Aangifte tegen Opstelten om rol in zaak-Demmink

Zes voormalige justitiefunctionarissen eisen strafvervolging. 'Dit is een ambtsmisdrijf.'

Een formeel verzoek om minister Ivo Opstelten (veiligheid en justitie) strafrechtelijk te vervolgen brengt de bewindsman in de affaire rond zijn voormalige hoogste ambtenaar Joris Demmink in een lastige, verdedigende positie.

Dat uitgerekend vijf voormalige gevangenisdirecteuren van zijn ministerie, samen met een oud-directeur van een tbs-kliniek, zijn strafvervolging willen, zal de politicus Opstelten eerder vernederend dan als kwetsend ervaren. De zes hebben er allerminst boodschap aan. Ze vinden dat het ministerie onkreukbaar moet zijn en stellen dat zij jaren achtereen met 'stijgende verbazing' de opstelling van de minister in de kwestie-Demmink aanzien.

De zienswijze van de minister komt er op neer dat er geen affaire is rond de van ontucht met minderjarige jongens betichte voormalige secretaris-generaal. Meerdere (integriteits-)onderzoeken in de afgelopen jaren van onder meer veiligheidsdienst AIVD brachten nooit onoorbare zaken over hem aan het licht. "Het was niks, het is niks en het wordt niks", vatte Opstelten het eerder dit jaar nog samen.

Bij de zes directeuren van justitiële instellingen heerst meer dan alleen verbazing over de apathie die zij bij Opstelten vermoeden. Zij vinden ook dat de minister onderzoek van het Openbaar Ministerie naar de beschuldigingen over Demmink 'frustreert' en op 'ontoelaatbare wijze' beïnvloedt. Dat het OM begin dit jaar uiteindelijk op bevel van het gerechtshof tegen wil en dank een onderzoek naar de gewezen secretaris-generaal moest beginnen, doet naar het oordeel van de zes verontruste oud-topambtenaren hieraan niet af.

Via de Kamercommissie voor Verzoekschriften en Burgerinitiatieven willen zij nu dat de procureur-generaal bij de Hoge Raad opdracht krijgt om Opstelten voor een 'ambtsmisdrijf' te vervolgen. De beschuldiging komt er op neer dat de minister 'politiek en strafrechtelijk verantwoordelijk is voor het vertragen in plaats van het voortvarend afhandelen van aangiftes', die in het verleden tegen Demmink zijn gedaan.

In hun verzoek aan de Kamercommissie wijzen de zes op verklaringen die enkele oud-politiemensen in het voorjaar aflegden voor de rechter-commissaris in Utrecht. Voormalig rechercheur Leen de Koter van de Criminele Inlichtingen Eenheid (CIE) verwees daar, onder ede, naar het geruchtmakende Rolodex-onderzoek in 1997 naar misbruik van jongens door hooggeplaatste Nederlanders.

De Koter noemde in Utrecht als eerste politieman in zestien jaar namen van mogelijke verdachten uit die tijd. Joris Demmink was er één van, de toenmalige hoofdofficieren van justitie Jan Wolter Wabeke, Henk Wooldrik en Hans Holthuis waren anderen die CIE en Rijksrecherche destijds in het vizier had.

Het Rolodex-onderzoek werd volgens De Koter, andere (oud-)politiemensen en officieren van justitie vanuit de Justitietop gesaboteerd en stukgemaakt om een breed schandaal te voorkomen. De vijf voormalige gevangenisdirecteuren en die van een tbs-kliniek verwijten Opstelten dat hij inhoudelijk niet heeft gereageerd op deze harde beschuldiging en onderzoek achterwege liet.

De kwestie had met alle mogelijke middelen onderzocht moeten worden, zeggen zij. "Wanneer de minister hier geen verantwoordelijkheid neemt en erger, de boodschappers van het plaatsgevonden kwaad publiekelijk laat weten dat er niets aan de hand 'was en is' frustreert hij intentioneel de uitvoering van de wetten die aan zijn ministerie zijn opgedragen', staat in de aanklacht tegen Opstelten.

Twee van de gevangenisdirecteuren, Jacques van Huet en Bart Molenkamp, werden in maart eveneens in Utrecht als getuige gehoord. Hoewel de laatste Demmink in dertig jaar slechts eenmaal had ontmoet, noemde hij hem onder ede, van horen zeggen, een 'actieve pedofiel'. Ook Van Huet liet zich negatief uit over de oud-secretaris-generaal.

Op 1 mei, een maand na hun verhoor, verzocht het duo de vaste Kamercommissie voor veiligheid en justitie een parlementaire enquête in te stellen naar de affaire rond Demmink. Drie weken later kregen Van Huet en Molenkamp bericht dat hun verzoek voor kennisgeving was aangenomen.

De ondertekenaars

De zes ondertekenaars van de aanklacht tegen minister Opstelten:

Kees Boeij, voormalig algemeen directeur van de penitentiaire inrichtingen Over-Amstel in Amsterdam

Klaas de Graaf, voormalige regionaal directeur Gevangeniswezen voor Midden- en Zuid-Nederland

Jacques van Huet, voormalig algemeen directeur van de penitentiaire inrichtingen Noord-Holland-Noord

Bart Molenkamp, voormalig algemeen directeur van de penitentiaire inrichtingen Breda, Limburg Zuid, Tilburg, Vught en PI Zuid Oost

Jos Poelmann, voormalig voorzitter van de Raad van Bestuur van de Pompe stichting Nijmegen (tbs-kliniek)

Peter Scheffelaar Klots, voormalig algemeen directeur van de penitentiaire inrichtingen Noord-Brabant-Noord.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden