Koken met KarinZeeuwse mosselen (op z'n Grieks)

Zeeuwse mosselen (op z’n Grieks)

Vriend W., zeebonk in hart en nieren, had een zeilboot geërfd van zijn vader, die geparkeerd lag in Bruinisse. Of hoe noem je zoiets.

U ziet het al, ik heb in het geheel geen verstand van zeilen, maar tot mijn grote vreugde mocht ik wel af en toe mee het Grevelingenmeer op. In badpak op de voorplecht, genietend van zon, wind, uitzicht. Een boek en een glaasje erbij. Dat waren fenomenale weekenden. ’s Avonds mosselen eten in een haventje, waarbij je dan eerst over alle andere zeilboten heen moest klauteren voor je bij de kade was. Of ergens voor anker gaan en zelf lekker koken aan boord. Er was immers een kajuit met heuse kombuis, van een wonderschone compactheid, vol handigheidjes.

Nooit sliep ik lekkerder dan toen, in slaap gewiegd door de golven.

Totaal andere koek

Diezelfde W. kwam samen met wat zeilvrienden op het idee om een grote boot te huren in het Caribisch gebied. In twee weken zouden we vanaf Martinique gaan zeilen langs allerlei eilanden, en ik mocht mee, als kok. Dat bleek echter totaal andere koek. De stevige passaatwind zorgde ervoor dat het schip meteen helemaal scheef hing zodra we de haven uitvoeren.

Karin LuitenBeeld Maartje Geels

De zeebonken, allemaal ervaren wedstrijdzeilers, waren in hun element, voor mij was het afzien. Vastgeklampt aan de reling zat ik acht uur lang te wachten tot we eindelijk weer bij een volgend eiland kwamen. In regenpak, want ondanks de tropische hitte viel er wel geregeld een hoosbui. Jezelf verplaatsen was geen optie. Binnen zitten al helemaal niet, dan was je binnen vijf minuten gierend zeeziek. Mijn enige troost was dat het oorspronkelijke idee van dag en nacht doorvaren werd losgelaten, dus ’s nachts lagen we ten minste veilig ergens in een haven. Bizar genoeg ging de wind zelfs ’s avonds niet liggen, ik herinner me soep die letterlijk van de lepels woei.

Nee, die zeilvakantie, ik vond het helemaal niks. Ondanks de prachtige turquoise wateren had ik enorme heimwee naar de Grevelingen. Alleen ben ik daar nooit meer geweest, want W. emigreerde kort daarop naar Australië.

Toch jammer.

Ik dacht aanvankelijk aan een Caribisch recept voor de mosselen, maar ik stuitte toevallig op een Grieks recept. Rond de Griekse eilanden kun je ook geweldig zeilen, schijnt. Mij niet gezien, maar mosselen op z’n Grieks, met tomaten, paprika en fèta, daar teken ik voor.

Beeld Karin Luiten

Zelf maken (nodig voor 2 personen)

1,5 kg mosselen in de schelp
3 rijpe tomaten (250 g)
1 groene paprika
150 g feta
100 ml witte wijn
1 rode ui
2 knoflooktenen
1 ⁄ 2 rode chilipeper
1 volle eetl gedroogde oregano
klein handje platte peterselie
olijfolie

Vul de gootsteen met koud water en parkeer de mosselen erin. Snipper de ui, knoflook en chilipeper. Verhit een scheut olijfolie in een grote pan. Dat kan een mosselpan zijn, maar een flinke hapjespan voldoet ook prima. Fruit de boel daarin zachtjes glazig. Snij intussen de tomaat en paprika in kleine stukjes. Voeg toe aan de pan, samen met de oregano, en stoof alles een minuut of vijf op laag vuur. Intussen heeft u tijd zat om de mosselen af te gieten en te checken op kapotte exemplaren; die gooit u weg. Ook eventuele ‘baarden’, van die harige slierten, trekt u eraf.

Zet alvast de ovengrill aan op de hoogste stand. Giet de wijn in de pan, doe de mosselen erbij en laat met deksel op de pan op hoog vuur een minuut of 6-8 pruttelen tot de mosselen allemaal openstaan. Het helpt om ze halverwege een keertje om te scheppen, of om de pan – hou de deksel goed vast met twee ovenwanten – even stevig om te schudden.

Verkruimel alvast de fèta en hak de peterselie fijn. Doe de mosselen met al het vocht over in een grote ovenschaal, bestrooi met feta en giet er een fliebel olijfolie over. Zet een paar minuten onder een hete grill tot de kaas begint te kleuren. Bestrooi met de gehakte peterselie.

Serveer met veel brood om lekker in de (vrij dunne maar heerlijke) saus te deppen. Frans stokbrood bijvoorbeeld, dan bent u helemaal lekker pan-Europees bezig.

Tips

Saus over? Zorg dat alle schelpen eruit zijn (!) en pureer de rest in de blender tot een verrukkelijk schuimig soepje. Even opwarmen en klaar.

Zeg je Zeeland, zeg je Zeeuwse mosselen. Wat veel mensen echter niet weten, is dat lang niet alle Zeeuwse mosselen ook daadwerkelijk uit Zeeland komen. Vaak worden ze geïmporteerd uit Ierland of Denemarken en na een dompelbadje in de Oosterschelde zijn ze, tadaaa, ineens omgetoverd in Zeeuwse trots. Tenzij u het keurmerk ‘Zeker Zeeuws’ ziet, dan komen ze echt van begin tot eind uit Zeeland, zoals bijvoorbeeld die van FishTales uit de supermarkt.

Mosselen, nu al? Dat is toch pas in september, als de ‘r’ in de maand is? Dat was vroeger, inderdaad, toen er nog geen gekoeld vervoer was, maar die tijden zijn veranderd. Het nieuwe ezelsbruggetje is dat u het beste mosselen kunt eten wanneer de ‘r’ in het seizoen zit, in plaats van in de maand. Dus zomer, herfst en winter. Alleen de lente (april-juni) is minder geschikt, want na de voortplantingstijd moeten de mosselen eerst weer aansterken. Al is er wel verschil in de teelwijze: de hangcultuurmosselen zijn vaak in mei al geschikt voor consumptie, de traditionele bodemcultuurmosselen zijn er vanaf juli.

Mailadres: info@kokenmetkarin.nl

Karin Luiten werd bekend met haar pleidooi te koken zonder pakjes en zakjes en deelt wekelijks een recept met verse ingrediënten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden