12 januari / Waar mensen wonen, leven Turkse tortels,

want deze beige duifjes zijn echte cultuurvolgers, die je nooit in het bos of op de heide zult tegenkomen. Toch broedden de eerste Turkse tortels hier pas in 1950 (Musselkanaal, Harderwijk en Soest). Veel vogelaars beschouwen hem als een ongewenste exoot, maar hij is toch op eigen kracht vanuit het oosten naar West-Europa gekomen. Ondertussen is onze eigen zomertortel zeldzaam geworden – het sonore ’toer-toer...toer-toer...’, waaraan de zomertortel zijn wetenschappelijke naam dankt, is zelden meer te horen – en het ’hoe-hoe-hoe...’ van de vroeger zo gewone holenduif hoor je ook bijna niet meer. Wat niets met de Turkse tortel te maken heeft.

In de tuin staat de wilde hyacint al twee centimeter hoog boven de grond. Ook het grijsgroene blad van de narcissen steekt al vijf centimeter boven de aarde uit. Dotters bloeien twee maanden eerder dan in normale jaren.

Het zachte winterweer lokt allerlei activiteiten uit van insecten. Er worden rondvliegende atalanta’s en dagpauwogen gemeld. Vliegen bezoeken de bloeiende tuinplanten om het stuifmeel. Ik vond vraatsporen van de rupsen van de kopervlinder aan verschillende tuinplanten, vooral aan de bladeren van de gevlekte dovenetel. Rupsen van de kopervlinder zijn niet eenkennig in hun voedselkeus en leven onder zachte winteromstandigheden door, alsof het helemaal geen winter is.

Zanglijsters en merels laten zich op veel plaatsen in de steden luidkeels horen. Eigenlijk hebben de merels deze hele winter door gezongen, zij het altijd zachtjes voor zich heen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden