2 februari / Er leven nog kokkels in de Waddenzee,

ondanks de rampzalige verwoesting van delen van de wadbodem door de mechanische kokkelvisserij. Op sommige strandgedeelten op de Waddeneilanden spoelen de kleppen van gestorven kokkels of hartschelpen (de twee kleppen van een doosje vormen van de zijkant gezien samen een hart) nog massaal aan. Ze zijn wit gekleurd als ze vers zijn, bruin als ze een tijd in een ijzerhoudende laag hebben gelegen, blauw of zwart als ook zwavel in het spel is geweest.

Kokkels leven in uitgestrekte banken net onder het slikoppervlak. Jonge kokkels vormen het stapelvoedsel van kanoetstrandlopers. Die hebben dat voedsel nodig om de lange reis naar het zuiden te kunnen volbrengen: kanoeten die in Siberië broeden en via de Waddenzee trekken, overwinteren in Senegal en Mauretanië. De Waddenzee is noodzakelijk om op te vetten, voordat ze van hun noordelijke broedgebieden naar de zuidelijke overwinteringsplaatsen vliegen. Kanoeten zijn het slachtoffer van de mechanische kokkelaars, eidereenden en scholeksters van het verdwijnen van de mosselbanken. Aan het eind van de vorige eeuw overwinterden in het westelijke deel van de Waddenzee honderdduizend kanoetstrandlopers. Kanoetonderzoeker Theunis Piersma verwacht dat er over acht jaar geen kanoet meer over zal zijn. Hopelijk krijgt hij ongelijk.

* Met zijn allen vernietigen we Gods schepping. De opwarming van de aarde is niet meer te stoppen. Zelfs het licht vijf minuten uitdoen om een signaal af te geven aan de politiek, zal geen resultaat hebben. Er is maar één troost: de natuur zal overleven, hoe die er ook uit zal zien.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden