JW Roy Beeld Els Zweerink
JW RoyBeeld Els Zweerink

Naar huis metJW Roy

Singer-songwriter JW Roy keert terug naar Knegsel: ‘Ik liep ook weg voor dingen, net als mijn moeder’

Schrijver Erik Jan Harmens reist deze zomer met bekende Nederlanders en Belgen naar de plek waar ze zijn opgegroeid. Wat is er nog over van het verleden? Vandaag de zevende aflevering: met singer-songwriter JW Roy terug naar Knegsel.

In de Brabantse Kempen liggen acht dorpjes die allemaal eindigen op ‘-sel’: Eersel­­, Hulsel, Knegsel, Netersel­­, Reusel, Steensel, Duysel (Duizel) en Wèntersel (Wintelre). Samen worden ze de Acht Zaligheden genoemd, een naam die in de negentiende eeuw zou zijn bedacht tijdens de Belgische Opstand door hier ingekwartierde Noord-Nederlandse soldaten. Ze bedoelden het ironisch: in de dorpen heerste armoede en er was angst onder de protestantse soldaten voor de katholieke inwoners.

Bij wijze van repressiemiddel werden markten en kermissen verboden. Een bruggetje naar het heden is snel gemaakt: ook tijdens de lockdown werd de jaarlijkse kermis uit Knegsel geweerd. Dit jaar kan het waarschijnlijk wel weer en tussen de attracties, in een pop-up café, zal JW Roy volgende maand een optreden geven. Dat heeft te maken met de crowdfunding voor zijn nieuwe album, Kouwe kermis, dat in januari verschijnt. Oude vrienden uit het dorp betaalden er graag aan mee, mits hij zou komen zingen.

De interviewserie Naar Huis ook te beluisteren als podcast via onderstaande speler of de bekende kanalen.

Plaats van handeling van de kermis is het driehoekige grasveld met bomen in het midden van Knegsel, waar JW Roy en ik hebben afgesproken om onze wandeling te beginnen. Voor mij is het gewoon een grasveld, Roy staat midden in het decor van zijn jeugd. Terwijl we lopen, maakt hij als het ware een reconstructie: “Iets verderop zit café De Kempen, dat heette vroeger Pasmans. Er hing een spaarkas met sleuven. Iedereen had zijn eigen sleuf en gooide daar het hele jaar door geld in: vijfjes, rijksdaalders, guldens. Elk jaar op de vrijdag voor de kermis werd de spaarkas gelicht en het opgespaarde geld werd op de kermis uitgegeven.”

“Daar verderop zat café Kolsters, waar Ruud, mijn jeugdvriend, op een avond besloot om Jeanette, de dochter van de eigenaar, te gaan veroveren. Via het afdakje boven de ingang is hij naar haar venster geklauterd, daar waar die dakkapel zit. Haar vader had het allang door, is naar boven gelopen en heeft hem verwelkomd met een emmer water.”

null Beeld Els Zweerink
Beeld Els Zweerink

Een leven lang gratis friet

De vader van Roy was slager, eerst in Veldhoven en daarna met een eigen zaak in het dorp. Het liep goed, zeker­­ met de camping vlakbij, waar kampeerders in de zomer vlees voor op de barbecue kwamen halen en huzarensalade. Toen vader Wim blaaskanker kreeg en zijn beide zoons geen ambitie hadden om de zaak over te nemen, werd de boel gesloten. Wim Roy stopte niet met werken, maar ging aan de slag als huisschilder, onder andere in de snackbar die we passeren. In ruil daarvoor kreeg hij een leven lang gratis friet.

Zo hoort bij elke locatie die we passeren een verhaal. Waar nu grote herenhuizen staan, zat vroeger ‘het Kelderke’. Dat was een ruimte voor jongeren, waar Roy en zijn vrienden luisterden naar singles als Love is a Battlefield van Pat Benatar en Such a Shame van Talk Talk. Een showroom met oldtimers was vroeger een supermarkt. In de gevel zie je de resten van de letters die samen de naam vormden, bijna zeker weet Roy dat het ‘Centra’ heeft geheten.

null Beeld Els Zweerink
Beeld Els Zweerink

Zo lopen we van herinnering naar herinnering en er is ook een cliffhanger. De route gaat namelijk eindigen bij de bungalow van de al genoemde Ruud. Die woont er nu niet meer, maar zijn moeder Mien nog wel. Op het nieuwe album van Roy komt een aubade voor haar en misschien gaat hij het vandaag wel voor haar zingen, mits ze thuis is. “En ze moet er ook maar zin in hebben, natuurlijk.” De gitaar is mee, in ieder geval.

Ruud hield ooit een spreekbeurt over de gitaar. Ten overstaan van de klas speelde hij een stukje en dat was voor JW Roy “een allesbepalend moment. Ik vond het fascinerend, die klank en ook dat fysieke”. Hij doelt op het samenspel van de linker- en rechterhand, maar fysiek ging er wel wat mis, want als linkshandige leerde hij van Ruud rechtshandig spelen. Ook nu nog gebruikt hij de hand waarmee hij ritmisch het sterkst is alleen maar voor de grepen. “We maakten samen muziek, eerst covers als Nights in White Satin en If I Had a Hammer, daarna eigen werk, Nederlandstalig. Ons eerste liedje ging over woningnood. Ik snap niet waarom, want in Knegsel was helemaal geen woningnood. We zullen er ergens wel iets over hebben gelezen.”

Americanamuziek

Later zou Roy in de ban raken van de Amerikaanse singer-songwriters: Townes van Zandt, Guy Clark, John Hiatt en werd hij uiteindelijk vertolker van americanamuziek. Men kortte zijn naam Jan Willem zo vaak tot ‘JW’ dat hij zijn initialen als artiestennaam is gaan gebruiken. “Op mijn zevenentwintigste mocht ik optreden op het South By South West-festival in Austin. Een droom kwam uit, ik kreeg er half verkering met een meisje. Een paar maanden na het optreden kwam ik terug en zei ze: ‘Misschien moeten we trouwen, dan kun je blijven’. Wou ik wel, maar ze had ook nog verkering met iemand anders en die ging niet akkoord. Anders was ik nu misschien een van de toonaangevende singer-songwriters van de Verenigde Staten. Of ik werkte bij McDonald’s, dat kan natuurlijk ook.”

null Beeld Els Zweerink
Beeld Els Zweerink

De pastorie naast de kerk staat leeg. Roy heeft al wel geïnformeerd, maar er is een culturele bestemming voor gevonden. Hij maakt er geen geheim van dat hij de Kempen mist. “Ik zou terug willen, maar ik heb drie oudere kinderen en nog een van vier, die kan ik niet zomaar uit Amsterdam weghalen. Mijn vrouw wil dat ook niet, ze komt uit Den Haag, woonde lang in Rotterdam. Ze vindt het mooi hier, maar mist de winkels en de ambiance.” Roy schreef ook daar een liedje over, over dat terugverlangen.

ik dacht ooit dan komt een dag

dan gaan we in het zuiden wonen

verlaten we de stad

maar nou blijkt

dat gij dat toch liever nie, baby

niet wil of kan

kan of wil

’k heb er de pest in

dat het misschien te laat is

ik achter het net vis

’t is een kouwe kermis

Hij stuurde me het liedje van tevoren toe, als mp3 via de mail. Als ik ’m ernaar vraag, volgt eerst een disclaimer: “Ik heb het een beetje gechargeerd hoor, om het liedje goed te maken.” Toch klopt de tekst aardig met zijn gevoel.

“Als ik hier kom, of in Frankrijk waar ik een huis heb, voel ik een rust in mij dalen. Dat klinkt ouwemannerig, maar ik ben ook een oude man. Er is hier zoveel rust en ruimte. Ik ben gevoelig voor prikkels, was ik nu kind was geweest dan had ik denk ik wel een ADHD-diagnose­­ gekregen. Eerder woonde ik in Amsterdam, nu in Diemen en dat is rustiger. Toch krijg ik het daar soms ook al benauwd. Wat ik tof zou vinden is een huis waar ik omheen kan lopen. Met een schuur in de tuin waar ik aan mijn liedjes kan werken.”

null Beeld Els Zweerink
Beeld Els Zweerink

Elke week een doos sherry

Ik vraag over dat ‘achter het net vissen’ waar hij over zingt, waar dat op slaat. Roy antwoordt dat zijn moeder, die tien jaar geleden overleed, uit Veldhoven kwam en hier in Knegsel nooit heeft kunnen wennen. “Ze praatte plat, maar niet plat genoeg voor hier. Teruggaan was geen optie, ze offerde zich op voor ons. Eerst is ze heel veel gaan eten, daarna is ze haar ongeluk gaan wegdrinken. Ik deed altijd de boodschappen bij de Sligro: koffie, filters, blikgroente, en dan moest er elke week ook een doos sherry komen. Altijd stond er ergens in huis wel een glaasje. Ik begrijp waarom, maar wist ook: zo wil ík het niet.”

Dat laatste ging niet vanzelf: “Ik heb een fijne jeugd gehad, maar er werd thuis niet echt gepraat over dingen, iedereen leefde een beetje op zichzelf. Ik kon ook weglopen voor dingen, net als mijn moeder, en ging ook niet zo handig om met drank. Toen ben ik met iemand gaan praten.”

Blauwe luifel

We staan tegenover het voormalig ouderlijk huis. Inmiddels is de slagerij bij de woning getrokken. Echt veel emotie voelt Roy hier niet: “Minder dan net, toen we door het dorp liepen. Als ik terugverlang naar de Kempen, gaat het niet zozeer om dit huis.” Plotseling herinnert hij zich de blauwe luifel die als de zon scheen, werd opengerold en boven het raam hing, met erop de tekst ‘Slagerij W. Roy.’ Tot mijn verbazing spreekt hij de achternaam op z’n Frans uit: “Rwa”. De uitspraak werd vernederlandst (“Roi”) omdat dat beter matcht als artiestennaam voor een vertolker van americanamuziek.

JW Roy brengt een aubade aan Mien, de moeder van een jeugdvriend. Beeld Els Zweerink
JW Roy brengt een aubade aan Mien, de moeder van een jeugdvriend.Beeld Els Zweerink

Verder lopen we, langs een maisveld en over een zandpad, op naar de apotheose. Door de bomen heen ziet het huis van de moeder van Ruud eruit als een Spaanse villa. Bovenaan de buitenmuren zie ik een soort kantelen en alles is geel van kleur. “Alle dagen van het weekend was ik daar, om met Ruud muziek te maken. Hij sliep langer uit dan ik, dus dan zat ik met zijn moeder in de keuken te kletsen en gingen we ’m uiteindelijk samen wakker maken.” Zou ze er zijn? We bellen aan, daar is Mien, we mogen binnenkomen. Roy ploft op de bank en vertelt over zijn aubade, die op de nieuwe plaat komt. Of ze het goed vindt als hij het liedje voor haar zingt. Ze knikt. De gitaar gaat uit de koffer en dan komt het:

in die ogen

komde ge altijd thuis

mien

mien

als zij het wil

is de lucht geklaard

mien

mien

mientje van den boogaard

Zelf kom ik niet uit Knegsel, wat zeg ik: ik ben er vandaag voor het eerst, maar als ik Roy hoor zingen verlang ik óók terug.

JW Roy (1968) is singer-songwriter en staat te boek als Nederlands bekendste vertolker van americana: muziek afgeleid van country, folk en blues, in een modern jasje. In 1997 debuteerde hij in het Engels met het album Round Here, daarna volgden er ook liedjes in het Nederlands en in het Brabants dialect. Samen met rapper Diggy Dex ontving Roy in 2016 een Buma NL Award voor hun gezamenlijke single Treur Niet (Ode Aan Het Leven). In januari verschijnt zijn volgende album, Kouwe kermis, dat met zijn andere Brabantse platen Laagstraat 443 (2005) en Ach, Zalig man (2010) een trilogie vormt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden