15 maart / De bloedzuiger voedt zich als een echt roofdier

De gewoonste bloedzuiger van ons land zuigt geen bloed, want hij heeft geen kaken, waarmee hij wonden in een huid kan maken.

Hij voedt zich als een echt roofdier met kleine waterdieren, zoals kreeftjes en wormpjes, die hij opzuigt. Op zijn beurt wordt hij het slachtoffer van veel eters, zoals watersalamanders, kikkers, padden, de meeste vissen en ook allerlei roofzuchtige waterinsecten. Deze soort vergrijpt zich ook nogal eens aan kleinere soortgenoten en is dus kannibalistisch.

Het afgeplatte wormenlichaam heeft net als de echte bloedzuigers duidelijke segmenten, die elk zelf weer uit een aantal ringen bestaan. Het lijf is smal aan de voorzijde en heeft een grote schaalvormige zuignap aan het achterste einde.

Bij deze soort zijn de acht donker gepigmenteerde ogen paarsgewijs helemaal vooraan gegroepeerd op de ringen aan de rugzijde. Alleen de vier voorste zijn zonder vergrotend instrument goed te zien als een boog langs de voorrand. De buikzijde is lichter dan de rug, die bruinachtig is met rijen lichte vlekken, die van kleur en vorm nogal kunnen variëren.

Dit hooguit vijf centimeter lange dier is net actief geworden. Het overwintert in de modder en leeft in stromende en stilstaande, rijk begroeide zoete wateren. Het kruipt buitengewoon levendig rond en kan uitstekend zwemmen. Speciale ademhalingsorganen ontbreken: bloedzuigers nemen zuurstof door de huid op.

Je vindt het dier in de literatuur onder verschillende namen: het meest de oude namen gewone nephelis en achtogige bloedegel. Kenners noemen het dier bij de wetenschappelijke naam: Herpobdella octosulcata.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden