10 januari / Bundelmycena’s groeien in groepen op takken

en stronken van allerlei loofhout en soms op verterende rieten daken. Deze bundelmycena’s vond ik gisteren op een vermolmd deel van een knotwilg in de polder.

Genoeg reden om uit te kijken naar nog andere soorten paddestoelen in deze tijd van het jaar.

In het algemeen zijn mycena’s klein en niet gemakkelijk op naam te brengen. Bundelmycena’s zijn een uitzondering: de gestreepte hoed kan een middellijn hebben van wel vier centimeter.

* Tot nu toe verschilt deze superzachte winter nauwelijks van de winters van de afgelopen jaren. Wel enigszins wat het weer betreft, maar niet in het gedrag van dieren en planten. De inheemse kleine maagdenpalm is een voorjaarsbloeier, die in april zijn hoofdbloei beleeft, maar nu al volop bloeit in een tuin op het zuidoosten. Aan de waterkant begint de moerasspirea uit te lopen. De neuzen van de blauwe sterhyacintjes (Scilla siberica, Scilla bifolia en Scilla amoena) komen boven de grond.

In de broedtijd krijgt de snavel van de blauwe reiger een enigszins oranje tint. Dat is al bij verscheidene reigers te zien. In de kolonies in de steden houden mannetjes hun nest bezet en verdedigen ze deze tegen andere mannetjes. Tegelijk proberen ze met gebaren een vrouwtje erheen te lokken. Als het niet alsnog streng gaat winteren, zullen eind januari de eerste vrouwtjes al op eieren zitten. Hier en daar zijn in de vroege morgen zingende zanglijsters te horen.

Op www.trouw.nl/groen vindt u oudere afleveringen van het natuurdagboek van Henk van Halm. Daar kunt u tevens vragen aan hem stellen over inheemse dieren en planten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden