null Beeld

ColumnEmine Uğur

Wie is De Nederlander waar nieuwkomers zich aan moeten spiegelen?

Emine Ugur

Toen Rita Verdonk in 2004 had voorgesteld vignetten in te voeren die de mate van integratie van allochtonen zouden aangeven, vond haar partijgenoot Hans Dijkstal dat een eng voorstel en vergeleek hij het met een Jodenster. Ik vond het destijds niet eens zo’n slecht idee. “Laat maar komen”, dacht ik, “eindelijk een beetje duidelijkheid.”

We zouden de rekening op kunnen maken en elke zichzelf geïntegreerd achtende allochtoon zou zwart-op-wit bewezen kunnen krijgen of en in hoeverre daar ook echt sprake van was. Geef mij maar een cijfer op een schaal van 10. Dan is het concreet en hebben we het ten minste ergens over. Alles is beter dan het vage containerbegrip dat integratie geworden is, waar iedereen maar een eigen invulling aan geeft, maar waarvan iedereen denkt dat er hetzelfde mee wordt bedoeld.

Als je honderd mensen zou vragen wat ze met integratie bedoelen en wanneer die geslaagd is, krijg je daar nooit een eenduidig antwoord op. Begrippen als taal, werken, participeren, meedoen, aanpassen, normen en waarden zullen de revue passeren, maar een eenduidige maatstaf is er niet. Iedereen hanteert een eigen maatstaf.

Ben ik geïntegreerd als ik een hoofddoek draag, maar wel Sinterklaas vier?

Hoe goed moet de taalbeheersing bijvoorbeeld zijn? Accentloos? Foutloos? Of is het genoeg als je je verstaanbaar kunt maken? Ben ik geïntegreerd als ik foutloos Nederlands spreek, een goede baan heb, maar nooit Nederlandse gerechten eet en geen autochtone vrienden heb? Ben ik geïntegreerd als ik een hoofddoek draag, maar wel Sinterklaas vier met autochtone vrienden en in Nederland op vakantie ga?

Waar zit integratie precies in? Wat weegt zwaarder en in welke mate? Wie bepaalt de gradaties? En wie is het rolmodel? De Duindorper? De Amsterdammer? De Randstedeling? De Fries? De anti-abortus-SGP’er of de Pride vierende queer? Wie is De Nederlander waar nieuwkomers zich aan moeten spiegelen?

Wanneer het over inburgering en integratie gaat, wordt altijd de open, tolerante houding van De Nederlander als uitgangspunt genomen. Terwijl de Nashville-verklaring ook hier werd ondertekend en er in het onderwijs scholen zijn waar homoseksualiteit taboe is. Er wordt gehamerd op de gelijkheid tussen man en vrouw, en vrouwenrechten, terwijl de MeToo-schandalen elkaar op blijven volgen, het recht op een veilige abortus onder druk komt te staan en de rolverdeling tussen mannen en vrouwen op het gebied van opvoeding, huishouden en betaald werk helemaal niet zo geëmancipeerd en gelijkwaardig is als we zouden willen geloven.

On-Nederlands en onaangepast

Een autochtoon en een allochtoon kunnen hetzelfde, maatschappelijk onwenselijke gedrag vertonen, dat gebaseerd is op exact dezelfde opvattingen, maar waar de eerste wordt bekritiseerd, wordt de laatste on-­Nederlands en onaangepast genoemd.

Het idee van inburgering en integratie is gebaseerd op een ideaalbeeld van wie of wat De Nederlander is. Een soort Tinder-profiel met de mooiste selfies in de beste belichting, begeleid door sociaal wenselijke zinnen, waarmee we nieuwkomers uiteindelijk houden aan een hogere standaard dan we zelf kunnen verwezenlijken: De Nederlander die niet bestaat.

Emine Uğur is sociaal dienst­verlener en een bekend twitteraarster (@overlistener). Om de week schrijft ze een column voor Trouw.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden