Achter de bekentenissen

Voor mijn vader een sterke margarita. Voor mij, omdat ik elf ben, een cristina zonder alcohol. Hij buigt zich naar me toe om mij te vertellen van die keer dat hij in Chili, in 1973, als journalist meeliep in de begrafenisstoet van de belangrijkste dichter van dat land: Pablo Neruda. Door de aanwezigheid van de journalisten mondt de begrafenis uit in een demonstratie tegen dictator Pinochet, die twee weken eerder een staatsgreep pleegde, waarbij president Allende het leven verloor. In het restaurant scandeert mijn vader: ¡Camarada Pablo Neruda! ¡Presente! ¡Ahora! ¡Y siempre!

Na jaren van bijna volledige afwezigheid, waarin hij mijn bestaan voor familie en vrienden verborg, neemt mijn vader me mee naar een Mexicaans restaurant. Dit is een van zijn eerste anekdoten. Veel later, als we op reis zijn door Latijns-Amerika, zal hij die op mijn verzoek opnieuw vertellen.

¡Camarada Pablo Neruda! ¡Presente!

Uit de onuitputtelijke poel van mijn vaders reisassociaties borrelen zijn herinneringen op, en naarmate hij die vaker vertelt, worden ze steeds meer ook een beetje mijn eigen herinneringen. Ik mag op een dag zijn dagboeken lezen en stuit op de beschrijving van Neruda's begrafenis. Het deel dat een jaar eerder beslaat, vermeldt Temuco, in het zuiden van Chili de regio waarin mijn vader rondtrekt op het moment dat ik in Nederland geboren word, en toevallig ook de plaats waar Neruda opgroeide. In mijn vaders dagboek ontbreekt elke aanzegging van mijn geboorte.

Weer later reis ik zelf af naar Temuco, en tijdens die reis verneem ik de vondst van het grafje van Neruda's dochter, slechts een jaar ervoor, in Gouda. De gids vertelt het zonder omhaal: "Hij had een dochter met zijn eerste vrouw, een Nederlandse. Ze was gehandicapt, ze is acht jaar geworden. Hij noemt haar nergens."

Terug in Nederland lees ik Neruda's memoires 'Ik beken ik heb geleefd'. Ik lees met stijgende bewondering en ongelukkige verbazing. Bewondering vanwege de schoonheid, en ongelukkige verbazing omdat het meisje er inderdaad helemaal niet in genoemd wordt.

Als ik de memoires uit heb, begrijp ik waarom. Er was voor haar geen plaats tussen de heldendaden, reizen, dromen, verzamelingen, minnaressen, echtgenoten, gedichten, fora, vrienden, vijanden en herinneringen in een leven dat aanmerkelijk minder meeslepend maar des te slepender, minder triomfantelijk, maar des te tragischer, minder aanstekelijk maar veel wanhopiger geweest zou zijn met de zorg voor een gehandicapt, ten dode opgeschreven dochtertje. Daarom liet Neruda haar op haar tweede samen met haar moeder naar Nederland vertrekken, waar zij zes jaar later in Gouda, tijdens de bezetting, in een pleeggezin stierf.

Ik schreef een boek over het meisje, liet het mijn vader lezen, en die sprak tactisch over zijn eigen rol er in: "Alles wat er in staat, is waar, maar niet alles wat waar is, staat er in."

In ieder geval dat laatste zou eveneens van de memoires van Neruda gezegd kunnen worden.

'De memoires van een dagboekschrijver zijn niet dezelfde als die van een dichter. De eerste heeft wellicht minder geleefd, maar veel beter gefotografeerd. Hij onderhoudt ons met de verzorgdheid van de details. De ander toont ons een galerij van door het vuur en de duisternis uit hun tijd losgeschudde geestverschijningen.

(...)

Mijn leven is een leven dat bestaat uit alle levens: de levens van de dichter.' Citaat uit Ik beken ik heb geleefd, Pablo Neruda, Privé domein 28

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden