Achter de bosrand stroomde de rivier

Achter de bosrand stroomde traag en breed de rivier. Ik keek uit over de grote tuin, de bloemen, het gazon, de paden, vanuit die smalle kamer in het hospice, de kamer van mevrouw Hoffman. Uit een cd-speler had Edith Piaf geklonken, haar chansons beluisterde ze dagelijks. Een vrijwilligster, attent en lief, had koffie gebracht, vergezeld van een schaaltje met koekjes, en het op de al tamelijk volle tafel geplaatst. Lief ja, zo'n woord komt snel op in een hospice.

Ik heb wel eens snotneus geroepen, zei mevrouw Hoffman berouwvol. Toen had ze een slechte dag gehad en was uitgevallen tegen een stagiaire. Nu zat er stralend bij, haar stemming opgepept ook door haar medicijnen, haar gezicht gebruind en omkranst door haar witte haar. Ze bracht uren door op haar terras aan de tuin. Ik keek naar de stoelen buiten, een pakje Lucky Strike op een tafeltje. De zon brak door.

Ik complimenteerde haar met haar conditie. Ze wees naar de nauwelijks zichtbare boosdoener, een tumor ergens achter haar linkeroor, die was uitgezaaid en haar het lopen onmogelijk maakte. Zes weken geleden kwam ze aan in dit hospice, dat Lotus heette, vanuit het ziekenhuis, 87 jaar oud. Ze had zelf een leven in de zorg achter zich. Verpleegkunde A, zei ze,met kraamaantekening. En in deze instelling hier, Zandhove bij Zwolle, was ze ooit als verpleegster begonnen.

Die tumor, die op haar hersenen drukte, was te laat ontdekt, daarover was ze bitter, maar die bitterheid duurde niet lang, er was - nu meneer de journalist er was - vooral behoefte te vertellen dat zo'n laatste levensfase niet slecht en ellendig hoeft te zijn, want alles is mooi hier, nooit had ze in zo'n fraaie omgeving gewoond.

'En het restaurant, alles vers!'

Ik zag de lach op haar gezicht, ze drong erop aan iets in het restaurant te gaan gebruiken, maar ik bedankte, en in plaats daarvan stelde ze voor een glas wijn te drinken, nu, aan het eind van de ochtend, als om te demonstreren dat al je wensen vervuld konden worden.

En zie, de wijn werd gebracht, door die lieve vrijwilligster, en mevrouw Hoffman vroeg er nog iets te knabbelen bij. We klonken, glazen tegen elkaar, en ze dronk op mijn gezondheid.

Met Heidy, de zorgcoördinatrice, bespraken we nog wat technische zaken, want het hospice ademde zoveel comfort dat ik me afvroeg of je geld mee moest brengen, maar nee, als je maar zorgzwaartepakket 10 had en dan keek de CAK wel verder of je nog een eigen bijdrage kon leveren. CAK? Centraal Administratie Kantoor, zei mevrouw Hoffman behulpzaam. Naar zorgzwaartepakket 10 vroeg ik verder niet.

Mevrouw Hoffman zei dat ze aan het Alzheimeronderzoek meewerkte. 'Als ik doodga ga ik naar Amsterdam, daar zagen ze mijn schedel open, doen hem weer dicht en dan ga ik weer naar Zwolle voor de crematie.' En haar kinderen en kleinkinderen zouden elk een zonnebloem bij zich dragen. Ze sprak rustig en vastberaden.

Zo blikte ze op haar leven terug: je ne regrette rien. Ik vroeg of ik haar mocht fotograferen, maar dat wilde ze niet. Wel liet ze een oud fotoalbum uit de kast pakken, daarin was één fotootje dat ik gebruiken mocht. Het was een foto van de jonge Bep, in verpleegsteruniform, bij een rozenprieel. Hier genomen, in het park, ik zag een bosrand, maar helemaal zeker was ik niet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden