Achttien jaar later worstelt Zuid-Korea nog met het 'bloedbad van Kwangju'

KWANGJU - In de bosrijke omgeving van de Zuid-Koreaanse stad Kwangju werd vorig weekeinde het zoveelste slachtoffer gevonden van de moordpartij die militairen hier in 1980 aanrichtten: een jongen in schooluniform. Het met veel vraagtekens omgeven bloedbad van Kwangju is niet de enige mensenrechtenkwestie waarmee de nieuwe Zuid-Koreaanse president, Kim Dae-jung, zit opgezadeld.

Hoeveel doden er achttien jaar geleden zijn gevallen, is inzet van een voortgaand debat. Honderddertig opgegraven slachtoffers liggen op een speciale begraafplaats, die vorig jaar plechtig werd geopend. Dat was een belangrijke officiële erkenning van het brute onrecht, dat demonstranten voor democratie achttien jaar geleden ten deel viel. Elitetroepen, getraind om de vijand geruisloos te doden, werden losgelaten op de betogers en deden waarvoor zij getraind waren. Na de slachting schatten de autoriteiten dat 'ongeveer 240' mensen waren gedood. Maar misschien waren het er tweeduizend, meent de actiegroep Kwangju Citizens' Solidarity (KCS).

De KCS eist van president Kim Dae-jung een nieuw onderzoek naar het bloedbad, onder toezicht van internationale experts. In 1995 concludeerden van overheidswege aangestelde rapporteurs dat het aantal doden niet meer te achterhalen valt. KCS neemt daar geen genoegen mee. Voorzitter Yun Jang-hyon: “Steeds is om de hete brij heen gedraaid. Getuigen, die hebben gezien dat militaire vrachtauto's lijken afvoerden, zijn nooit gehoord. Ook vragen als: 'wie gaven op welk moment welke bevelen' zijn nooit afdoende beantwoord.”

De leden van de KCS verkeren enigszins in verwarring. Ze zijn blij dat de progressieve Kim Dae-jung in december (met een nipte veertig procent van de stemmen) tot president werd verkozen. Als één politicus hen kan aanvoelen dan wel Kim: in 1980 werd hij nota bene zelf ter dood veroordeeld, omdat hij de Kwangju-opstand zou hebben georganiseerd (het vonnis werd onder Amerikaanse druk nooit uitgevoerd).

Maar de KCS-leden zijn geschokt over Kims eerste beleidsdaad: amnestie voor twee voormalige militaire dictators, die in 1996 tot lange celstraffen waren veroordeeld voor hun rol in de slachting. Toch zal de KCS niet pleiten voor hun heropsluiting. Yun Jang-hyon: “Dat is niet realistisch, want de amnestie was onderdeel van de politieke deal die Kim heeft gesloten met zijn conservatieve coalitiegenoten.”

Ondanks deze coalitie heeft de KCS hoge verwachtingen van Kim. Het was niet toevallig dat het bloedbad plaatsvond in Kwangju, hoofdstad van Cholla, een provincie die al sinds eeuwen is achtergesteld. Cholla is ook het thuisland van Kim, die hier meer dan 95 procent van de stemmen trok. Kims zege betekent niet alleen hoop op recht inzake het bloedbad in Kwangju, maar ook hoop op economische ontsluiting van deze gediscrimineerde provincie.

Bij de achterban van de KCS mag president Kim mateloos populair zijn, Yun Jang-hyon verlangt nog het een en ander van de president, naast een nieuw grootscheeps onderzoek: “Eerherstel voor de meer dan duizend burgers die destijds wegens de opstand zijn veroordeeld, en die nog steeds een strafblad hebben. Vervolging van alle verantwoordelijken. Ook eisen we verruiming van de compensatie voor nabestaanden van de slachtoffers.”

Ook in de hoofdstad Seoul worstelen activisten met tegenstrijdige gevoelens. President Kim, die tijdens zijn campagne vrijlating van politieke gevangenen had bepleit, verleende vorige maand aan 5,5 miljoen mensen amnestie. Maar die lankmoedigheid gold voornamelijk verkeersovertreders; slechts 74 politieke gevangenen kwamen vrij.

De mensenrechtenorganisatie Minkahyup gaat voorlopig dus stug door met haar wekelijkse demonstraties voor vrijlating van de meer dan vierhonderd 'politieke' gevangenen. De meesten van hen zijn studenten, die zijn opgepakt tijdens de gewelddadige protesten in 1996. Woordvoerster Suzy Kim: “Velen zijn opgepakt alleen omdat ze eruitzagen als studenten. Vervolgens kregen ze geen eerlijk proces.”

Ruim geformuleerde veiligheidswetten maken het openbare aanklagers gemakkelijk: bezit van 'anti-staatsmateriaal' als Het Kapitaal van Marx kan zware straffen opleveren, evenals lidmaatschap van een staatsvijandige organisatie, of het voornemen lid te worden. Naast die studenten zitten 23 bejaarde politieke gevangenen al dertig jaar of langer in eenzame opsluiting, in cellen van 2,5 meter in het vierkant. Zij zijn vaak veroordeeld wegens spionage, op basis van bekentenissen die zouden zijn verkregen door marteling.

Zolang de draconische veiligheidswetten van kracht zijn, blijven 'politieke processen' mogelijk. Dat ervaart bijvoorbeeld professor Lee Jang-he, die vorig jaar het voorwoord schreef bij een aanvankelijk ook van overheidswege geprezen boekje, waarin kinderen geïnterviewd worden over de hereniging met Noord-Korea. Tijdens de laatste verkiezingscampagne, waarin vermeende 'Noord-Koreaanse sympathieën' van de kandidaten een grote rol speelde, opende een rechtse krant een aanval op het boekje. Professor Lee werd aangeklaagd, en zijn proces loopt nog steeds.

Het heeft er alle schijn van dat de zaak is aangezwengeld door Zuid-Korea's beruchte geheime dienst NSP. Deze dienst is nu in opspraak vanwege haar lastercampagne tegen Kim, die toen nog slechts kandidaat was. “De NSP is net de Gestapo: ze kunnen ongestraft aantijgingen fabriceren en mensen folteren”, betoogt de journalist Park Chung-ryul tijdens een van de wekelijkse demonstraties van Minkahyup.

Park werd in 1995 gearresteerd, omdat hij contact zou hebben gehad met een 'spion'. Park werd volgens eigen zeggen veertien dagen lang op diverse bureaus van de geheime dienst mishandeld, en ook op een kerkhof, bij het graf van een overleden vriend. In januari 1996 volgde een aanklacht, die nu nog 'slechts' luidde dat hij 'anti-staatsmateriaal' in bezit zou hebben gehad.

Inmiddels is Park vrijgesproken. Hij vertelt blij te zijn met Kims verkiezing, maar hij is er niet gerust op dat deze alle politieke gevangenen zal vrijlaten, de veiligheidswetten zal intrekken en de geheime dienst zal zuiveren. “Kims handen zijn gebonden, omdat de oppositie de meerderheid heeft. Daarom is het nu belangrijker dan ooit dat wij aandringen op hervormingen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden