Ab Krook: 'Nederland verdiende die medaille'

ALBERTVILLE - De Olympische Winterspelen van Albertville zijn voor de Nederlandse schaatsers op een bijna volmaakte kopie van die van Innsbruck uitgedraaid. In 1976 hing het goud op de 1500 en 5000 meter in de lucht, maar duurde het tot de slotdag van het schaatstoernooi eer Piet Kleine op de tien kilometer vernietigend uithaalde.

De toen slechts acht man sterke Nederlandse schaatsdelegatie vertrok zestien jaar geleden met een keer goud (Kleine), eenmaal zilver (eveneens Kleine, op de 5000 meter) en een bronzen hattrick van Hans van Helden (1500, 5000 en 10 000 meter) uit Tirol. De gelijkenis met destijds was helemaal treffend geweest, wanneer Vunderink zijn vlakke schema gisteren in een iets hoger tempo had gereden. De vergelijking tussen beide toernooien is verder alleen voor statistici interessant. Een saillant gegeven is wel, dat de Nederlandse mannen zestien jaar op successen van de gewenste omvang hebben moeten wachten. In Lake Placid (1980) schoot er op de Heiden-spelen zilver (Kleine) en brons (Lieuwe de Boer) voor de 'onzen' over. In Serajewo was het vier jaar later droefenis troef, en in Calgary misten de twee zilveren en twee bronzen medailles de glans van het goud van Van Gennip.

In vergelijking met Innsbruck is het Nederlandse schaatsen in de breedte sterk gegroeid. Van Velde (500 en 1000), Ritsma, Veldkamp en Zandstra (1500), Veldkamp (5000) en Vunderink (10 000) kregen dit toernooi een Olympische diploma overhandigd. Of dat laatste een voorbode is voor de herhaling van de eclatante successen die met name in Sapporo (1972) werden gehaald, is nog een open vraag. In potentie bezit de KNSB het talent om over twee jaar in de ijshal van Hamar genadeloos toe te slaan. De gelijke omstandigheden onder het 'vikingdak' zullen het onvoorspelbare verloop dat het toernooi in Albertville heeft gehad, tegengaan. Dat pleit uiteraard in het voordeel van degenen die de wereldranglij sten aanvoeren. Rampen voorbehouden, kan nu al worden voorspeld dat naast Koss en Karlstad de allrounders Zandstra, Veldkamp en Ritsma in Noorwegen hoge ogen zullen gooien. En op de sprint heeft de dan verantwoordelijke trainer in Gerard van Velde een klompje goud in handen.

Het optreden van het ongecompliceerde natuurtalent (vijfde op de 500 en vierde op de duizend meter) was, net als het zilver van Zandstra op de vijf kilometer, een aangename verrassing. Toch kon niemand zich de afgelopen dagen aan de indruk onttrekken dat er in brede lagen van het Nederlandse volk op meer was gerekend dan een goud, een zilver en twee brons. Het NOC nam in feite het voortouw op die roze gekleurde opinievorming door op de gesponsorde auto's van de daken te schreeuwen dat onze jongens en meisjes maar een doel voor ogen stond: goud. Weinig werd nagelaten om die Amerikaanse variant op de passieve sportbeleving (naar buiten uit heel simpel geloven in het eigen succes) uit te dragen. De facade van het 'Holland house' oogde als een Loire-kasteel, maar binnen liep chef de mission Ard Schenk met het blusapparaat rond om menig binnenbrandje te doven. Het is maar goed dat de Nederlander niet het temperament van een Spanjaard of Italiaan bezit; anders was de omgeving een paar keer opgeschrikt door een knetterende explosie.

Dank zij de zegeningen van de fax lag alles wat er in het vaderland over Albertville werd gepubliceerd, 's ochtends in het Golfhotel te Brides-les-Bains al bij het ontbijt. Kernploegtrainer Ab Krook, die enkele maanden geleden nog verkondigde geen krant te lezen, gaf er blijk van de verhalen ongeveer uit het hoofd te kennen en schroomde niet de verantwoordelijken achter de teksten daarover aan te spreken. Dat moet kunnen. Maar de krampachtige manier waarop het warme Oranje-gevoel op (betrekkelijke) buitenstaanders werd overgebracht, kon gevoelens van lichte teleurstelling niet altijd verstoppen. Schenk, die als technisch bestuurslid van de KNSB ook mede-verantwoordelijk is voor het functioneren van de lange baantrainers, nam iedereen keurig in bescherming, vrouwencoach Arie Koops inbegrepen. Schenk zal na de Spelen ongetwijfeld een datum voor een evaluatiebespreking prikken. "Als je nu in bepaalde processen of werkwijzes probeert te treden, werkt het alleen averechts" , luidt zijn stelling, waarmee maar weinigen het oneens waren.

Een enkele keer kwam het tot een uitbarsting. Zoals gistermiddag, toen bondsarts Frank Nusse en Bart Veldkamp in de clinch raakten met enkele redacteuren van De Telegraaf, de huiskrant van het NOC. Het ochtendblad kapittelde Nusse woensdag via via om zijn liberale griepvirusbeleid. De oud-atleet laat de schaatsers daarin vrij, omdat de prik nu eenmaal ongunstige bijwerkingen kan hebben. Van Gennip en de licht verkouden Veldkamp weigerden de preventieve injectie en namen het risico van een paar dagen bedrust voor lief. Nusse voelde zich aangetast in zijn beroepseer, Veldkamp verliet de informele persconferentie met de Nederlandse journalisten en moest door NOCvoorzitter Huibregtsen worden overgehaald op zijn besluit terug te komen. Kort daarvoor had Krook de verzamelde pers al gevraagd Veldkamp met beleid tegemoet te treden. "Want Bart heeft het er moeilijk mee om bepaalde journalisten te woord te staan." Dat bleek best mee te vallen. Maar aan het eind van de internationale persconferentie kon hij niet nalaten een fles champagne op zijn gehoor leeg te spuiten. De journalist van het ochtendblad prees zich gelukkig dat hij een jas aan had.

Voor een belangrijk deel zijn al de irritaties terug te voeren op het wachten op die ene kans in de wedstrijd, terwijl de blessuretijd al is ingegaan. "Ik kan als chef de mission niet voor topprestaties zorgen" , omschrijft Schenk zijn functie. "Ik moet voor een optimale sfeer zorgen. In die context was het niet moeilijk om de groep als groep te laten functioneren. Het mechanisme werkt heel eenvoudig. Er kan onderhuids best wat onvrede zijn. Dat komt naar vooral naar boven als er geen aansprekende resultaten zijn. Maar zodra er goud bijkomt, kijkt iedereen er toch weer anders tegenaan."

"Nederland verdiende die medaille" , vond Krook. Ook hij haalde opgelucht adem. Als geen ander wist hij dat de buitenwacht hem bij een nieuwe machtsgreep van Koss of Karlstad met een Noorwegen-complex had opgezadeld. Dan was hem nagedragen dat hij van de Nederlandse schaatsers geen vriendenkring had kunnen maken zoals zijn Noorse collega Kristiansen dat met Koss en Karlstad deed. En dat hij op het verkeerde moment had gepiekt.

De winnende trainer heeft daarentegen altijd gelijk. Met een Europees en een Olympisch kampioen en nog drie podiumplaatsen in Albertville kan er dit seizoen niet veel meer misgaan. Krook: "Het toernooi is geslaagd. Ik vind dat mijn rijders goed hebben gepiekt." Hij zou er aan toe kunnen voegen dat de groeimogelijkheden groter dan ooit zijn, ware het niet dat hij nog steeds twijfelt over zijn toekomst als schaatstrainer. "Ik wil het beste voor de jongens. Mijn trainingsmethodiek is de inhoud. De kwaliteit daarvan is zelfs bij de Noren niet zo goed. De verpakking heet Krook. Het enige dat moet gebeuren is een andere verpakking voor de inhoud."

Dat de Loosdrechter wil stoppen voordat het hoogtepunt is bereikt, is moeilijk voorstelbaar. Het aangekondigde afscheid lijkt eerder een aansporing richting KNSB om de faciliteiten voor de kernploegschaatsers (lees bijvoorbeeld: verruimde mogelijkheden op het gebied van individuele sponsoring) aanzienlijk te verbeteren. Schenk zal hem dat niet uit het hoofd praten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden