Aanvaard de macht van de elfen

Chris Adrian schreef een moderne 'midzomernachtsdroom'

'Een flamboyante oproep om onverklaarbare verschijnselen, zoals liefde, te accepteren'
Op een midzomernacht lopen drie jonge mannen een weelderig, glooiend park in San Francisco in. Alle drie kampen ze met liefdesverdriet. Henry lijdt aan smetvrees en heeft daarmee zijn minnaar weggejaagd, Molly's vriend heeft zelfmoord gepleegd en Will is vreemdgegaan. Hij beseft pas nadat zijn vriendin is weggelopen dat hij eigenlijk wél van haar hield. Alle drie zijn ze op weg naar hetzelfde feestje, om weer eens onder de mensen te zijn.

Al snel blijkt er iets niet helemaal pluis in het park. De paden voeren niet naar de vertrouwde plaatsen, in het donker klinkt vreemd gefluister en alle dieren zijn wakker: eekhoorntjes springen op hun achterpootjes rond en vogels zitten in keurige rijtjes naast elkaar, uit volle borst zingend, alsof het niet allang donker is. Eerst denken de drie singles nog dat de spanningen hun te veel zijn geworden, maar al snel blijken ze 'echt' te zijn beland in de elfenwereld van Shakespeare's 'Midzomernachtsdroom': Oberon, Titania en Puck blijken zich ook in het park te bevinden. Vanaf dat moment zijn de menselijke personages overgeleverd aan een reeks angstaanjagende gebeurtenissen. "Boven op de heuvel, net voorbij de grens van de normale menselijke gewaarwording, ging in de aarde een deur open..."

Dat Adrian over een grenzeloze fantasie beschikt, bleek al uit zijn twee eerste romans. In 'De machine van Gob', zijn debuut uit 2001, liet hij de doden door een intelligent, maniakaal personage tot leven wekken, en in zijn vorig jaar vertaalde roman 'Het kinderziekenhuis' liet hij een compleet ziekenhuis een jaar lang op een door de zondvloed getroffen wereld dobberen. Achtereenvolgens verwees hij dus naar 'Frankenstein' en de Bijbel, en nu is Shakespeare's komedie aan de beurt. Maar de magie en toverkracht van elfen, die we tegenwoordig doorgaans met kinderboeken of fantasy associëren, hebben bij Adrian niets kinderachtigs. Ze horen er gewoon bij en vormen een onlosmakelijk geheel met de tastbare wereld zoals iedereen die ervaart.

Adrians werk als oncoloog, en de studie theologie die hij daarnaast nog volgt, hebben die visie gevoed. Als arts verwonderde hij zich er over dat patiënten soms om onverklaarbare redenen niet of juist wel op een behandeling reageren. In 'Midzomernacht' roept hij ons op het onvoorspelbare en onverklaarbare dat op ons pad komt te nemen voor wat het is.

Overigens vervlecht Adrian die wonderlijke wereld in deze nieuwe roman wel steviger dan voorheen met ons vertrouwde leven. Dat geeft de lezer houvast en maakt dit boek iets conventioneler dan zijn voorgangers.

In deze barokke wereld, net zo flamboyant en onwaarschijnlijk als de natuur waarin het verhaal zich afspeelt, barst al snel de hel los. Elfenkoningin Titania namelijk, die het menselijke wisselkind dat ze liefhad aan leukemie heeft verloren, is daarna zozeer overmand door verdriet dat ze echtgenoot Oberon met haar onredelijk gedrag heeft verjaagd. Daar heeft ze inmiddels spijt van, maar terugkomen doet hij niet. Na jaren vergeefs en wanhopig op hem wachten, grijpt ze naar het extreemste middel: ze laat de door Oberon geketende, levensgevaarlijke elf Puck vrij, al weet ze dat ze daarmee het einde van de wereld inluidt. Alleen Oberon kan die ellende nog voorkomen. Hij keert niet naar Titania terug, maar omgeeft het park wel met ondoordringbare muren van lucht: een koepel waarbinnen Puck zijn gang kan gaan, maar waardoor de rest van de wereld voor zijn boosaardigheid gespaard blijft.

De ongelukkigen die zich op dat moment in het park bevinden en er nu niet meer uit kunnen, gaan een perverse, krankzinnige nacht vol metamorfoses tegemoet. Die spelen zich af in de wonderlijkste vertrekken binnen in de heuvel. "In De Zaal met de Honderd Windmolentjes treuzelde hij, maar in de Bibliotheek van Steeds Hetzelfde Boek bleef hij daadwerkelijk staan om een paar van de boeken op de planken te bekijken, allemaal met als titel 'Veelzijdig'. Hij dacht dat het vertalingen van het boek in talloze talen waren - waarvan hij er niet één herkende - totdat hij er zeven op een rij in het Engels zag staan, waarvan er echter niet een met dezelfde zin begon."

Zo herneemt Adrians zijn vaste thema's - onverklaarbare verschijnselen, sterfelijkheid, verlies en de Apocalyps - in een uitbundig verslag van een wanhopige nacht die geplukt moet worden voordat Puck alles en iedereen van de kaart veegt. Dansen op de vulkaan dus. De grootse finale, waarin Adrian het lot van de drie verlaten minnaars en van de elfen subtiel laat samenvloeien, is een Shakespeare waardig.

Chris Adrian: Midzomernacht. (The Great Night) Vert. Frans van der Wiel en Joop van Helmond.
Nieuw Amsterdam, Amsterdam; 383 blz. € 21,95

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden