2000 jaar God aan de Waal

Nijmegen bestaat tweeduizend jaar. En dat wordt ook door de kerken gevierd. Met een gezamenlijke bijeenkomst, komende zondag. Cultuurhistoricus Ton van de Sande houdt er een feestrede over zijn jarige stad. Onder de titel 'God aan de Waal' beschrijft hij daarin twintig eeuwen geloof in Nijmegen. Trouw ging met hem praten.

'De Nijmegenaren hebben altijd vormen van religie gekend'', zegt cultuurhistoricus Ton van de Sande. ,,De Bataven vereerden hun natuurgoden en er zijn verhalen bekend van een Heilig Woud van de Bataven, dat tegenwoordig vermoedelijk net over de grens in Duitsland ligt. Rond 600 bracht de bisschop van Keulen vrijwel zonder geweld het christendom naar Nijmegen.''

Van de Sande, hoogleraar cultuurgeschiedenis aan de Nijmeegse Radbouduniversiteit: ,,In naam waren de Nijmegenaren dan wel christen, maar in feite was het slechts een dun laagje vernis dat moest bedekken dat hun geloof in magie nog niet was verdwenen. Tot in de veertiende eeuw geloofde men in toverkrachten en werden bomen aanbeden.''

De meest ingrijpende periode voor gelovig Nijmegen was volgens de cultuurhistoricus de negentiende eeuw. De massamedia kwamen op en de kerken probeerden hun achterban te mobiliseren; de eerste tekenen van de verzuiling dienden zich aan.

Van de Sande: ,,De rooms-katholieken deden vanaf toen steeds meer van zich spreken. Aanvankelijk hadden zij het moeilijk, want Nederland werd sinds Willem van Oranje als een protestantse natie beschouwd. Over de katholieken werd gedacht zoals Pim Fortuyn sprak over de islam: 'onverlichte lieden'. Protestantse politiecommissarissen gingen zelfs naar katholieke preken luisteren om te beoordelen of die niet opruiend waren.

In de loop van de negentiende eeuw kreeg Nijmegen echter een katholieke bovenlaag die zich niet 'achterlijk' liet noemen. Ze ging op haar strepen staan, richtte bijvoorbeeld De Gelderlander op, als katholieke krant naast de protestantse Nijmeegsche Courant. Ook bouwden de Nijmeegse katholieken grote neogothische kerken met torens die net zo hoog waren als die van de belangrijke protestantse Stevenskerk. Voor buitenstaanders leek Nijmegen een rooms bolwerk te worden, maar in feite was het slechts een reactie op een minderwaardigheidscomplex waar de katholieken lang onder geleden hadden.''

De katholieken kregen dus niet meer invloed, ze werden alleen duidelijker zichtbaar, meent Van de Sande. Problemen gaf dat niet, want van antipapisme was aan de Waal nog nooit sprake geweest en ook de protestanten genoten respect.

,,Eigenlijk is het er hier altijd oecumenisch aan toegegaan'', meent de hoogleraar. ,,En tegenwoordig maakt het al helemaal niets meer uit of je protestant of katholiek bent, nu is er het Citypastoraat voor iedereen.''

Als er een figuur uit de tweeduizendjarige religieuze geschiedenis is, die tot Van de Sande's verbeelding spreekt, dan is het Justus van der Brugghen.

Deze voormalige minister van justitie (1856-1858) kwam uit een deftige Nijmeegse familie die graag naar de Waalse kerk ging. In de jaren dertig van de negentiende eeuw was Van der Brugghen een aanhanger van het Réveil, een aristocratisch-ethische hervormingsbeweging binnen het Nederlandse protestantisme. Van der Brugghen en zijn medestanders vonden dat de hervormde kerk als 'staatskerk' veel te veel op zoek was naar de grootste gemene deler voor de gelovigen, in plaats van zich te concentreren op de juiste leer. Daarom stichtte Van der Brugghen op eigen initiatief de eerste protestants-christelijke school van Nijmegen. Later volgde een kweekschool die al snel bekend kwam te staan als de beste van het land.

Van de Sande: ,,Justus van der Brugghen was een deftige heer die niet te beroerd was om zich in te zetten voor gewone mensen. Hij miauwde niet alleen maar dat de katholieken niet deugden, maar probeerde ze zelf te verlichten. Zoiets spreekt mij aan.''

Wat kan de geschiedenis van gelovig Nijmegen ons leren voor de toekomst, zal God ooit verdwijnen aan de Waal?

,,Zeker een derde deel van de afgelopen tweeduizend jaar speelde het geloof zich af buiten de kerk'', zegt Van de Sande. ,,Niet voor niets verliep de Reformatie hier nogal geruisloos, de meeste mensen deden nauwelijks aan de kerk. Dat zie je nu weer. Toen in de jaren zeventig de nieuwbouwwijk Dukenburg ontwikkeld werd, waren er drie katholieke kerken gepland. Nog voor de wijk klaar was, werden de plannen bijgesteld. Er bleek nog slechts één multifunctioneel centrum nodig, voor katholieken en protestanten samen. De huidige generatie wil zich liever niet binden. Kerken moeten er daarom niet naar streven iedere zondag vol te zitten, dat heeft weinig zin. Ze moeten laten weten dat ze er zijn, dan zullen mensen er gebruik van maken als ze daar behoefte aan hebben. Want die behoefte is er altijd geweest, dat was al zo bij de Bataven.''

,,Maar hoor eens'', zegt Van de Sande, ,,ik ben een historicus. Die moet je niet naar de toekomst vragen. Daarvoor moet je bij een profeet zijn.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden