Aanvallers maken sprinters wanhopig

BRUSSEL - De massasprinters beginnen zich onbehaaglijk te voelen. De Tour de France is bijna een week oud, maar de renners die het liefst het hele peloton op de finishlijn zien afstormen, zijn tot dusver nog niet op hun wenken bediend. Mario Cipollini, de zegekoning van dit seizoen, staat nog met lege handen, al wijt hij dat voornamelijk aan de lichamelijke ongesteldheid die hem al enkele dagen kwelt.

Zijn ploeg gedraagt zich daarom opmerkelijk passief als het om het dichtrijden van gaten gaat. Jean-Paul van Poppel en Djamolidine Abdoesjaparow vertoeven ergens anoniem achter in het peloton. Zij getuigen tot dusver via de vermelding op de deelnemerslijst van hun aanwezigheid. Johan Museeuw daarentegen is weer des te gretiger. De Belgisch kampioen had uitgerekend in Brussel graag gewonnen, maar moest genoegen nemen met de pelotonsprint, omdat opnieuw de avonturiers de belangrijkste prijzen mochten afhalen. Laurent Jalabert, ook een sprinter van huis uit, was de logische winnaar van het spurtje met vier. Chiappucci, Holm en LeMond volgden praktisch onder het Atomium in Brussel op eerbiedige afstand.

"Wie in de Tour wacht op een massasprint om een zege te behalen, kan wachten tot Parijs" , sprak Guido Bontempi, de dagwinnaar van donderdag. "Hier winnen alleen aanvallers."

Slag

Twee van de vier haalden daarmee een belangrijke psychologische slag binnen. Claudio Chiappucci en Greg LeMond wonnen bijna anderhalve minuut op hun concurrenten. Twee keer trokken ze ten strijde. De eerste keer, in het begin van de weer in vliegende vaart afgelegde etappe, stelde LeMond Chiappucci voor zich maar terug te laten vallen in het peloton. De laatste aanval, twintig kilometer voor het einde, loonde de meeste moeite.

Meer zelfs dan Chiappucci in zijn stoutste dromen had bevroed. De Italiaan waant zich kansloos voor de gele trui en heeft daarom zijn zinnen gezet op het bolletjestricot. Wanneer het landschap gaat glooien, stijgt bij hem de andrenaline in het bloed. Nu hij het verschil met Indurain tot twee minuten zag groeien, sluit Chiappucci niet uit dat zich nog andere deuren voor hem gaan openen. "Met de winst van gisteren en het voordeel dat ik in de ploegentijdrit op Bugno en Indurain heb gepakt, wordt de tijdrit in Luxemburg (maandag - red.) misschien wel minder gevaarlijk voor mij," sprak hij hoopvol.

De tomeloos energieke Italiaan noemde nog een andere reden, waarom hij in de voorste linies strijdt: zijn angst voor valpartijen. Van de ravage, die acht kilometer voor Brussel werd aangericht, had Chiappucci dan ook geen weet. Op de door Eddy Merckx geselecteerde kasseienstrook bij Zellik, glibberden door de regen 21 renners onderuit. Falk Boden (ploeg Gisbers) was er met een gebroken linkerhand het ergst aan toe. Gerrit de Vries (bekken), Verschueren (linkerpols), Gonzales (elleboog en dijbeen), Cornillet (elleboog) en Poli (zware kneuzingen) werden na de finish naar het ziekenhuis vervoerd, vijftien anderen - onder hen Maassen, Den Bakker en Harmeling - kwamen er met lichte schaafwonden vanaf.

In vele opzichten is de 79e Tour de France een gekke. De rit op Belgische bodem beleefde de 'wederopstanding' van Greg LeMond. De Amerikaan had zichzelf, zoals bekend, gekweld door op weg naar San Sebastian de blokkades op de Franse wegen te tarten. De eerste koersdagen waren dan ook voornamelijk gevuld met dippies. Doch zijn Mexicaanse verzorger Otto Jacome voelde gisterochtend voor de start al aankomen, dat LeMond weer in goede doen was. "De eerste dagen waren rampzalig, maar naarmate de week vorderde, begon hij aan gewicht te verliezen. Hij is nu een kilo lichter dan in San Sebastian, dat is een teken dat de vorm er aan komt. Ook het vel op zijn hand voelt wat losser aan; dat is eveneens een gunstig teken."

Wanneer de wijzer op de schaal bij 68 blijft steken, is LeMond lichamelijk op zijn best. Het halen van het streefgewicht acht hij bijna van levensbelang. "Wanneer je relatief klein bent, maakt een kilo veel uit" , zegt hij. "In de Dauphine was ik twee kilo te zwaar; dat brak mij prompt op." Bij het begin van het seizoen woog LeMond nog 73 kilo. Hij wijt dat aan de zware wintertraining die hij zich getroostte. In november en december was hij dagelijks vier tot zes uur aan het skilopen. Daarnaast deed hij veel aan gewichttraining. Dat maakte hem zelfs nog twee kilo zwaarder dan de 71, die 's winters altijd de vrucht van een losbandig leven tussen de seizoenen door heetten te zijn. LeMond was voor zijn doen dan ook opmerkelijk snel in topvorm. Hij waande zich de sterkste in de door zijn ploeggenoot Duclos-Lassalle gewonnen klassieker Parijs-Roubaix en schreef de Tour DuPont op zijn naam. Bij wijze van primeur legde hij daarvoor in de proloog al de basis.

Ongemakken

Het rijden van een intensiever programma in het voorjaar en het gevrijwaard blijven van ziektes droegen verder bij aan de vormstijging. Meestal wordt de drievoudige Tourwinnaar in het voorseizoen geplaagd door lichamelijke ongemakken. Voor iemand die langzaam op gang komt, kan dat funeste gevolgen hebben. De wielrenner LeMond gedijt het beste bij goed weer. In die zin was het opmerkelijk dat hij gisteren de regen trotseerde om met Chiappucci de aanval te kiezen. "Als er een goed moment is, moet je niet zeuren. Velen zijn oververmoeid, ik hoop die periode zo ongeveer achter de rug te hebben. Voor mij gold hetzelfde als voor Chiappucci. Ik wilde voor de kasseien weg zijn. Ik ken de wegen hier. Ik woon al met al acht jaar in Belgie en fiets er sinds mijn zeventiende. Het was echt niet de bedoeling om de wedstrijd open te breken. Ik hoop in Luxemburg een goede tijdrit te rijden. Verder kijk ik nog niet vooruit."

Het vraagteken blijft het hooggebergte, het terrein waarop LeMond dit seizoen nog niet heeft geexcelleerd. "Ik heb geen idee hoe ik het in de bergen doe. Als ik het wel weet, zou ik het waarschijnlijk niet eens zeggen. Ik vind het prima dat de mensen denken dat ik niet te sterk ben."

Erik Breukink was niettemin onder de indruk van het gat dat Chiappucci en LeMond hadden geslagen. De Nederlandse Tourhoop, die zijn achterstand op de Italiaan tot bijna drie en de nadelige marge met de Amerikaan tot twee minuten zag groeien, voelde zich echter machteloos. "Ik zag ze wegrijden, maar zat te ver van achteren om mee te springen. Door al die bochten was het ook ondoenlijk om een jacht te organiseren."

Waarna hij de ingeving van Merckx hekelde het peloton over kasseien te sturen. Voor Breukink, die zelden of nooit de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix rijdt, oogden de 'kinderkopjes' als iets buitenaards. Zijn ploegleider Gisbers vreesde vooraf al dat zijn kopman vanwege de onbekendheid met de wegen verrast zou kunnen weten. Maar het is ook, zoals Post dat ooit heeft uitgedrukt: wil je winnen, dan rijd je vooraan, wil je dat niet, dan stop je je weg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden