Aan de haren trekken van een medereiziger mag niet. Maar heen en weer lopen?

Zijn eigen kinderen neemt hij de trein niet mee in, schrijft een vader. Suf ergert hij zich aan dat gejengel van andere kleine reizigers. Hoe kunnen ze hun kroost koest houden?

Paaaaaapa. Hoe lang duuuurt het nog tot het station? De kleuter rent door de coupé, maakt ruzie met z'n broertje, lacht en gilt zo nu en dan dusdanig hard dat zelfs de machinist het zou kunnen horen. Dat is nou nét de bedoeling. 'Ik wil naar de masjiniest, papa, gáán we nou?!'

Geërgerd slaat een medepassagier een paar zittingen verderop het gebeuren gaande. Waarom wordt er niet rigoureus ingegrepen, vraagt hij zich af. Hij zoekt oogcontact met de vader van deze druktemakers. Blozend doet die zijn best, probeert zijn kereltjes op rustige toon te sussen en af te leiden met boekjes. Maar zonder het gewenste resultaat, voor de medereiziger althans. Want de druktemakers zijn lastig te dimmen.

Zie je wel, denkt de geërgerde passagier, zelf ook vader. Zijn eigen jonge kinderen neemt de forens de trein niet mee in, en hij ziet zich bevestigd in zijn standpunt. Met het openbaar vervoer gaan ze maar als ze ouder zijn. Alhoewel, onlangs zat hij in een Duitse trein waar het hem opviel dat de kinderen wél rustig kunnen reizen, zonder luidkeels alle aandacht op te eisen. Hoe kunnen Hollandse vaders hun reizende kroost koest houden?

Er zijn natuurlijk allerlei praktische adviezen te geven, denk aan: wees voorbereid, neem dingen mee die passen bij de leeftijd en het karakter van je kind, bouw een afwisselend reisprogramma op met spelletjes, boekje, eten en drinken, enzovoort. Maar veel interessanter is de vraag: hoe kan deze vader zelf het minste last hebben van de kleine reizigers, vindt vadercoach Jeroen de Jong, oprichter van de Praktijkvader. "Want kinderen zijn nu eenmaal kind." Zijn motto: kinderen leren van wat je doet, niet van wat je zegt.

De Jong verwijst naar het Trouw Opvoedonderzoek van vorig jaar. Daaruit kwam naar voren dat Nederlandse ouders geen gehoorzaam kind willen, maar een stevig en zelfstandig individu dat zich weet te redden in de complexe wereld. Andere ouders mogen best strenger optreden tegen hun kroost, maar over hun eigen opvoedpraktijk zijn de meeste ouders tevreden. "We voeden op tot mondige en eigenzinnige kinderen, maar als ze klein zijn vinden we dat eigenlijk niet zo handig. Dan moeten ze niet te veel ruimte innemen en aangepast gedrag laten zien. Dat is een contrast: we willen het één en het ander tegelijk. Dat gaat niet."

Niet dat er geen grenzen zijn in de trein, beaamt De Jong. "Natuurlijk, je trekt niet aan de haren van een medepassagier. Je gaat niet staan springen op de banken. En een kind van tien hoeft niet continu de trein door te rennen. Maar een vierjarige die na een halfuur stil zitten een paar keer heen en weer hobbelt, is niet te stoppen. Dat hoort toch ook bij zijn leeftijd."

Hebben anderen daar last van? Dan kunnen ze dat aangeven, zegt De Jong. De kunst is om dan als vader op zo'n manier te reageren dat het luchtig blijft. "En jezelf niet het gevoel te bezorgen een slechte ouder te zijn omdat je kind dat gedrag vertoont, een reflex die veel ouders hebben, weet De Jong. "Dat is een valse overtuiging waar niemand wat aan heeft. Kinderen leren het echt wel, zolang je ze het blijft voorleven. Zonde dus, dat deze vragensteller zijn kinderen niet dit uitje én de oefening gunt."

Reageren? Zelf een vraag insturen? Mail naar opvoedvraag@trouw.nl

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden