Abrahamskinderen

Voor joodse kinderen waren in bezet Nederland meer onderduikadressen beschikbaar dan voor joodse volwassenen. Het herbergen van kinderen was minder riskant, omdat die openlijk bij een pleeggezin konden wonen, waar ze doorgingen voor het logerende neefje of nichtje. Bovendien waren kinderen onder vijftien jaar niet verplicht om een persoonsbewijs bij zich te dragen. Zo komt het dat veel joodse kinderen gescheiden van hun ouders onderdoken.

In de loop van 1944 werd een vijftigtal onderduikertjes door de Duitse bezetter ontdekt en naar Westerbork gebracht. Omdat van de meesten de familienaam niet kon worden achterhaald, werden ze geregistreerd als unbekannte Kinder. Hun ouders waren vaak al gedeporteerd. De kinderen kregen een plaats in het vondelingenhuis van het kamp. In november gingen ze op transport naar Bergen-Belsen en Theresienstadt, waar ze in het voorjaar van 1945 werden bevrijd.

Over dit groepje overlevenden maakte cineaste Annette Apon de documentaire film 'Onbekende kinderen', die deze week op het Idfa in première ging. In de film komen vier mannen en vier vrouwen aan het woord. De jongste was bij aankomst in Westerbork een baby, de oudste was vijf jaar. Ze herinneren zich weinig of niets van hun gevangenschap. Hun jeugd is een zwart gat, in de diepte waarvan ze tevergeefs naar houvast speuren. Hoe hebben ze Bergen-Belsen doorstaan? Wat is hen in Theresienstadt overkomen? Het zijn vragen waarop een antwoord uitblijft.

Eén van hen herinnert zich wel zijn arrestatie in 1944. Een Duitser en een NSB'er kwamen in de boerderij van zijn pleegouders huiszoeking doen, op jacht naar mannen die zich aan de Arbeitseinsatz hadden onttrokken. Toen die niet werden gevonden, wilde de Duitser vertrekken. De NSB'er hield hem tegen, wijzend op het onderduikertje. 'Ziet u niet dat dit een Abrahamskind is?' zei hij. De Duitser toonde geen belangstelling. 'We zijn op zoek naar arbeiders, niet naar joodse kinderen', antwoordde hij. Maar de NSB'er drong aan, totdat de kleuter werd ingerekend. Een ander herinnert zich haar terugkeer uit Bergen-Belsen als meisje van drie. ,,Ik sprak niet meer'', vertelt ze. ,,Ik weet niet of dat kwam omdat ik niet spreken kon of omdat ik niet spreken wilde. Ik weet alleen dat ik maandenlang geen woord heb gezegd.''

Het kwellendst voor deze overlevenden is de vraag waarom zij gespaard bleven, terwijl andere kinderen werden vermoord. Eén van hen oppert dat de Duitsers twijfelden aan de joodse afkomst van de kinderen. De Duitsers zouden het gerucht hebben geloofd dat het ging om onwettige kinderen, door Wehrmachtsoldaten bij Nederlandse vrouwen verwekt. De kinderen zouden zijn gespaard, omdat ze mogelijk een Duitse vader hadden. Die verklaring is niet erg waarschijnlijk. In 1943 was het aantal vondelingen enorm gegroeid. Her en der in Nederland werden joodse kinderen te vondeling gelegd, in de hoop hen zodoende te kunnen ariseren. De Duitsers doorzagen dit foefje snel. Ze gelastten dat voortaan elke vondeling diende te worden behandeld als jood. Dat bevel moet ook van toepassing zijn geweest op de gearresteerde onderduikertjes, die in het Duitse register als vondeling werden bijgeschreven.

Niets wijst erop dat de Duitsers het groepje wilden sparen, integendeel. Voor ondervoede zuigelingen en kleuters was in november 1944, met de winter in zicht, de tocht naar het oosten zo goed als zeker een tocht naar het dodenrijk. De kinderen kropen door het oog van de naald. Hun redding is, zoals zo veel gebeurtenissen in oorlogstijd, wars van logica. Ruim een halve eeuw later zijn ze er nog steeds verbijsterd over. Het is de grote verdienste van regisseur Annette Apon dat zij de toeschouwers van haar sobere, ingetogen film in deze verbijstering laat delen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden