23 januari / Elke winter zie ik kleine zwanen in de uiterwaarden

van de Nederrijn, soms in gezelschap van wilde zwanen, die hier in de herfst tegelijk arriveren. Beide soorten zijn moeilijk van elkaar te onderscheiden. De ’hoe-hoe’-roep van de kleine zwaan klinkt volgens de vogelgidsen wat klaaglijk toeterend, hoger en helderder dan van de wilde zwaan. De vogels hebben een andere snaveltekening en zijn kleiner.

De kleine zwanen hebben in de afgelopen zomer gebroed op de toendra’s van Rusland en Siberië en trekken jaarlijks via de Oostzee naar het zuiden. Ze foerageren vooral op grasland, sinds een paar jaar ook in het groene hart van de Randstad. Ik zie regelmatig minstens honderd kleine zwanen samen met knobbelzwanen, die door de boeren als een plaag worden beschouwd, grazen in de Bovenkerkerpolder tussen Amstelveen en Uithoorn.

* Het zachte weer maakt dat de futen in de stadsgrachten en parkvijvers druk baltsen. Ze zijn al in prachtkleed, wat wil zeggen dat hun kopveren zijn uitgegroeid tot een tweehoornige kuif en brede roodbruine bakkebaarden. Die kopveren spelen een belangrijke rol bij de balts, het voorspel tot de paring, dat in deze dagen al kan beginnen. Er zijn zelfs futenparen met al redelijk grote pullen. En ook aardig wat nijlganzen met kuikens.

De Vlinderstichting meldde zondag in het Vara-radioprogramma ’Vroege Vogels’ veel buiten rondvliegende vlinders, met name dagpauwogen, kleine vossen en atalanta’s. Deze overwinteraars worden door het zachte weer naar buiten gelokt.

Op www.trouw.nl/groen kunt u vragen stellen over inheemse dieren en planten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden