Interview Jet Bussemaker

Yep’s hoeven niks, maar ze kúnnen zo veel, zegt Jet Bussemaker

Jet Bussemaker, PvdA-prominent, oud-minister en Voorzitter van de Raad voor de Volksgezondheid. Beeld Werry Crone

Jet Bussemaker presenteert binnenkort een advies over het toenemende aantal Young Elderly Persons (yep’s). De nadruk ligt op het kúnnen, niet op het moeten.

In de aanloop naar het advies ‘Gelukkig worden we oud’ ploegen haar medewerkers van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS) de dossiers door, bestuderen rapporten, spreken deskundigen én ouderen. Maar misschien heeft voorzitter Jet Bussemaker voor dit rapport wel het meest geleerd van de dood van haar eigen ouders.

“Ze zijn allebei vorig jaar overleden”, zegt ze, “op gezegende leeftijden: 85 en bijna 90 jaar. Toen ik tien jaar geleden staatssecretaris van volksgezondheid was en bezig met integraal ouderenbeleid, vroeg ik aan mijn eigen vader en moeder of ze niet eens moesten nadenken over een andere woning.” Eentje met minder onderhoud, gelijkvloers zonder trappen en drempels. Kortom, iets serviceflat-achtigs.

“Maar ze reageerden als de meeste ouderen. ‘We wonen hier toch lekker! We zijn hier helemaal gelukkig’. In hun laatste jaren waarin ze allebei veel zorg nodig hadden, heb ik weleens gedacht: was mijn advies nou zo verstandig? Want ze hebben het gered en zijn tot hun allerlaatste snik lekker thuis blijven wonen. Dat kón ook omdat ze enorm veel steun hadden van iedereen uit de buurt. Die kregen ze terug voor al die jaren dat zijzelf voor de kinderen van de buurtbewoners hadden gezorgd, en voor hun honden, katten, cavia’s en kamerplanten. Als ze mijn advies hadden gevolgd, waren ze misschien wel ver weg van hun vertrouwde buurt in een flatje met zorg terechtgekomen.”

Wat Bussemaker hiermee maar wil zeggen: kun je je als yep wel voorbereiden op een toekomst die je niet kent? En hoe moet je beleid ontwikkelen voor situaties die voor alle yeps anders zijn? Toch vouwt ze binnenkort een kaftje om haar bevindingen en gaan die richting kabinet. “Na de dood van mijn ouders snap ik de ouderen beter die twijfelen over de vraag hoe zij zich moeten voorbereiden op de laatste fase van hun leven. Het is namelijk heel moeilijk om dat momentum te bepalen. Voor mensen van tachtig kan een verhuizing te vroeg zijn, voor mensen van zestig te laat.”

Daarbij komt dat mensen ook helemaal niet wíllen nadenken over ouder worden. Zolang we daar niet over piekeren, zíjn we ook niet op leeftijd, zegt ze. We houden ons ook niet bezig met ons inkomen als we gaan scheiden, terwijl dit voor vrouwen toch zeer nadelig uitpakt. We stoppen het weg. “Maar ons advies luidt om dit juist niet te doen. Tussen onze pensioenleeftijd en het moment dat we afhankelijk worden zit inmiddels een periode van wel twintig jaar. Daar kunnen we echt iets mee”, zegt Bussemaker, terwijl ze hier het woord ‘moeten’ bewust omzeilt.

Grote uitdaging

Het aanstaande advies over die zogenoemde derde levensfase was voor Trouw de aanleiding voor het journalistieke project ‘De Yep van Tegenwoordig’, met het gelijknamige opinieonderzoek van I&O Research. Niet alleen het aantal levensjaren na het pensioen neemt toe, ook het aantal mensen in deze fase. Zij zijn gemiddeld rijker, ­hoger opgeleid en gezonder dan voorheen, maar deze generatie wacht één grote uitdaging: tegen de tijd dat zij echt zorgafhankelijk worden is er niemand meer die voor hen zorgt.

In 2040 zijn er 350.000 vacatures in de ouderenzorg, de mantelzorgers zijn dan zelf ook zo oud geworden dat zij geen steun kunnen bieden. De yeps van tegenwoordig kunnen zich daartegen op twee manieren weren. Ze moeten zorgen dat zij zo lang mogelijk vitaal blijven, in een actief en uitdagend leven. En ze kunnen alvast nadenken hoe zij hun leven in afhankelijkheid willen vormgeven. Door goed te gaan wonen, de financiën te regelen en een netwerk op te bouwen bijvoorbeeld. Zo maakten de buren van het oude echtpaar Bussemaker het verschil. Maar het onderzoek van Trouw liet ook zien dat yeps nauwelijks met die toekomst bezig zijn. Ze gaan er liever met de camper op uit.

“Daar is ook helemaal niets mis mee” zegt Bussemaker. “Iedereen moet vooral doen waar hij of zij zin in heeft, maar het Trouw-onderzoek toont óók dat 70 procent van de gepensioneerden ‘nuttig wil blijven voor de samenleving’.” Dat is volgens haar een enorm rijk potentieel waarvan op dit moment in maatschappelijk opzicht geen gebruik wordt gemaakt. “Na onze harde pensioendatum ontstaat er een flink beleidsvacuüm, een blinde vlek. De overheid gaat zich pas weer met ouderen bemoeien als zij zorg nodig hebben. Dat is zonde. In ons advies gaan we de overheid vragen meer aandacht te schenken aan dit enorme potentieel van betrokken en gemotiveerde mensen, en tegelijkertijd barrières weg te nemen die hun deelname aan de samenleving in de weg staan.”

Prijsvraag: Een beter woord voor oud

Het huidige vocabulaire doet de ‘jongere oudere’ ernstig tekort. Weet u een beter woord voor mensen in de derde levensfase? U kunt uw taalidee deze week nog sturen naar yep@trouw.nl. Op 26 oktober maakt de jury bekend in het programma De Taalstaat op Radio1.

Op dit moment is het zo, zegt Bussemaker, dat mensen na hun pensioendatum feitelijk worden afgeschreven. Ze zijn niet meer productief, en willen zich niet meer aan de samenleving verbinden, is de gedachte. “Ik denk dat we de zaak kunnen omdraaien. We moeten ze vragen hoe wij hen met behoud van hun autonomie weer met anderen kunnen verbinden. Vrijwilligerswerk is een voor de hand liggende suggestie, maar ook kunnen yeps elkaar helpen met klussen in huis, de belastingen, de tuin. Dat hoeft niet in beleid verankerd te worden en van bovenaf opgelegd, maar lagere overheden kunnen dit wel stimuleren en ondersteunen.”

Anticiperend op de krapte op de arbeidsmarkt in de zorg, kunnen yeps ook onderzoeken of zij door bij elkaar te wonen, de buren kunnen helpen. Maar ouderen kunnen volgens haar ook iets betekenen bij het verlichten van de werkdruk in het basisonderwijs. “Waarom wordt er geen beroep gedaan op ouderen om voorleeskracht te worden of muziekmedewerker? Dat verlicht de werkdruk van de juffen en meesters, houdt de ouderen vitaal waardoor zij langer onafhankelijk blijven, en dat contact tussen jong en oud bestrijdt ook nog eens de eenzaamheid.” Die connectie leidt volgens haar dus tot positieve effecten op meerdere terreinen.

Lang Leve Kunst

Een ander voorbeeld is volgens Bussemaker het project ‘Lang Leve Kunst’ waartoe PvdA-coryfee Hedy d’Ancona (in de jaren 90 minister van welzijn) het initiatief nam. “In dit platform voor kunst- en cultuurparticipatie ontmoeten ouderen andere mensen die zich net als zij met allerlei vormen van kunst bezighouden. Terwijl ze zich ook persoonlijk blijven ontwikkelen. Bussemaker: “Dit project is een groot succes, maar moest worden uitgevonden. Lang dachten we dat cultuureducatie vooral iets voor jongeren was. Dat is nu precies de gedachte waar we van af moeten.”

Er moet niet alleen meer aandacht komen voor de derde levensfase, er zijn ook barrières die moeten worden geslecht. Bussemaker kondigde het al eerder aan. Ze noemt de woningcorporaties die vooral eengezinswoningen of gestapelde appartementen bouwen, terwijl er een enorme markt openligt met ouderen die geclusterd in hofjes bij elkaar willen wonen.

Ze wijst ook op harde pensioenleeftijd die na het laatste Pensioenakkoord weliswaar iets flexibeler is geworden, maar lang niet genoeg. “Er moet iets aan de premies kunnen worden gedaan waardoor het voor werkgevers en werknemers aantrekkelijker wordt samen verder te gaan. Waarom is er bijvoorbeeld een arbeidsongeschiktheidspremie nodig, als een werknemer al recht heeft op AOW? Die vraag kun je ook bij andere kostenposten stellen.”

Ouderen stellen veel prijs op hun ­autonomie. Die willen ze behouden, merkte Bussemaker niet alleen bij haar eigen ouders. “Maar we moeten uitkijken dat we de yep niet als ‘maat der dingen’ gaan zien. Ons advies heeft weliswaar een positieve insteek, maar herbergt ook een pleidooi om verschillen te blijven zien. ‘Gelukkig oud’ wordt nu voor een groot deel door veel geluk bepaald, of je moet goed in je slappe was zitten om verzorging in te kopen.”

Groeiende kloof

Maar het Trouw-onderzoek laat ook een kloof tussen arm en rijk zien, zegt ze. “Daar schrik ik toch weer van. Ik heb al eerder aandacht gevraagd voor het feit dat de verschillen in levensverwachting eerder groter dan kleiner worden. Laagopgeleiden leven ongeveer ­zeven jaar korter dan hoogopgeleiden, maar het verschil in tijd dat je in goede gezondheid leeft, is opgelopen tot vijftien jaar. Dat betreft een groot deel van de tijd waarin de yeps leven. Integraal onderdeel van ons advies is: gelukkig worden we oud, maar dit moet wel voor iedereen gelden. Ik vind het een hard gelag dat mensen die vroeg zijn begonnen met werken, zware beroepen hebben, het hardst getroffen worden door verhoging van de AOW-leeftijd én daarna nog korter in goede gezondheid leven.”

In dat kader zou Bussemaker wel voelen voor een ‘generatietoets’ zoals die laatst onder jongeren is uitgevoerd door de Sociaal-Economische Raad (Ser). Een stapeling van problematieken maakt dat zij het mentaal erg zwaar hebben. Zo’n optelsom van ongelijkheden zou er ook voor ouderen gemaakt moeten worden. Die kan duidelijker maken hoe de kloof ontstaat en daarmee de ongelijkheid in de (ouderen)zorg. “Misschien dat na die analyse we ervoor kunnen zorgen dat de welvaart en het welzijn gelijker over onze samenleving wordt verdeeld.” De titel van dat nieuwe vervolgrapport zou dan kunnen luiden: ‘Gelukkig worden we samen oud’.

Op trouw.nl/yep leest u alle uitkomsten van het onderzoek ‘De yep van tegenwoordig’. U kunt er de test doen: wat voor yep bent u? Of de podcast beluisteren met Hans Marijnissen en Marten van de Wier, makers van de zesdelige Cursus Leefplezier. Ook die serie leest u er terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden