Aanstekelijke globalisering in ‘Marco Polo’ van Tan en Audi

Scÿne uit 'Marco Polo' van Tan Dun bij De Nederlandse Opera. (FOTO CLÿRCHEN & MATTHIAS BAUS)

De Nederlandse Opera, Nederlands Kamerorkest, Cappella Amsterdam, solisten met ‘Marco Polo’ van Tan Dun olv de componist in een regie van Pierre Audi op 7/11 in Muziektheater Amsterdam. Nog t/m 28/11. Uitzendingen op Radio 4 (6/12) en Nederland 2 (14/12). www.dno.nl

De authentieke melodieën die rondom de Chinese prinses Turandot opduiken, vloeiden, al dan niet verwesterd, uit de Italiaanse pen van Puccini. De in New York wonende Chinees Tan Dun manipuleerde voor zijn opera over de Italiaan Marco Polo een amalgaam aan Chinese en westerse muziek, steeds gefilterd door de reis westwaarts die Tan en zijn oren aflegden. Puccini componeerde mooie folklore, was nooit in China geweest. Tans muziek gaat als vanzelf dieper, omdat hij de reis van zijn titelheld in omgekeerde richting aflegde.

De Nederlandse Opera presenteerde vrijdagavond Tan Duns ‘Marco Polo’ (1996) in een veelkleurige en uitbundige enscenering van Pierre Audi. Audi hield zich al eens eerder met Marco Polo bezig, toen hij het veelbejubelde ‘Rêves d’un Marco Polo’ van Claude Vivier maakte. Werelden van verschil en toch riep Audi met eenzelfde team als destijds – kostuumontwerper Angelo Figus en Jean Kalman voor licht en decor – prachtige herinneringen aan die Vivier op. De bijna constante aanwezigheid van alle personages op het podium bijvoorbeeld, en hun schijnbaar doelloze looppatronen over het toneel. Moderne mysteriespelen als het ware.

Zelden maakte Audi een zó visueel-drukke enscenering als voor deze ‘Marco Polo’. Het is magnifiek theater, ook al lijkt de omgeving soms verdacht veel op een episode uit ‘Star Trek’ en heeft het geschilderde Himalaya-massief een hoog Bob Ross-gehalte. Het past allemaal wonderwel bij de aanstekelijke naïviteit van Tans muziek die een hoge authenticiteitswaarde krijgt doordat hij zelf als dirigent optreedt. Twaalf jaar geleden leidde Tan ook al de concertante uitvoering van ‘Marco Polo’ in het Holland Festival.

Net als Viviers theater, moet je dit van Tan en zijn librettist Paul Griffiths niet willen begrijpen, maar ondergaan. De muziek biedt daarvoor legio ingangen. En hoewel Audi de exotische pipa, sitar, tabla en Tibetaanse hoorns rechts op het toneel isoleert, klinkt het fenomenale Nederlands Kamerorkest in de bak soms nog chineser dan deze wonderlijke instrumenten. De in stem en lijf enorm lenige Zhang Jun, opgeleid in de traditie van de Peking Opera, klinkt soms meer westers dan zijn uitstekende ‘belcanto’-collega’s Charles Workman (Polo), Sarah Castle (Marco), Tania Kross (onder anderen Mahler) en Nancy Allen Lundy (Water). Zogenaamde aria’s als ‘Venezia vento’ van Polo en ‘Such a moment’ van Marco wisselen af met zogenaamde Peking Opera-muziek. Tan zoekt en overschrijdt met geniaal gemak de grenzen en is daardoor in sommige kringen inmiddels behoorlijk suspect.

Maar niets kan afdoen aan de geweldige ensemble-voorstelling die hier ontstaan is. Een geconcentreerd publiek luisterde en keek soms ademloos naar deze wonderlijke wereld en begreep dat globalisering niet altijd iets negatiefs hoeft te betekenen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden