500 indianenvrouwen verdwenen

In Canada zijn de afgelopen twintig jaar ongeveer vijfhonderdIndiaanse vrouwen vermoord of verdwenen. De politie reageertlaks. In Saskatchewan houden Indianen de politie nu bij de les.

door Petra Sjouwerman

Op 18 mei 2004 verdween Daleen Bosse (25) na een feestje. Tweedagen later gaven haar ouders haar op als vermist bij de politievan Saskatoon (Saskatchewan).

De agenten reageerden laconiek: “Die duikt wel weer op.“ MaarDaleen, een Cree-Indiaan geboren in het Onion Lake-reservaat,kwam niet terug.

Zelfs toen agenten tweeënhalve week na haar verdwijning haarwitte Chevrolet Cavalier terugvonden, gestript van vloermatten,stoelhoezen, kinderzitje en het handschoenenvakje leeggeroofd,nam de Canadese politie haar verdwijning nog niet serieus. Pasacht maanden later, in januari 2005, startte de politie eenonderzoek.

“Wij Indianen zijn niet zo belangrijk“, concludeert HerbMuskego, de vader van Daleen.

Middelbare scholier en Cree-Indiaan Felicia Solomon (16)woonde met haar familie in Winnipeg (Manitoba). Op 25 maart 2003kwam zij niet thuis van school.

De dienstdoende inspecteurs bij wie haar moeder de verdwijningopgaf, reageerden lacherig. “Blijf gewoon naar haar zoeken“,zeiden ze.

Drie maanden later werden in een rivier een bovenbeen en eenarm gevonden. DNA-onderzoek wees uit dat het lichaamsdelen vanFelicia waren. De rest van haar lichaam is tot nu toe nietgevonden. “Ik kan niets positiefs over de politie zeggen. Wekregen geen hulp. We krijgen nog steeds geen hulp“, aldus degrootmoeder van Felicia.

Schrijnend genoeg staan deze gevallen niet op zichzelf.Volgens schattingen van de Indianenorganisatie NWAC (NativeWomen's Association of Canada) zijn er de laatste twintig jaarongeveer vijfhonderd Indiaanse vrouwen verdwenen. Preciezecijfers zijn niet beschikbaar, omdat de politie niet altijd deetniciteit van een slachtoffer registreert. Maar een studie vanhet ministerie van Indiaanse zaken toonde aan dat onder vrouwentussen de 25 en 44 jaar Indiaansen vijf keer zoveel kans hebbenom door geweld om het leven te komen als andere vrouwen in dezeleeftijdsgroep.

Cindy Sanderson (24) was een Cree, opgegroeid in hetMistawasis-reservaat in Saskatchewan. Zij werd drie jaar geledenin de stad Prince Albert met opzet omvergereden door een dronkenman toen ze 's avonds met vrienden een café uitkwam. “Volgensdie vrienden stonden de agenten grapjes te maken terwijl mijn zusgewond op de grond lag. Er zijn géén verklaringen opgenomen,de agenten hebben helemaal niets opgeschreven“, vertelt LindaPechawis, de zuster van Cindy. Noch de politie, noch hetziekenhuispersoneel heeft geprobeerd de familie van Cindy tebereiken toen ze nog in leven was.

Ook Indiaanse mannen verdwijnen. Sterker nog: na een aantalmysterieuze verdwijningen kwam in 1995 aan het licht dat depolitie van Saskatoon daar soms zelf bij betrokken was. Bij eentemperatuur van min veertig hadden agenten twee Indiaanse mannenver buiten de stad afgezet. De één vroor dood, de ander wisteen elektriciteitscentrale te bereiken.

Vrouwen blijken echter kwetsbaarder. Volgens NWAC levenIndiaanse vrouwen vaker onder de armoedegrens, zijn ze vakerdakloos, verslaafd en werken ze vaker in de prostitutie danandere Canadese vrouwen.

Veel niet-Indianen leggen de schuld daarvoor bij de Indiaansegemeenschap.

Maar lang niet alle verdwenen Indiaanse vrouwen zijn verslaafdof prostituee. Daleen Bosse was bijna klaar met haar studie aande pedagogische academie. “Ze kwam uit een goed nest“, zegt vaderMuskego. Zijn vrouw en hij zijn gerespecteerde stamleden, dieallebei les geven op de reservaatschool.

Met hun auto hebben ze de afgelopen maanden bijna heel Canadadoorkruist om posters van hun vermiste dochter Daleen op tehangen. Muskego zoekt naar woorden. Hij wil niet te kritischzijn, omdat hij bang is dat de Canadese politie dan niet meer wilhelpen bij het zoeken naar zijn dochter. “Waarom duurde het zolang voor de politie deze zaak serieus nam? Weer een Indiaanverdwenen, what is the big deal?“, zegt Muskego.

“Vorig jaar was er een blanke man vermist en ging de politiena drie dagen zoeken met helikopters en duikers.“

Pechawis diende na de dood van haar zuster een klacht in overhet politieoptreden. “Het was te laat - een klacht had binnendertig dagen moeten worden ingediend“, klinkt het bitter.

De chauffeur die Cindy Sanderson heeft doodgereden, zitmomenteel een gevangenisstraf van drie jaar uit. De aanklachtwerd afgezwakt tot 'gevaarlijk rijden'. “Voordat hij haar omverreed, had hij mijn zus uitgemaakt voor 'vuile Indiaan'. Mijn zushad teruggescholden. Tijdens de rechtszaak stond er in deplaatselijke krant: 'Cindy Sanderson droeg bij aan haar eigendood'.“

Amnesty International bemoeit zich nu met de veleverdwijningen. Volgens de mensenrechtenorganisatie maakt defederale regering van Canada zich schuldig aan 'officiëleonverschilligheid', zo schreef het vorig jaar in het rapport'Stolen Sisters'.

“Van onverschilligheid is geen sprake“, reageert Nancy-JeanWaugh, woordvoerder van het ministerie van cultuur. Onder ditministerie valt ook de positie van vrouwen.

Een halfjaar na het verschijnen van het Amnesty-rapport oververdwenen Indianen stelde de cultuurminister, Liza Frulla, 5miljoen dollar beschikbaar voor het opzetten van een nationaalregister van vermisten en een hotline. Dat geld is echter nogniet op de plaats van bestemming aangekomen. “Het geld komtbinnenkort“, verzekert Waugh.

Toch zijn er lichtpuntjes, meent Oliver Williams, werkzaam alssenior onderzoeker bij de Indiaanse organisatie FSIN (Federationof Saskatchewan Indian Nations). Williams, een Lillooet-Indiaanuit British Columbia, was meer dan vijfentwintig jaar geleden eenvan de eerste Indianen die in dienst kwam bij de Canadeserijkspolitie, de Mounties. Daardoor heeft hij een grote kennisvan politie-onderzoeksmethoden en geniet hij hoog aanzien bijzowel de politie als de Indiaanse bevolking.

Sinds 2000 volgt hij voor FSIN politie-onderzoek in zakenwaarbij Indiaanse vrouwen zijn vermist of vermoord. “De inzet vande politie in Saskatchewan is de laatste vijf jaar aanzienlijkverbeterd. Ze moeten wel, want wij houden ze bij de les“, aldusWilliams.

Volgens hem speelt ook mee dat oudere agenten nu met pensioengaan. “Juist veel van hen discrimineren.“

Andere lichtpuntjes zijn het inzetten van stamoudsten bijpatrouilles en de samenwerking met een Indiaanse politieagent alseen soort bemiddelaar. Bovendien volgen indianenorganisaties inandere provincies nu het voorbeeld van de FSIN.

“In de zaak van Daleen Bosse gingen bij mij meteen allewaarschuwingslampen branden“, zegt Williams. “Er was zoveel inhet politieonderzoek dat niet klopte. Toen Daleens auto wasgevonden, nam de politie alleen vingerafdrukken en deed geenvolledig forensisch onderzoek. Terwijl het strippen van een automeestal bedoeld is om sporen te verwijderen“, aldus Williams.

Deze Indiaan, die samen met één assistent het politiewerkobserveert in een gebied dat vijf keer zo groot is als Nederland,heeft inmiddels meer dan 1000 dossiers onder handen.

Sommige daarvan zijn zaken die acht jaar in een la hebbengelegen. Andere keren bleek dat agenten niet eens de moeitehadden genomen een vermist persoon te registreren. “Als ik hierzelf niet werkte, zou ik zeggen dat het onmogelijk was“, zegtWilliams.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden