5 februari / De stekelhoorn CUOcenebra erinaceu RO

is de moderne opvolger van de fossiele CUOcenebra tortuosa RO uit het Scaldisien. De diepere bodemlagen van de Westerschelde bestaan vooral uit resten van het Scaldisien, een periode in het Plioceen, die minstens zes miljoen jaar achter ons ligt en genoemd is naar de rivier de Schelde. Het Plioceen is de tijd waarin in Afrika de eerste mensachtigen ontstonden.

Op tal van plaatsen aan de Westerschelde spoelen Scaldisien-fossielen aan, zoals aan de Kaloot bij Borssele en op de Hooge Platen bij Breskens. In het Scaldisien moet het hier warmer zijn geweest dan nu, want de tegenwoordige stekelhoorns leven veel zuidelijker en zijn bijvoorbeeld in de wateren bij Bretagne heel gewoon.

* Buiten goed rondkijkend zie je nog steeds paddestoelen. Houtzwammen vooral, zoals de oesterzwam, die juist in de winter te vinden is en in de vrije natuur meestal leigrijs gekleurd is, in tegenstelling tot de oesterzwammen, die je in de winkel kunt kopen en die gewoonlijk beige van kleur zijn. Een andere talrijke zwam is het fluweelpootje, dat zich ook het lekkerst voelt in de winter. Het oranjegele en heel eetbare paddestoeltje heeft een donkerbruine steel, die van fluweel lijkt. En de hele winter blijven de bleekbruine en oranje bekerzwammen, de zwart met witte geweizwammetjes en de zwarte knotszwammen te vinden. Rode pukkeltjes op takjes zijn meniezwammetjes. Ze groeien op de afgevallen twijgen nog een tijdje door. Tonder- en vuurzwammen prijken het hele jaar door op dikke loofhoutstammen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden