Beeld Loek Buter

ColumnRenske Jonkman

Tussen het timmeren door dromen van je eigen boerderij

Met de sloop van de oude koeienstal is alleen de kapschuur min of meer overeind gebleven. Al maandenlang staat hij daar, als het wrak van een aangespoeld schip, met enkel nog de roestige zijspanten en zonder dak. Dat is straks allemaal verleden tijd.

Afgelopen weken maakten een (achter)neef van mijn man – uit het dorp hier verderop – en zijn stagiair het nieuwe dak. Tussen de middag eten ze aan onze keukentafel een boterham. De groene en rode overalls liggen in de hal, met de vorm van hun benen er nog in. Ik heb de hele tafel voor ze gedekt maar ze hebben hun eigen broodtrommels mee. Zwijgend zitten ze aan tafel alsof ze wachten om te gaan bidden, hun werkhanden gebald op de broodtrommels. Het gebed blijft uit.

Stikstofdiscussie

“Lukt het een beetje met het dak?” vraag ik. “Best”, zegt de neef en opent ten slotte de broodtrommel met een stuk of acht boterhammen erin. Hij schenkt zichzelf koffie in. Samen met zijn vader en broers heeft hij een bouwbedrijf en ze maken vooral boerenschuren, vertelt hij, maar de laatste tijd is dat niet bepaald gemakkelijk met al die vergunningen die ineens weer worden ingetrokken of uitbreidingen die niet doorgaan door de stikstofdiscussie.

Hij zwijgt even, neemt een hap van zijn boterham. Bij hun buurman stond “net zo’n ouwe koeienstal als bij jullie” maar die eigenaar is naar Canada geëmigreerd en nu hebben ze voor de nieuwe eigenaar een spiksplinternieuwe kapschuur getimmerd. “Verder zitten hier nog maar weinig melkveehouders.”

Broodtrommel

Al die tijd staart de stagiair naar zijn broodtrommel. Hij is begin twintig. Als ik hem vraag op welke school hij zit, wrijft hij langdurig met zijn handen over zijn gezicht tot zijn wangen felrood zijn en zegt: “Ik wil eigenlijk geen timmerman worden maar akkerbouwer”.

De neef kijkt me strak aan en zegt: “Daar is geen woord van gelogen”.

“In het weekend werk ik op het land”, zegt de stagiair. “Dat vind ik het mooiste dat er bestaat.” “Ja?” vraag ik. Hij knikt. “Daar verbouwen we van die gekleurde worteltjes. En bieten. En kool.” Hij kijkt erbij alsof de groenten hem dierbaar zijn, als kostbare schatten. Zijn plan is om straks telkens een dag méér bij de akkerbouwer te gaan werken en ‘zo zoetjesaan’ met zijn timmeropleiding te stoppen. Ergens droomt hij toch wel van een eigen boerderij. Dan sluit hij resoluut zijn broodtrommel.

Ze bedanken voor de koffie en gaan weer timmeren.

Pas aan het einde van de middag rijdt hun bestelbus het erf af. Onze jongste kijkt strak in de felle koplampen en gooit dan één voor één haar broodkorsten op de grond.

Renske Jonkman schrijft over haar leven op het platteland, tussen boeren en natuurbeschermers. Lees haar columns hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden