150 jaar Rode Kruis: als eerste bij de cafébrand in Volendam, maar smetjes zijn er ook

Een Nederlandse equipe van het Rode Kruis was in 1912 in het West-Turkse Tsjorloe bij de Balkanoorlog.Beeld TRBEELD

Zijn bet-overgrootvader stichtte het Nederlandse Rode Kruis. Willem-Alexander kan nu 150 jaar terugbladeren.

Willem-Alexander krijgt het maandagmiddag aangeboden, het eerste exemplaar van het boek over de 150 jaar die het Rode Kruis dit jaar bestaat. Maar als de koning het boek echt meeneemt naar zijn inmiddels befaamde Wassenaarse bibliotheek, zal hij bij lezing niet alleen maar heldendaden aantreffen.

'Hier om te helpen' gaat over het werk dat zijn voorvader Willem III in 1867 mogelijk maakte door bij Koninklijk Besluit 'eene Nederlansche vereeniging tot het verleenen van hulp aan zieke en gewonde Krijgslieden in tijd van oorlog' in te stellen. Dat was vier jaar nadat Henry Dunant het Internationale Rode Kruis oprichtte. En dus anderhalve eeuw voor dit jaar, waarin de organisatie in Nederland is gegroeid naar het ongekende aantal van bijna dertigduizend vrijwilligers.

Omdat dichtbij - gelukkig - weinig slagvelden te vinden waren, verbreedde de Nederlandse tak al snel het werk. Hulp op een ver slagveld is al lang niet meer de kerntaak van de organisatie. En zo ging het van de hulp op het slagveld in bijvoorbeeld de Boerenoorlog ruim een eeuw terug naar de pestepidemie op Java in 1914 ook naar het binnenlandse werk. En dus staan vrijwilligers inmiddels blaren te prikken bij de Vierdaagse, of geven ze cursussen EHBO door het hele land. En staan ze paraat bij rampen als de cafébrand in Volendam, zestien jaar geleden. Het boek geeft indringende getuigenissen van de hulp direct na dit soort catastrofes.

Het Rode Kruis in actie bij de Nijmeegse Vierdaagse.Beeld TRBEELD

Maar smetjes zijn er ook, constateren historica Margot van Kooten en journalist Ad van Liempt in het boek waarvoor ze ook toegang hadden tot materiaal dat niemand nog eerder kon inzien. Tijdens de Tweede Wereldoorlog krijgen de Joden die naar de Duitse kampen zijn gestuurd, bitter weinig aandacht van het Rode Kruis. Een Nederlander die per brief vraagt of er levensmiddelenpakketten naar een kamp gestuurd moet worden, krijgt als antwoord dat hij zich maar 'tot een andere instantie moet wenden'.

En om een sprong te maken in de geschiedenis: de vrijwilligers die zich melden in Enschede kort na de grote vuurwerkramp van 2000, doen hun best, maar de gemeente heeft het Rode Kruis verder over het hoofd gezien in het chaotische deel van de stad. Maar er zijn natuurlijk ook de watersnoodramp en de vliegtuigcrash op de Amsterdamse Bijlmer, waar de vrijwilligers met het Rode Kruis weer vooraan staan. In dit jubileumjaar organiseert het Rode Kruis festiviteiten door het hele land, waaronder een tentoonstelling waarin bezoekers in grote rode kruizen filmpjes kunnen bekijken over de geschiedenis van de organisatie.

Ad van Liempt en Margot van Kooten: 'Hier om te helpen. 150 jaar Nederlandse Rode Kruis'. Uitgeverij Balans
Kijk ook op de website van het Rode Kruis voor meer informatie over de tentoonstelling. 

Als eerste bij cafébrand Volendam

Beeld TRBEELD

Corry Zutphen (59) voormalig leerkracht uit Monnickendam, verleent noodhulp bij rampen.

“Sinds 1983 ben ik vrijwilliger bij het Rode Kruis. Is er een ramp, dan word ik opgeroepen. In onze regio is dat maar één keer nodig geweest: bij de nieuwjaarsbrand in café ’t Hemeltje in Volendam.

“Met een collega was ik die nacht als eerste ter plaatse. Alleen de brandweer was er. We werden een huis binnengeleid. Bewoners hadden linnenkasten leeggetrokken en op iedere verdieping met een kraan waren mensen in de weer. We hebben onze tent opgezet, ik heb wonden verzorgd en infusen klaar gemaakt voor gebruik. Ik herinner me vooral hoe stil het was. Als er echt iets aan de hand is, schreeuwen mensen niet.

“Later is ons team opgevangen door een traumapsycholoog. Ik had last van slapeloosheid. Het Rode Kruis hield alle vrijwilligers drie maanden buiten dienst. Dat was goed.

“Een jaar erna hebben we onze tent daar nog eenmaal opgezet. Mensen kwamen ons bedanken, met name ouders van kinderen die we hadden geholpen.”

Genieten van muziek maar ook hard werken

Beeld Trouw

Jan Out (22) verpleegkundige uit Haserwoude-Dorp, verleent EHBO bij evenementen.

“Ik zeg altijd: ‘Ik hoop niet dat je valt, maar als je valt, hoop ik dat ik er ben.’ Ik werk graag op de EHBO bij grote evenementen. Ik zie hier andere gevallen dan op mijn werk in het ziekenhuis: blaren, flauwtes, mensen die te veel hebben gedronken of drugs hebben gebruikt. Er is veel saamhorigheid binnen het team, met mensen met allerlei achtergronden. Sommigen zitten in het dagelijks leven achter de kassa, op kantoor of op de sociale werkplaats.

“Bij festivals is het leuk dat ik gratis van de muziek kan genieten, maar ik moet ook hard werken. Eén keer heb ik iemand gereanimeerd. Het was een rustig evenement voor kinderen, maar een van de opa’s werd niet lekker.

“Mijn favoriete evenement is de Vierdaagse in Nijmegen. Vorig jaar was ik daar voor het eerst. Collega’s waarschuwden me voor het Vierdaagsevirus. Ik dacht: Ik ben een nuchtere polderjongen, het zal wel meevallen. Maar nee: ik heb al geregeld dat ik komende zomer weer ga.”

Druk met vergroten zelfredzaamheid ouderen

Beeld Trouw

Jan Huurdeman (67), voormalig manager bij de NS, leidt een proef in Amersfoort om de zelfredzaamheid van ouderen te vergroten.

“Ik ga met andere vrijwilligers van deur tot deur bij ouderen. We letten op inbraak-, val- en brandpreventie, zorgen bijvoorbeeld dat er leuningen aan beide zijden van de trap komen. Niet iedereen heeft het netwerk of is mondig genoeg om dat te regelen.

“Mensen denken bij het Rode Kruis vaak aan noodhulp of EHBO, maar vergroten van zelfredzaamheid is een van onze peilers. Ouderen wonen immers langer zelfstandig.

“‘We bezochten eens een 93-jarige vrouw van 1 meter 50. Zij klom iedere dag drie keer op een krukje om in de spiegel boven haar wasbak te kijken. Iets simpels als het verhangen van de spiegel, helpt dan echt.

“We zien dat er samenwerking ontstaat in de buurt. We komen bij mensen thuis, ze vertellen ons hun problemen, over eenzaamheid. Er is nu een telefooncirkel van mensen die elkaar iedere ochtend bellen om te horen of alles goed gaat.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden