OnverdoofdRicardo McDougal

Rapper Rico: ‘Het liegen en het stiekeme gedoe vond ik het allerergste van mijn verslaving’

Beeld Martijn Gijsbertsen

In de serie ‘Onverdoofd’ spreekt schrijver Erik Jan Harmens met bekende en minder bekende Nederlanders die net als hij besloten zichzelf niet langer te bedwelmen. Aflevering 11: rapper Rico. 

Rico (42) maakte deel uit van de rapformaties Opgezwolle en de Fakkelbrigade en werkte nauw samen met Typhoon en Sticks. Met laatstgenoemde maakte hij drie jaar terug het album ‘IZM’ en onlangs verscheen een nieuwe single ‘Babies’. Rico is vader van Mack (drieënhalf) en Bobby (anderhalf) en gebruikte in het verleden veel drugs. Op mijn openingsvraag of hij nu volledig onverdoofd leeft, antwoordt hij: “Niet geheel, maar wel onverdoofd genoeg om hier te kunnen zitten, hahaha.”

Waar het in Harderwijk, de plaats waar hij opgroeide, nog bleef bij bier en blowen, ging hij in Zwolle vanaf zijn twintigste over op het snuiven van pep, dat zijn amfetaminen. “Het ging meteen áán in mijn hoofd”, vertelt hij zonder weemoed, meer als een feitenrelaas. “Pep is een upper, ik stond meteen op mijn kop, ik ging hard, zeg maar. Ik kreeg ook een hyperfocus, kon me goed concentereren op het schrijven en dacht ook echt dat ik er creatiever door werd.”

Helikopter

“Dat effect veranderde door de tijd heen, na een aantal jaren werd ik er juist numb door, hoe zeg je dat, verdoofd, platgeslagen. De upper werd een downer. Paranoïde werd ik ook, ik ging woorden op straat omdraaien en las er geheime boodschappen in, bestemd voor mij en afkomstig van een of andere hogere macht. Ook liep ik een keer ’s nachts door Zwolle en vloog er een helikopter boven me. Het was strelend voor mijn ego, dat ik belangrijk genoeg was om midden in de nacht een schijnwerper op te richten. Ik kwam twee jongens tegen en zei: ‘Zie je die helikopter?’ Ze zagen natuurlijk niets. Toen wist ik dat het tijd was om hulp te zoeken. Ik ging de detox in en na drie weken nam ik me stellig voor om nooit meer te gebruiken.”

“Een tijd later kwam er een jongen langs, ik wil ’m een duivel noemen, maar dat is niet terecht, want ik ben zelf verantwoordelijk. Toen hij vertrok, liet hij een lijntje achter op een spiegel en die heb ik met het lijntje erop boven op de kast gelegd. Anderhalve maand laten liggen en toen heb ik het genomen en begon het weer van voren af aan.

Vier jaar later wilden mijn toenmalige vriendin en ik een huis kopen, maar vanwege mijn drugsverleden kreeg ik geen overlijdensrisicoverzekering. Haar ouders moesten garant staan en waren kwaad, omdat ik pas open kaart speelde over mijn verslaving toen ik geld nodig had. Dat was confronterend, maar ook wáár. Zo is Sticks ook altijd heel eerlijk tegen me geweest, ik heb jankend bij ’m op de stoep gestaan: ‘Nu ga ik echt stoppen’, en dan zei hij: ‘Eerst zien, dan geloven.’ Je wilt liever een knuffel op dat moment, maar zo’n arm om je heen heeft wel waarde, alleen geen nut. Je hebt er niks aan.”

Beeld Martijn Gijsbertsen

De drugsverslaving ging gelijk op met de populariteit van de rapformatie Opgezwolle, maar het bleven twee verschillende werelden. “Tussen ons ging het om de muziek, alleen maar om de muziek. We dronken allemaal wel, maar drugs, daar hadden we het niet over. Ik nam het stiekem, op het toilet. In die oude wc-rolhouders zat een metalen buisje dat je eruit kon halen, het was de perfecte snuifbuis. De anderen merkten wel dat ik stiller werd, teruggetrokkener. Ik ging ook steeds minder de schijn ophouden. In Zwolle ging ik net voor sluitingstijd naar de supermarkt, in de hoop niemand tegen te komen, maar dan werd ik toch herkend en op de schouder geslagen: ‘Hé, ben jij Rico?’ Dan kon ik wel door de grond zakken.”

Luister ook naar de podcast van dit geprek via onderstaande speler, of zoek hem op via de bekende kanalen  als SpotifyApple en Google Podcasts

Stiekem gedoe

“Een vriend van mij bij wie ik opnames maakte, had voor recreatief gebruik een schoenendoos met kleine potjes dexamfetamine. Dat heeft hetzelfde effect als amfetamine, maar dan wat milder. Ik was de enige die wist van die potjes en elke keer als ik bij hem was, nam ik stiekem een beetje. Dat kwam natuurlijk uit, hij was not amused. Vráág het dan gewoon, zei hij terecht. Erger nog dan de verslaving zelf vind ik het gedrag dat erbij hoort, vooral het stiekeme gedoe en het liegen. Soms zat dat spul gewoon onder aan mijn neus en dan ging ik nog ontkennen dat ik gebruikt had, zei ik dat het snot was. Daar walg ik nu echt van.”

Er kwam een tweede detox en zelfs een derde, in 2012. “Net van tevoren had ik nog een bom genomen, dan snuif je de amfetaminen niet, maar je stopt ze in een vloeitje of in wat wc-papier en dat slik je in. Het klapte er behoorlijk in. Er kwam ook nog een halve liter wodka achteraan, in die staat ben ik de kliniek ingelopen.”

Pas na die derde behandeling was er een psychiater die opperde dat Rico adhd zou kunnen hebben. “Hij schreef medicatie voor, eerst Ritalin, maar dat had geen goed effect op me. Ik kon niet meer praten, er kwam alleen maar blubber uit mijn mond. Toen schakelden we over op... dexamfetamine! Kreeg ik dus weer datzelfde spul dat in die potjes zat in die schoenendoos van die vriend van me, alleen nu op doktersvoorschrift. In die zin was mijn gebruik een vorm van zelfmedicatie geweest en als ik het gedoseerd had kunnen gebruiken, dan had ik er misschien prima op kunnen gedeien. Maar ja...”

Eén cognacje

Gedoseerd gebruiken, die woorden van Rico blijven hangen. Soms stel ik me weleens voor dat ik ertoe in staat zou zijn om elke dag één cognacje te drinken. Wat heerlijk zou dat zijn, al wil ik wel precies weten hoe groot het glas is en hoe vol het wordt geschonken, niet te zuinig mag ik hopen. Ik zou me de hele dag op verheugen op de borrel en ’m uiterst langzaam opdrinken, als gloeiend hete thee. Als het glas leeg zou zijn, zou ik het weer vol wensen, kortom: ik ben onmatig, net als Rico, die er vol in gaat met sporten (‘elke avond fitnessen, van half zeven tot half acht’) maar dus ook met het gebruik van middelen.

Onverdoofd leven is de enige optie, al was er af en toe ‘een uitglijder’, zoals hij het noemt. “Wat ik nu ga vertellen weet niemand, maar jaren na die derde opname ben ik nog een vierde keer de detox in gegaan. Dit keer niet voor de pep, maar voor de alcohol, die ik als vervanging was gaan gebruiken. Het ging geleidelijk, eerst kocht ik elke dag een flesje van 375 milliliter wodka en dat ging standaard op. Toen werd het 700 milliliter en dat ging ook standaard op. Uiteindelijk dronk ik een liter wodka per dag.

Ik kreeg Campral voorgeschreven, een middel dat de zucht naar alcohol vermindert, en ook Refusal, waardoor je vervelende lichamelijke verschijnselen krijgt als je alcohol drinkt. Dat is geen stok, maar een boomstam achter de deur: als ik nu nog een slok zou nemen, zou mijn hoofd heel groot worden en mijn keel zou helemaal dicht zitten. Dat zeiden ze tenminste, wat ook kan, is dat ze me een placebo hebben gegeven.”

Luister ook naar de podcasts van dit gesprek en de andere gesprekken via trouw.nl/onverdoofd, via iTunes of Spotify of via de app op je smartphone. Reacties zijn welkom via tijdreacties@trouw.nl 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden