Aad van den Heuvel vindt de journalisten van nu veel te timide.

'De man in de straat, wat heb ik daar een hekel aan. Het nieuws moet tegenwoordig allemaal om de hoek worden gehaald.

Want de lezer en de kijker en de luisteraar moet er iets mee kunnen. De journalist die naast je gaat staan. Dat is valse bescheidenheid die ten koste gaat van kwaliteitsjournalistiek. Journalistiek is een vak. Een moeilijk vak. Journalisten moeten zich autonomer gedragen. Het is allemaal zo timide geworden. Met gezag vertellen en laten zien hoe het eraan toe gaat in de wereld. Ja, zeggen ze dan in Hilversum, maar dat wil de kijker niet. Dan zeg ik: als jullie zo goed weten wat de kijker wil, waarom gaat het met de kijkcijfers dan zo slecht? Het is heel eenvoudig: naar goede tv wordt altijd gekeken. Het is nu teveel hit-and-run-tv. Mijn dochter werkt bij een actualiteitenrubriek. Ze werd vorig jaar naar het tsunami-rampgebied gestuurd. Maar, zeiden ze, wel binnen vijf dagen weer terug zijn. Dat werkt natuurlijk niet. In de jaren dat ik voor 'Brandpunt' de wereld afreisde, kreeg ik telkens volop tijd om reportages te maken. De laatste tijd hoor je veel twijfels over de besteding van het Giro-555-geld voor het tsunamigebied. Of dat wel goed besteed is. Geef mij een cameraploeg en een week of twee, drie de tijd en ik kan het haarfijn in beeld brengen. Maar dat gebeurt niet. Natuurlijk kost dat veel geld, maar het levert wel goede tv op, waar iedereen naar kijkt en waar iedereen een dag later over praat. Misschien vinden de kijkers het niet zo belangrijk om te weten over hongersnoden in Afrika. Nou en - laat het toch gewoon zien, dan gaan ze het vanzelf belangrijk vinden. We waren met z'n allen overtuigd van de noodzaak om dat soort mooi verhalen te maken. Daar werd geld voor vrij gemaakt. Dat geld is er nu ook wel, maar het wordt lang niet altijd op de juiste manier ingezet.“

Aad van den Heuvel (70) houdt van mooie verhalen. Dat merk je, als hij vertelt over de talloze reizen die hij vanaf begin jaren zestig voor KRO's actualiteitenrubriek Brandpunt maakte. Naar Peru, Turkije, Niger, Burkina Faso, Indonesië, Mozambique, Bangladesh, Iran. Volop anekdotes. Over de stoftochten door Afrikaanse woestijnen. Over de onmogelijke boottocht van drie weken die hij samen met een missionaris maakte in de binnenlanden van Nieuw-Guinea. Op weg naar plekken waar nog nooit westerlingen waren geweest. Bijna-religieuze ervaringen, noemt hij ze. “Ik was meer met overleven dan met journalistiek bezig.“

“Mooie verhalen spreken de mensen aan. Tv moet een mooi verhaal zijn. Daar houd ik erg van. Het is leuk om te maken en leuk om naar te kijken.“ Zijn boek 'Dit was Brandpunt, goedenavond', dat onlangs verscheen, staat er vol mee. Toch lijkt het boek - memoires zijn het geenszins, bezweert Van den Heuvel - een boek van teleurstelling.

Hij schrijft: 'Ik had in de loop der jaren honderden reportages gemaakt en bij sommige had ik destijds de zekerheid dat er na uitzending iets zou gebeuren. Nu wisten wij het voor eens en altijd en nu moest er wel iets veranderen. De mensen zouden in actie komen. Maar helaas, hoe anders was de werkelijkheid.' En: 'Ach, de razende reporter leert er mee leven, het is zijn lot. Het idee dat hij veranderingen zou kunnen veroorzaken is een hoogmoedige gedachte. Niet het veranderen van de wereld is zijn taak maar het signaleren van de mogelijkheden daartoe. En verder is zijn loon, de voortschrijdende kunst van het relativeren.'

“Toen dacht ik: Er moet iets gebeuren. Nu denk ik: Er is niets veranderd. Ik mis de geëngageerde journalistiek en het stevige commentaar op de gebeurtenissen van alledag. Niet dat ik die betrokkenheid in mijn journalistieke werk altijd heb gehad. Dat kwam vanzelf. Als je keer op keer zoveel ellende en dood ziet, dan moet je daar wat mee. Dat kun je niet afdoen met het eeuwige excuus dat het niet de taak van de journalist is de wereld te verbeteren. Daar kun je je ogen niet voor sluiten. Ik probeerde het gevoel van 'we moeten er wat aan doen' te entameren. Dankzij de tv weten de mensen van de rampen en van het structurele karakter daarvan. Tv-journalisten die naar het buitenland trokken en met ontluisterende verhalen terugkwamen - dat was nieuw. Onze verhalen over de derde wereld hebben zeker bijgedragen aan de ontwikkelingssamenwerking.''

,,Maar inmiddels zorgt de televisie voor onverschilligheid. Wéér een ramp, wéér een aardbeving. Elk jaar komt er wel een keer een hongersnood voorbij. Dat is dan een week in het nieuws en daarna is het weer verdwenen. De kijkers raken verveeld. Dat moet je bestrijden. Er zou veel meer continuïteit in die berichtgeving moeten zijn. Want als de camera's verdwenen zijn, vervliegt de solidariteit. Tussen die beelden van hongersnoden door wordt er ook honger geleden. Zorg ervoor dat de kijker dat ziet. Het is de verantwoordelijkheid van de journalist dat dat in beeld komt - desnoods met het geheven schoolmeestersvingertje.“

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden