Beeld trouw

ColumnRob Schouten

Zie het coronavirus als een rage

De vraag is inmiddels wat er besmettelijker is, het virus zelf, het hamsteren dat eruit voortvloeit of alle columns die daar vervolgens weer over verschijnen. Ik zag het mijzelf na een bezoek aan de supermarkt al schrijven: hoe aanstekelijk dat hamsteren wel niet is, je bent helemaal niet van plan het te doen want het is onfatsoenlijk en asociaal maar je ziet anderen het doen en denkt wacht even, ik neem toch ook maar twee pakken in plaats van één, straks is het op. Die bloedirritante en inmiddels beschamende hamstertjes van de grootste kruidenier krijgen op die manier nog gelijk ook.

Maar nee, over hamsteren schrijven is in deze dagen zoiets als water naar de zee dragen. Of misschien iets over al die fantoomposters in de stad en -commercials op tv? Dat je naar de tentoonstelling ‘Hier. Zwart in Rembrandts tijd’ moet, naar de musical ‘Hello Dolly’, naar ‘Lazarus’ van David Bowie, terwijl dat helemaal niet kan – het zijn stemmen uit het graf. Nee, ook inmiddels al door jan en alleman gedaan. Of zal ik schrijven over al die grappen over wc-papier waaronder ‘de 7 lekkerste gerechten met wc-papier’. Over mensen die geen Corona-bier meer drinken? Hm, ook niet bijster origineel.

Wat dan? Ik ga in deze zorgelijke dagen over vrolijke besmettingen schrijven, besloot ik, te weten: rages of zoals het tegenwoordig heet, hypes. Wat maakt iets tot een rage; er moeten aan besmettingen wetten ten grondslag liggen die ook voor rages gelden, zoals de razendsnelle verspreiding, het feit dat iedereen ermee bezig is. Maar rages zijn de leuke variant, ze houden mensen op een prettige wijze bezig en dat is goed nu iedereen thuis of van anderen af moet blijven (zo’n zin heet een anakoloet).

Elastiektwisten, tamagotchi, flippo

Ik herinner me uit mijn jeugd de rage van het elastiektwisten, het kostte niet meer dan een flink stuk elastiek en je kon het overal doen, binnen en buiten, het verbroederde: ik deed het zelfs met mijn zusjes. Later kreeg ik te maken met de rages van mijn dochters, de tamagotchi, een minicomputertje dat ik nog wel­eens ben gaan ‘voeden’ omdat het ding anders zouden ‘overlijden’, en verder herinner ik me de flippo, waarvan de spelvreugde mij immer duister bleef maar die je een seizoen lang overal aantrof.

Het gros van deze bevliegingen was een kort leven beschoren want zo gaat dat met passies: het zijn opgevoerde brommers, even heel snel en daarna stuk. Na een tijdje slaat de verveling toe, en raken de mogelijkheden uitgeput. Het menselijk systeem zorgt er als het ware voor dat je na al die met rages verbonden fantasieën weer tot het normale leven terugkeert.

Zoiets moet het ook met het virus zijn. De mens lijdt niet onder de gebeurtenissen en feiten maar onder wat hij van die gebeurtenissen denkt, zoals Montaigne al opmerkte. Bij besmettingen, net als bij rages, slaat ons verstand op hol tot het op een gegeven moment vanzelf weer tot stilstand komt en wij tot de realiteit terugkeren.

Zo, dat was wat ik over het corona-virus te vertellen heb. Dan geef ik nu graag weer het woord aan premier Jaap van Dissel.

Eerdere columns van Rob Schouten leest u hier

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden