null Beeld
Beeld

ColumnBert Keizer

Wat zouden we doen als de mensheid in 2150 ten einde komt?

Rudi Wester schreef een ­biografie van Jef Last. In de NRC van 15 mei doet ze erg relativerend over van alles en constateert: ­“Iedereen eindigt in de vergeetbak … Ik zit er verder niet mee. Ik wil alleen nog wel even aandacht voor die biografie, want daar heb ik echt iets belangrijks mee gedaan.”

Waarop de vergeetbak zei: geef maar hier.

In The New York Review of Books stuitte ik op een heel andere versie van de vergeetbak, waar we waarschijnlijk allemaal in gaan eindigen, Toby Ords boek The precipice: existential risk and the future of humanity. Wat ik erg vrij zou vertalen als: De afgrond: onzekerheden rond ons voorbestaan.

Het gaat hier om een poging helder na te denken over hoe alle mensen op aarde ten onder zouden kunnen gaan. Ik zeg het verkeerd. We gáán allemaal ten onder natuurlijk, maar dat gebeurt één voor één. Dit gaat om een andere overweging: de mogelijkheid dat alle mensen die er op aarde zijn door een ramp om­komen.

Het gaat om een verschrikkelijke gedachte, omdat er na het verdwijnen van de laatste mens niemand meer zou zijn die iets zou weten van wat ons allemaal is overkomen. Wij waren ooit in Gods hand, zelfs als er nergens meer een mens te bekennen viel, dan nog waren wij gezien. Maar als de totale vernietiging van de mensheid zou plaatsvinden dan zou Frits van Egters nu moeten schrijven: ‘Het is niet gezien, het is on­opgemerkt gebleven’.

Hoe hou je de AI-hond aangelijnd?

Terug naar planeet aarde. Wat kan ons gebeuren? Ord spreekt over een aantal dreigingen: nucleaire ­holocaust – botsing met meteoor – pandemie. Ord rekent uit dat de kans dat we onszelf totaal van kant maken duizend keer groter is dan de kans op een natuurramp. Nucleaire holocaust zal ons niet totaal wegvagen, ook niet als je de radioactieve fall-out en de nucleaire winter erbij neemt.

Klimaat? Zelfs als de temperatuur 20 graden stijgt, dan nog blijft er genoeg land en vers water over om een restje mensheid in stand te houden. Hoewel, er bestaat een kans op een op hol geslagen broeikaseffect waarin hitte waterdamp geeft, waterdamp hitte vasthoudt en de aarde honderden graden warmer wordt, zodat de oceanen verdampen. Het gebeurde op Venus. Ord ziet hier geen groot risico.

Afgenomen biodiversiteit is heel erg, maar zal ons niet uitroeien. Ord ziet twee echte bedreigingen: een pandemie door geknutsel met DNA en losgeslagen artificial intelligence. Wat die pandemie betreft: in 1995 lieten Australische wetenschappers een virus los dat in een paar weken 30 miljoen konijnen doodde. Ord ziet hier een aanzienlijk risico omdat je tegenwoordig online een DNA naar keuze in elkaar kunt laten zetten. Wist ik niet.

De grootste bedreiging is dan AI? Die begrijp ik niet goed. Het gaat om ‘the alignment problem’, hoe hou je de AI-hond aangelijnd? Het zal niet lang meer duren of computers worden intelligenter dan wij, alleen kennen ze geen waarden. En waarden zijn niet te verankeren in algoritmes.

Nog 130 jaar te gaan

Ik zou zeggen: als een computer rare dingen gaat regelen, dan zet je hem toch uit? Maar kennelijk ligt het ingewikkelder dan dat. Stel dat een op hol geslagen computer een verkeerschaos organiseert. Je zet hem uit. Maar hij heeft je hand gezien die naar de uitknop ging en ­onmiddellijk een noodsignaal uit­gezonden naar honderdduizend andere computers die aan de ic’s van 100.000 ziekenhuizen zuurstof ­leveren en daar nu mee stoppen? Ik weet hier veel te weinig van.

Een heel andere vraag in deze context is hoe erg wij, de nu levenden, het zouden vinden als de mensheid zeg in 2150 ten einde komt? Nog 130 jaar te gaan. Dat is een ­ellendig vooruitzicht. Het zou ons bijna doden in ons denken en doen rond kinderen hebben, het restaureren van kathedralen, het schrijven van gedichten, de zorg voor mogelijk uitstervende planten en dieren, het bouwen van huizen, het doen van wetenschappelijk onderzoek enz. enz. En dat komt omdat we niet alleen met alle mensen die nu om ons heen zijn willen leven, maar omdat we deze verbondenheid ook voelen met die er voor ons waren en die er na ons zullen komen. Het gaat om iets eeuwigs en we doen net alsof daar geen vergeetbak voor bestaat.

Bert Keizer is filosoof en arts bij het Expertisecentrum Euthanasie. Voor Trouw schrijft hij wekelijks een column over zorg, filosofie, en de raakvlakken daartussen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden