Rick Paul van Mulligen.

Tien GebodenRick Paul van Mulligen

Rick Paul van Mulligen: ‘Hier zijn we, twee vaders met twee kinderen. We bestaan. Regel onze rechten.’

Rick Paul van Mulligen.Beeld Mark Kohn

Rick Paul van Mulligen (40) is een paradijsvogel in het diepst van zijn gedachten. Op het toneel mag hij voluit gaan, maar in het echte leven heeft hij nog vaak iets uit te leggen. Zo wordt zijn grootste geluk – het ‘regenbooggezin’ dat hij samen met zijn man René en hun gezamenlijke vriendin Nina heeft gesticht – op sociale media beschimpt en wachten ze nog altijd op gelijke rechten voor het homoseksueel ouderschap.

Arjan Visser

I Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben

“Vroeger dacht ik dat iedereen in mijn buurt gelovig was. God bestond gewoon. Ik kende ook geen mensen die er anders over dachten. Voor mij was God de oude man met de baard, gehuld in een lang, wit gewaad, vriendelijk en lief. Op een dag hoorde ik van een vriendje op school dat zijn moeder God tijdens het afwassen had gezien. Dat wilde ik ook wel! Bij iedere lichtstreep, dacht ik: zou dit dan misschien… Wanneer zou Hij zich aan mij openbaren? Het verhaal van de ontmoeting tussen Mozes en God – het brandend braambos – vond ik ook zo magisch. We hadden een vakantiehuis in Ommen en als ik tijdens een wandeling over de hei even een stukje alleen liep, vroeg ik of Hij niet ergens een struik kon laten branden. Alleen voor mij. Niemand hoefde het te zien. ‘Grijp je kans! Dan weet ik tenminste dat Je bestaat.’ Ik vond het erg teleurstellend dat er niets gebeurde.

“Zo rond mijn elfde jaar begon ik steeds meer vragen te stellen. Hoe kan de aarde nou in zes dagen geschapen zijn? En wanneer heeft God dan precies die dinosauriërs gemaakt? Hoezo eindigt iemand die ergens in Afrika wordt geboren, en nooit van Christus heeft gehoord, in de hel? Langzaam maar zeker begon ik in te zien dat ik er ook anders over kon denken; dat het geloof van mijn ouders hun keuze was geweest.

“Mijn moeder is katholiek opgevoed, mijn vader komt uit een behoorlijk gereformeerd Drents molenaarsgezin. Toen ze trouwden werd mijn moeder door een hoofdschuddende priester uitgezwaaid: jij zal branden, meisje! Ze sliepen dus al op één kussen met de duivel ertussen. Dat is, denk ik, een goede uitgangspositie geweest voor de ‘problemen’ die ze later in hun leven tegenkwamen. Hun oudste zoon kreeg verkering met een niet-gelovig meisje – de vrouw met wie hij nu al dertig jaar is getrouwd –, hun dochter kwam op een dag thuis met een vriendin en dan was er nog een onbedoeld nakomertje dat ook nog eens homoseksueel bleek te zijn. Ik weet niet hóe ze hun gedachten hebben omgebogen – ik denk dat vooral mijn vader een flink deel van zijn strenge opvoeding van zich af moest schudden – maar ze hebben ons nooit het idee gegeven dat ze teleurgesteld of ontevreden waren. Sterker nog: ze zijn altijd blij met ons geweest. Er mankeert helemaal niets aan Gods schepping, zeiden ze. Alles is goed.”

Rick Paul Mulligen. Beeld Mark Kohn
Rick Paul Mulligen.Beeld Mark Kohn

II Gij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde, noch van wat in de wateren onder de aarde is

“Dat wilde ik als kind bij uitstek doen: verbeelden, groter maken, versieren. Het leven moest worden ingekleurd. Paradijsvogels was mijn favoriete televisieprogramma. Die mensen hadden het begrepen! Schijt aan alle regels, je hoeft je van niemand iets aan te trekken, jouw geluk is niet afhankelijk van de mening van anderen.

“Het ging een tijd goed: ik was een blij kind, open en brutaal, tot ik langzaam maar zeker in de gaten kreeg dat ze me raar vonden. Ik had wel vriendjes, maar die vriendschappen duurden nooit lang omdat ik steeds toneelstukjes wilde spelen – ‘En dan ben jij de prins!’ – terwijl zij liever gewoon slootje gingen springen. Ik werd een meisje genoemd en ik dacht op den duur zelf ook dat ik beter een meisje had kunnen zijn; niet omdat ik dat zo graag wilde, maar dan zou ik in ieder geval begrepen worden. In mijn puberteit raakte ik in mezelf gekeerd, teleurgesteld in de wereld. Niemand dacht zoals ik. Ik durfde het extraverte kind niet meer te zijn. Tot ik in groep acht op de basisschool meedeed aan de musical en dacht: wow, dit kan óók! Hier kan ik, zonder te worden uitgescholden, ‘anders’ zijn. Op mijn elfde ging ik naar de jeugdtheaterschool in Groningen waar ik leerde om de mensen die ik zo bewonderde na te doen. Het is mijn vak geworden. Ik houd nog steeds van extravagantie, ben dol op dragqueens, kan paradijsvogels spelen, maar ik vind het inmiddels ook heerlijk om in een grijze joggingbroek rond te lopen.”

III Gij zult de naam van de Here, uw God, niet ijdel gebruiken

“Als mensen me vragen of ik nog in God geloof, durf ik nooit voluit ‘nee’ te zeggen. Misschien ben ik stiekem toch bang dat Hij meeluistert en droevig met Zijn hoofd gaat schudden als ik iets doe wat volgens de Bijbel verboden is. Tegelijkertijd kan ik me niet voorstellen dat God – als Hij al bestaat – in mij teleurgesteld zal zijn, want ik ben blij met normen en waarden die ik van mijn ouders heb meegekregen en probeer er zo goed mogelijk naar te leven.”

IV Gedenk de sabbatdag, dat gij die heiligt, zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; maar de zevende dag is de sabbat van de Here uw God, dan zult gij geen werk doen

“Een beetje in de tuin zitten en de wind horen ruisen in de bomen: dat was vroeger de zondag. De saaiste dag ever. Heel veel dingen mochten niet want: zondag. ‘Nee, vandaag niet, het is zondag. Lees maar een boek.’ Wachten op maandag, tot alles weer zou beginnen. Nu vind ik het heerlijk om die dag een beetje rond te scharrelen, een wasje op te vouwen en tot rust te komen. Niet dat ik zó hard werk – ik ben liever lui dan moe – maar ik ben wel vaak gestrest omdat ik, in mijn vak, alles héél goed wil doen. En daar moeten wel momenten tegenover staan waarop ik kan ervaren wat écht fijn en belangrijk is: thuis, in mijn eigen huisje, met een man die van me houdt, kinderen die me lief vinden en een hond die me nog steeds wil zien.”

V Eer uw vader en uw moeder

“Als kind was ik heel close met mijn vader. Ik ging zelfs op zondagmiddag nóg een keer mee naar de kerk omdat ik zo graag bij hem wilde zijn. Toen ik puber werd, kon ik hem niet meer luchten of zien. Hoe hij zijn eten kauwde, ademhaalde, me de hele tijd wilde knuffelen: ik verdroeg het niet meer. Als hij zei dat hij van me hield, ging ik hem met zo’n raar stemmetje nadoen. Afschuwelijk… Ik weet niet welke rol mijn homoseksualiteit hierin heeft gespeeld – ik heb geen psychologie gestudeerd – maar fysiek contact met mannen was in die fase ingewikkeld. Heteromannen waren toen de mensen die van me verlangden dat ik net zo zou worden als zij. Later werden ze ook ‘gevaarlijk’; het is nooit een lesbische vrouw die me lastigvalt op straat.

“Ik was een moederskind. Op het extreme af. Zij was geen bedreiging, ze was alleen maar troost. Die borsten, dat lichaam; daar wilde ik graag tegenaan kruipen. Tussen ons bestond geen enkele wrijving. Dat kwam er bij mijn vader ook nog bij: we begrepen elkaar niet. Mijn vader was geen paradijsvogel. En ik heb altijd gedacht dat ik de grootste teleurstelling in zijn leven was: een jongen die niet meer geloofde, niet met een vrouw zou trouwen en hem ook geen kleinkinderen ging bezorgen. Tegelijkertijd heb ik nooit het gevoel gehad dat hij me afwees; ik weet dat zijn liefde onvoorwaardelijk is.

“Toen ik begin twintig was, heb ik tijdens een kerstdiner mijn excuses aangeboden voor mijn gedrag. Ik zei ook niet precies te weten waarom ik het destijds niet aankon om met hem in één ruimte te zijn, dat het niet aan hem lag, dat ik vreselijk veel van hem hield en dat ik blij was dat hij mijn papa was. Eerst begon mijn vader te huilen, daarna mijn moeder – omdat zij wist hoe erg hij er destijds onder had geleden – tot ze ineens ‘En nu ophouden!’ zei en de ober riep. Ik had het niet van tevoren zo bedacht, maar ik was blij dat ik het had gedaan. De ballast viel weg. Ineens was het iets van vroeger geworden, uitgesproken en opgelost.”

Cv

Rick Paul van Mulligen (Uithuizen 1981) is acteur. Bij een groter publiek bekend geworden door zijn rol in de tv-serie A’dam - E.V.A. en als deelnemer van Wie is de mol?, jaargang 2019. In 2018 en 2020 speelde hij de rol van Iago in Shakespeare’s Othello bij Het Nationale Theater. Dit jaar speelt hij in Leedvermaak trilogie. Het stuk gaat – hopelijk – op 19 maart in première.

VI Gij zult niet doodslaan

“Voordat onze oudste in 2014 werd geboren, zou ik niet eens op de gedachte zijn gekomen, maar nu weet ik dat ik waarschijnlijk in staat zou zijn om een ander te doden. Het klassieke antwoord: als ze aan mijn kinderen komen, dan…

“Vorig jaar heb ik bij Het Nationale Theater een voorstelling gemaakt die nooit op tournee is gegaan (The Nether, van Nina Spijkers, AV) waarin ik een zekere meneer Sims speel die een online plek heeft gecreëerd waar pedoseksuelen worden aangemoedigd om – virtuele – kinderen te misbruiken. Ik moest van dit personage gaan houden om het goed te kunnen spelen, maar het lúkte me gewoon niet. Het was een van de moeilijkste rollen ooit. Ik wilde die man niet begrijpen, ik stuitte op een emotie die ik geen plek kon geven. Ik dacht aan Ko en Bowie, mijn eigen kinderen, en het enige gevoel dat ik voor die meneer Sims kon oproepen was: het zou beter zijn als jij niet bestond.”

VII Gij zult niet echtbreken

“René en ik zijn al veertien jaar samen, waarvan twaalf jaar getrouwd. We vormen samen met Nina, de moeder van onze kinderen, een regenbooggezin. Ik zou wel gek zijn om zoiets moois op te breken. Het is totaal niet aan de orde, maar mócht een van ons ooit verliefd worden op een ander, dan geloof ik niet dat we een probleem gaan krijgen. Ik kan me voorstellen dat je soms de behoefte hebt om een keer een ander lijf te voelen, maar zo lang je niet buiten je huwelijk op zoek gaat naar de liefde is er volgens mij niets aan de hand. Jaloezie speelt in onze relatie in ieder geval geen rol meer. Al heb ik daar wel naartoe moeten groeien. Vroeger vond ik het al moeilijk als er naar René werd gekeken, maar inmiddels ben ik van dat soort dodelijke emoties verlost. René is niet van mij, zijn lichaam is van hem. Hij is mijn thuis. We maken elkaar gelukkig – en gek, soms, maar dat is prima. Ik vind mijn kinderen ook weleens bloed-irritant, maar die zet ik ook niet op straat.”

VIII Gij zult niet stelen

“Lang geleden heb ik bij H&M een riem gestolen. Ik zag dat er niet zo’n tag aan zat en dacht: laat ik het gewoon één keer proberen, voor de kick. Eigenlijk had ik meteen al spijt, heb me er lang heel ellendig door gevoeld. En ik vond het ook zo rot voor H&M. Nee, stelen: dat doe je niet. Misschien als je in een land woont waar de voorzieningen minder goed zijn, of als je hier in de bijstand zit en je kinderen niets te eten hebben. Overigens heb ik vooral moeite met diefstal waarbij je grote groepen mensen benadeelt. Wat Sywert van Lienden met die zogenaamde mondkapjesdeal heeft gedaan, vind ik pas echt verwerpelijk. Miljoenen verdienen aan een pandemie: dat is vuile diefstal. Puur slecht. Ze zeggen toch altijd dat alle studenten links zijn en wie met pensioen gaat rechts? Hoe moet het dan aflopen met iemand die op jonge leeftijd al zo loopt te graaien en iedereen bedriegt?”

IX Gij zult geen valse getuigenissen spreken tegen uw naaste

“Ik heb een openbaar- en een privéleven. Ze zijn niet totaal verschillend, maar ik ben wel de dictator van mijn eigen Instagram: ik bepaal zelf hoeveel mensen van mij te zien krijgen. En als je het nodig vindt om me uit te schelden – zoals die ene jongen, vanochtend, in zijn comment bij een foto van mijn gezin – dan word je geblokkeerd, verwijderd én gerapporteerd. Ik wil geen pagina van ‘o, wat is mijn leven leuk’, ‘kijk, hier sta ik met een glas champagne!’ en andere hoogtepunten uit mijn leven. Ik doe het voor de jongens en meisjes zoals ik, om te laten zien dat het kan, homo’s met kinderen, en hoe gelukkig en goed het eruit kan zien. Mijn enige twee voorbeelden waren Freddie Mercury en René – Mister Blue – Klijn en die waren doodgegaan omdat ze, zoals mijn moeder zei, ‘met vrouwen én mannen naar bed waren gegaan’.

“We zijn al ver gekomen, maar nog lang niet klaar. René is officieel nog steeds niet de vader van zijn eigen kinderen. Een wetsvoorstel over homoseksueel ouderschap is, ondanks positieve adviezen van rechters en kinderpsychologen, nog niet aangenomen. Daar zijn mijn Instagramfoto’s ook voor bedoeld: hier zijn we, twee vaders met twee kinderen. We bestaan. Regel onze rechten.”

X Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is

“Jaloezie in de liefde heb ik al getackeld maar in mijn vak, waar ik steeds weer auditie moet doen, komt het nog weleens voor dat ik lelijke dingen denk over degene die een rol krijgt die ik had willen hebben.

“Het is heerlijk om te acteren; geweldig om in het moment te zijn, te merken dat je een rol helemaal eigen hebt gemaakt en dat je ergens een publiek mee weet te raken, maar het draait in die wereld helaas vooral om andere dingen: applaus, goede recensies en de rode loper. Ik vind applaus in ontvangst nemen ongemakkelijk, ik wil niet per se in de schijnwerpers staan, maar tegelijkertijd: hoe beroemder je wordt, hoe mooier de rollen zijn die je kunt krijgen.

“Ik zit al bij Het Nationale Theater. Soms denk ik: is dat niet hoog genoeg? In onze maatschappij is dat haast een vieze gedachte. We moeten groeien, beter willen worden, plannen maken! Ik weet het niet… Zou het mijn leeftijd zijn? Of komt het misschien ook door corona? Er wordt steeds aan van alles een halt toegeroepen. Sommige voorstellingen zijn halverwege gestopt, of niet eens op tournee gegaan. Ze stapelen zich op en er wordt niets meer mee gedaan. Dat is zo deprimerend. Waar haal ik de motivatie vandaan om ergens vol in te gaan als ik niet eens zeker ben of het ooit echt gespeeld gaat worden? Maar goed, nu we het er zo over hebben, weet ik eigenlijk ook wel dat ik verder wil, dat ik méér wil, de vraag is alleen: wat?”

Lees ook:

Kamer is klaar voor het vieroudergezin

Christelijke partijen hebben hun bedenkingen bij meeroudergezinnen, maar een meerderheid juicht erkenning toe.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden