'Aan de slag meiden!'

Het leek eindelijk een beetje goed te komen tussen 'de meiden van onderwijs', zoals VVD-fractievoorzitter Van Aartsen minister Van der Hoeven en staatssecretaris Nijs ze gisteren noemde. Maar niets is minder waar. Het oude zeer uit het eerste kabinet-Balkenende blijkt nog lang niet verwerkt. De nieuwe ruzie tussen de meiden kon er nog wel bij in deze rampmaand voor het ministerie van Onderwijs.

Cees van der Laan en Lex Oomkes

Hoe vaak zal de premier Balkenende, met hulp van de fractievoorzitters Van Aartsen (VVD) en Verhagen (CDA), nog tussenbeide moeten komen op het ministerie van Onderwijs? Het interview van VVD-staatssecretaris Annette Nijs in Nieuwe Revu deze week geeft niet veel hoop dat het ooit nog goed komt tussen haar en minister Maria van der Hoeven (CDA).

De staatssecretaris mag vooralsnog blijven, nadat ze in een gesprek eerder deze week met Van der Hoeven en Balkenende spijt toonde over het interview. Ook het interactieve computerprogramma, dat op Onderwijs speciaal werd aangeschaft om de twee politici beter met elkaar te laten communiceren, bleek tot nu toe weggegooid geld. Er zit karakterologisch iets niet goed tussen Van der Hoeven en Nijs. ,,Het is een kwestie van incompatiblité des humeurs'', valt in de Tweede Kamer op te tekenen. Het is wachten op het volgende incident, wordt voorspeld.

De start van de twee in het eerste kabinet-Balkenende was ronduit ongelukkig. Van der Hoeven, de door de wol geverfde onderwijswoordvoerder uit de Tweede Kamerfractie van het CDA, kende het onderwijsveld al op haar duimpje. Het is haar beleidsterrein. De valkuilen en belangen en belangetjes zijn voor haar een open boek.

Nijs werd als het ware gedropd in het kabinet. Ze verbleef de jaren voor haar staatssecretariaat in het buitenland als manager e-commerce bij Shell. Haar politieke ervaring bestond uit niet meer dan het voorzitterschap van de JOVD, de jonge liberalen. Nijs was vervreemd van de Nederlandse samenleving, laat staan dat ze zo iets ingewikkelds als de onderwijssector meteen kon doorgronden.

Die onervarenheid wilde echter nog niet zeggen dat ze geen ideeën had over hoger onderwijs, de sector die Nijs onder haar hoede kreeg. Sterker, ideeën genoeg. Zoveel, dat het Van der Hoeven te veel werd om steeds weer met een nieuw proefballonnetje van haar staatssecretaris te worden geconfronteerd. ,,Ik ben hier de minister van onderwijs'', was een strenge opmerking van Van der Hoeven in de Kamer. En na weer eens een incident: ,,Dat was eens maar nooit weer''.

Het eerste kabinet-Balkenende was een mislukt experiment van een jaar. Dat het staatssecretariaat van Nijs een complete sof werd, kwam daardoor minder in de schijnwerpers. Haar herbenoeming in het tweede kabinet-Balkenende ging echter niet zonder slag of stoot. Tot op het laatste moment dacht de eerste onderwijswoordvoerder van de VVD in de Tweede Kamer, Clemens Cornielje, de nieuwe staatssecretaris te worden. Politiek leider Gerrit Zalm steunde Nijs echter door dik en dun. Nijs werd uiteindelijk als laatste aan het rijtje namen van VVD-bewindslieden toegevoegd.

Sindsdien gaat het beter met Nijs. Ze behaalde een verrassende overwinning in het kabinet en in de Kamer door haar ideeën over verschillende tarieven voor het collegegeld en experimenten met elite-opleidingen erdoor te krijgen. Verrassend omdat de grootste coealitiepartner, het CDA, zich er tot het laatst tegen verzette.

Van der Hoeven steunde haar staatssecretaris. Er zijn wel geruchten dat zij de CDA-fractie 'begeleidde' in de organisatie van het verzet, maar in de ministerraad stelde de minister zich loyaal op.

Nijs staat op het punt de grote lijnen van een gloednieuw stelsel voor de studiefinanciering te presenteren. Traditioneel een beleidsterrein waar VVD en CDA elkaar niet gemakkelijk vinden. Maar ook draagt de samenwerking tussen Van der Hoeven en Nijs in ieder geval vrucht. Voor het nieuwe stelsel, zo valt in Den Haag op te maken, krijgt Nijs meer geld. Het blijft een mengsel van een gift en een lening, maar de totale hoogte van de beurs moet het studenten mogelijk maken alleen te studeren en niet langer gedwongen te zijn ook een bijbaantje te hebben. Bovendien wordt het gemakkelijker met een beurs door te stromen van het hoger beroepsonderwijs.

Vlak voor de presentatie van al dat moois komt Nijs met het gewraakte interview. In Nieuwe Revu geeft Nijs toe dat haar verhouding met haar ambtenaren op zijn minst moeizaam is. Ook van andere bronnen valt dit te vernemen. Nijs doet niet enthousiast mee aan de bestuurscultuur op Onderwijs. ,,Mij bleek dat ik als nieuwe bewindspersoon niet zo maar werd geaccepteerd. Ik moest me.... invechten. Het was een bepaalde cultuur.(...) Inmiddels gaat het beter, maar makkelijk is het nog steeds niet. Gedrag van mensen verander je niet zo maar'', zegt ze in het weekblad.

Vergelijk dat eens met Van der Hoeven. Uit Nijs haar woorden valt op te maken, dat de minister zich als een vis in het water voelt. Kongsies met ambtenaren, kennisvoorsprong op haar staatssecretaris. Het zijn zaken, die voor de hand liggen en Nijs' onzekerheid zouden kunnen verklaren. ,,..de belangrijkste truc is natuurlijk verdeel en heers, zoals Machiavelli al zei. Of: ik zeg dat ik A ga doen, maar ik doe B. Of je 'vergeet' belangrijke informatie door te geven. En informatie is macht. (...) Ik vraag wel eens: 'Maria, waarom gaat dat zo, waarom doe je zo?' Gelukkig heb ik geen last van het feit dat zij een politiek spel speelt. (...) Maar Maria's stijl zal nooit de mijne worden.''

Of Nijs nu terecht wantrouwend is of niet, feit is dat Van der Hoeven haar bijvoorbeeld pas op de dag, dat het rapport over het gesjoemel in het hoger onderwijs van de commissie-Schutte werd gepubliceerd, op de hoogte bracht van haar bestuursfunctie bij de Technische Hogeschool Rijswijk. Bij die hogeschool constateerde Schutte fraude in de tijd van Van der Hoevens lidmaatschap van het bestuur. Twee jaar lang had Van der Hoeven deze mogelijke belangenverstrengeling voor zich gehouden.

Hoewel Nijs nu de schuld krijgt van het uit de school klappen over de soms moeizame werkrelatie tussen haar en de minister loopt de reputatie van de laatste steeds meer deuken op. In de kwestie van de HBO-fraude voelde ze zich uiteindelijk gedwongen de afwikkeling van deze affaire over te dragen aan collega Hoogervorst. Maar de vraag waar kritische kamerleden mee bleven zitten, was of ze dat ook had gedaan als media haar mogelijke belangenverstrengeling niet hadden gemeld.

En er zijn andere affaires, waarvoor Van der Hoeven politieke verantwoordelijkheid draagt. Na de brief van een aantal anonieme ambtenaren over topambtenaren die elkaar ten onrechte meer salaris gaven, moest Van der Hoeven, tegen haar zin, het verdere onderzoek uit handen geven. Bovendien was er de peperdure verhuizing van de kamers voor bewindslieden in het net nieuw betrokken ministerie bij het Centraal Station in Den Haag.

De nieuwe secretaris-generaal op Onderwijs, Van der Steenhoven, constateerde in december, honderd dagen nadat hij met zijn nieuwe baan begonnen was, dat er binnen het departement zoveel mis is, dat de organisatie op de schop moet. ,,Er heerst een cultuur van ja zeggen en nee doen en er is een gevoel van onveiligheid. Fouten worden afgestraft'', stelde de hoogste ambtenaar vast. ,,Verantwoordelijkheden zijn zoek en samenwerken tussen collega's gaat moeizaam.''

Daarmee bevestigde de hoogste ambtelijke baas een probleem waarmee Onderwijs al heel lang kampt. Er heerst een bestuurscultuur, waar ook Van der Hoeven mee worstelt.

Voor Van der Hoeven en Nijs staat de komende tijd veel op het spel. Een betere onderlinge samenwerking lijkt ogenschijnlijk kinderspel vergeleken met de uitdaging Onderwijs om te vormen tot een modern ministerie zonder incidenten.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden