De Kraai Mickelle Haest

Straks komt er nog een dooie, dan kan ik bezig blijven

Ik kijk in de zijspiegel. De stoet volgt netjes. “Ik let op”, zegt naast mij de chauffeur van de rouwauto met een glimlach. Achterin ligt het lichaam van een man van 88 jaar. Hij stierf na een langdurig ziekbed. Volgens de familie was dat in Gods handen. We zijn onderweg naar de gereformeerde kerk om afscheid te nemen van zijn aardse bestaan. Direct achter ons rijden zijn echtgenote en twee kinderen met kleinkinderen, gevolgd door een reeks andere familieleden.

Vlak voor de kerk op het kruispunt stap ik uit en loop voor de rouwauto uit. De dragers voegen zich bij ons en lopen naast de rouwauto. Een gebruikelijk ritueel als eerbetoon aan de overledene. Op de hoek van de straat staat een vrachtwagen een grote partij stenen te lossen. Aan de achterkant van het hoekhuis wordt druk gebouwd. Een grijper haalt de stenen in pakketten van de wagen en dirigeert ze naar de stoep. Het maakt een enorme herrie.

Ik geef een teken aan de chauffeur van de rouwauto om even te stoppen en loop naar de werkman toe. “Meneer”, roep ik een paar keer in de hoop zijn aandacht te vangen. “Mag uw kraan even uit, want dat maakt nogal veel herrie”, zeg ik, als hij zijn blik op mij richt. “Ik ben aan het werk”, zegt hij nors. “Ik ook”, zeg ik. “Ik kom met een overledene en zijn familie om hem de laatste eer te brengen.” “Ik ben aan het werk”, herhaalt hij. “Het zal een paar minuten duren”, zeg ik. “Het gaat erom dat we meneer in stilte en respectvol de kerk in kunnen brengen.” 

“Bent u helemaal gek?” vraagt hij. Ik kijk hem niet-begrijpend aan. “U stoort mij bij mijn werk”, gaat hij verder. “Ik leg u uit wat er aan de hand is”, zeg ik. “Daar ga ik niet aan beginnen”, zegt de man. “Ik werk hier tegenover een kerk. Straks komt er nog een dooie, dan kan ik bezig blijven.” Hij draait zich om en gaat door met zijn werk. Het lawaai is oorverdovend.

Ik blijf voor de rouwauto staan. Ook de dragers blijven staan aan weerskanten van de auto. De werkman stopt niet. Ik blijf hem strak aankijken. De stoet wacht geduldig. De kerkdeuren gaan open, de dominee komt naar buiten, richt zijn blik omhoog en ziet dan mij staan. Ik wijs naar de werkman. De dominee knikt begripvol. Ik blijf de werkman aankijken.

Plotseling zet hij de machine uit. Slechts een seconde is het stil, dan galmt het over het kerkplein: “Wel god-ver-domme.” Als we hem passeren en naar de kerk lopen, zeg ik: “Dank u voor uw medeleven.”

Mickelle Haest tekent om en om de ervaringen op van een uitvaartverzorger of die van een verloskundige.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden