo alsnog naar havo, van havo naar vwo.

Al die factoren zouden nu eindelijk eens aan bod moeten komen in een speciaal 'actieplan voor jongens'. Hiervoor hebben scholen en ouders de minister van onderwijs nodig, of ze nu wil of niet.

Ook de minister maakt zich zorgen over de achterblijvende prestaties van scholieren, maar zij koos in haar 'Actieplan beter presteren' voor een andere benadering: zij wil dat scholen vooral investeren in excellente en hoogbegaafde leerlingen, en verwacht veel van maatwerk en van professionalisering van leerkrachten.

Ze wil het niet hebben over de jongens, maar gaf onbedoeld toch een handvat. Waarom geen 'maatwerk' voor álle leerlingen, inclusief de jongens? De minister zou geschiedenis schrijven als ze op deze manier de jongens een boost gaat geven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden