1 Tuinen kijken in Groningen

In Oost-Groningen verwacht je geen frivoliteiten. Maar de slingertuinen van de herenboerderijen kunnen zich meten met de landschapsparken langs de Vecht.

Pracht en praal in het land van de communisten; nee dát verwacht je niet. Frivoliteit hoort immers niet bij de Groninger boeren, die noeste werkers op dat 'stugge' land. Aangenaam is dan ook de verrassing als we - ter gelegenheid van de komende Groningse Tuin en Kunst Tiendaagse - op de fiets stappen voor een tocht door het Oldambt.

Het land oogt vertrouwd. De akkers gestreept met diepe voren, de weiden groen en glad, de verte eindeloos. Maar dan, als de hersens zijn ingesteld op rechte lijnen, doorbreekt in Oostwold een voortuin het stramien. Bij de voormalige boerderij van Hilda Mensinga slingeren de paden, verheffen zich heuvels en weerspiegelen vijvers de hemel. In de besloten perken bloeien akeleien en geraniums in alle kleuren roze en violet en voert een klinkerpad langs geknotte esdoorns.

Het tafereel doet denken aan de Engelse landschapstuinen van de 's-Gravelandse en Vechtse landgoederen. En inderdaad. Groningen heeft zijn eigen variant: de slingertuin. Kleiner dan de uitgestrekte Engelse landschapsparken, maar net zo goed bedoeld om te pronken en net zo oogstrelend en monumentaal.

"Het ging de Groninger boeren in de negentiende eeuw voor de wind. De graanprijzen waren goed en er was voldoende geld om voor het huis - dat overigens ook steeds fraaier werd - een siertuin aan te leggen", vertelt kenner Stieneke van der Wal. Ook Groninger boeren toonden graag hun welstand. Tussen 1860 en 1930 verschenen er in de hele provincie honderden slingertuinen. Bij de boeren, maar ook bij notabelen.

De crisis van de jaren dertig, ruilverkaveling en modernisering deden veel tuinen verdwijnen. Tot in 1999 de Boerderijen Stichting Groningen samen met andere partijen het Herstelproject Slingertuinen begon. Sindsdien zijn tientallen historische tuinen 'onder de grasmat vandaan gehaald'.

De liefde voor de slingertuin zit diep bij de Groninger grondbezitters. Trots leidt Hilda Mensinga ons langs eeuwenoude beuken, kastanjes en lindes, voert ons over piepkleine heuvels - hier bergjes geheten - en de vijvers "waaruit ze komen". Slingertuinen liggen vóór het huis en waren bedoeld om mee te pronken: er achter waren de moestuin en bongerd. Fruit en groenten heeft Mensinga nog steeds en vooral ook veel bloemen. En ruimte, veel ruimte.

Na drie kwartier zijn we vervuld van schoonheid en duizelig van zo veel Latijnse namen. We krijgen nog een plantje mee met paarse klokjes, dat we al snel anonymus noemen, en gaan op weg naar de tuin van Arnold Feiken en zijn eega.

Een bijzonder stel. Want terwijl de authentieke boerderij nog jarenlang verbouwen behoeft, pakte Arnold toch eerst de verwaarloosde, overgroeide tuin aan. "Op een foto uit 1930 lag er rondom het huis nog een echte slingertuin. De monumentale rode beuk stond er nog. Op grond van oude documentatie is een nieuw ontwerp gemaakt. En nu is de slingertuin er weer. Compleet met perken vol rimpelrozen, vijver, gracht en bergjes en natuurlijk een slingerpad. Een tuin om tot rust te komen."

En inderdaad. Hoewel bescheidener dan Mensinga's erf, is het ook in deze tuin aangenaam vertoeven. De geuren van Groninger koek en rimpelroos vloeien moeiteloos samen, net als tuin en ommeland. "Ja, de tuin is via zichtlijnen verbonden met het land er om heen. Ze versterken elkaar", legt boerenerfkenner Van der Wal uit. "Open- en beslotenheid."

De slingertuin en boerderij uit 1858 van Hermans Dijkstra in Midwolda zijn beide oogverblindend. Het geheel is dan ook in beheer bij een speciale stichting. En dat niet alleen. Tien vrijwilligers werken gezamenlijk elke week een ochtend in de tuin.

En dat is te zien. De buxushagen liggen er geschoren bij, de slingerende schelpenpaden zijn nauwgezet ingekaderd en in de borders reiken lelies en keizerskronen koninklijk de hemel in. De treurbeuk is groot genoeg om een enorme helgroene grot te vormen en op de oude fruitboom staan de jonge peertjes nog fier rechtop. We bukken, bekijken en becommentariëren. Haast past hier niet.

Na een uur slingeren stappen we weer op de fiets. We rijden van Midwolda naar Finsterwolde, passeren de malle Blauwe Stad en doen Beerta aan en Scheemda.

Steeds de hand opstekend, zoals dat hoort op het platteland, bekruipt ons meer en meer het gevoel dat we een geheim hebben ontdekt. Want wie weet nou van dit Groninger land? Dit rechte, sobere land vól opsmuk en gepaste trots.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden