NaschriftEd de Vogel (1942-2021)

Orchideeënexpert Ed de Vogel was een van de laatste woudlopers

Ed de Vogel, in de kwekerij op Papoea-Nieuw-Guinea. Beeld
Ed de Vogel, in de kwekerij op Papoea-Nieuw-Guinea.

Op zoek naar orchideeën liep Ed de Vogel zonder angst door een stammenstrijd op Papoea-Nieuw-Guinea. Ook thuis in Nederland stond de studie naar zijn geliefde planten op de eerste plaats.

Diep in het oerwoud in Zuidoost-Azië was bioloog Ed de Vogel in zijn element. Het leverde honderden door hem ontdekte orchideeën op. En avontuurlijke verhalen die hij graag vertelde als middelpunt van een gezelschap.

Neem die keer dat hij, meer dan dertig jaar geleden, midden in het oerwoud op Papoea-Nieuw-Guinea stuitte op twee vijandige stammen die elkaar met pijl en boog te lijf gingen. Levensgevaarlijk zou je denken, maar de strijd werd keurig onderbroken om het wetenschappelijk expeditieteam met Ed voorop door te laten.

In zijn onafscheidelijke tropenvest met volgestopte zakken en met kwieke tred, voelde Ed precies aan waar hij in het oerwoud moest zijn voor de ontdekking van nieuwe plantensoorten. Vele orchideeën groeien tegen de boom aan, soms wel 40 meter hoog. Het liefst zou Ed zelf in zo’n boom klimmen, maar dat konden zelfs de meest ervaren Papoea’s niet. Tot Eds grote verdriet werden er veel bomen omgezaagd in het oerwoud, het enige voordeel voor de bioloog was dat hij op die manier de orchideeën van de boom kon halen.

In 1972 op Sumatra met een orchidee. Beeld
In 1972 op Sumatra met een orchidee.

Slapen deden hij en de andere expeditieleden vaak opgerold in een slaapzak op de grond, soms onder palen met een zeil, wel nadat ze een stamhoofd uit het gebied om toestemming hadden gevraagd.

Bang was Ed niet aangelegd. Niet in het oerwoud en ook niet in de gevaarlijke hoofdstad van Papoea-Nieuw-Guinea, Port Moresby, berucht om berovingen en geweldspleging. Hij liep er ontspannen rond. Met zijn rossige baard en rustige uitstraling had hij een zeker gezag, mensen dachten vaak dat hij een missionaris was en dat liet hij maar zo.

Op de fiets met zakkenvol schelpen

Een baard had hij al vanaf zijn zestiende. Eén keer ‘verkocht’ hij op de middelbare school zijn baard voor een geldinzamelingsactie, toen schoor hij hem even af, daarna niet meer. Ook in militaire dienst vertikte hij het om met een gladde kin rond te lopen. Wat Ed niet wilde deed hij niet. Tot ver in de middelbareschooltijd liep hij in korte broek, tot wanhoop van zijn moeder. Dan had ze voor een feest een lange broek voor hem gekocht en kwam hij vlak voor het feest toch tevoorschijn met blote benen. ‘Dan ga je niet mee’, zei zijn moeder. Dat vond Ed geen probleem, hij amuseerde zich wel met zijn schelpenverzameling.

Zijn interesse in de natuur werd aangewakkerd door een val van zijn fiets toen hij acht was. Met een hersenschudding moest hij bedrust houden. Zijn vader kocht toen een driedelige dierenencyclopedie voor hem en sindsdien wilde Ed meer weten. Schelpen vond hij ook boeiend. Soms fietste Eddy, zoals hij toen door iedereen werd genoemd, met een vriend vanuit Vlaardingen naar Hoek van Holland waarbij hij terugkwam met zakkenvol schelpjes die hij later met de hulp van een microscoop vergroot natekende.

De kleine Ed de Vogel Beeld
De kleine Ed de Vogel

Buiten rondzwerven en de natuur onderzoeken, dat wilde hij. Bij de Nederlandse Jeugdbond voor Natuurstudie waar hij in zijn tienertijd lid van werd, voelde hij zich thuis. Op zondag op excursie door de polder bij Vlaardingen en alles wat leeft bestuderen. Hij vond er gelijkgezinden en maakte veel vrienden. Ter ontspanning deden de jonge natuurstudieleden aan volksdansen, dat noemden ze hupsen. De vergaderingen werden in de garage thuis bij Eddy gehouden. Tijdens eigen zwerftochten te voet of in een bootje kwam hij soms uren te laat thuis, niet altijd tot vreugde van zijn ouders. Evengoed had Ed een status aparte in het warme, gastvrije gezin met een vader die zakenman was, een moeder die een sigarenwinkeltje dreef en twee jongere zussen. ‘Dat is Ed’, werd gezegd. Zijn vriendelijkheid maakte veel goed, daarnaast wisten ze dat hij niet te veranderen was.

Acht jaar deed Ed over de hbs omdat hij moeite had met wis- en natuurkunde, maar wel hbs-b wilde halen. Dat had hij immers nodig voor de studie Biologie aan de Universiteit Leiden waar hij zijn zinnen op had gezet. Toen hij voor de derde keer bleef zitten, brak zijn leraar biologie een lans voor hem bij zijn ouders. ‘Laat hem dat extra jaar nog maar doen, want de universiteit doet hij straks fluitend.’

Ook in Nederland leefde hij soms alsof hij op pad was door de wildernis

En inderdaad, toen hij zich helemaal mocht richten op dat wat hem boeide, was Ed een stuk gemotiveerder. Op de middelbare school had hij een meisje leren kennen, met wie hij nog tijdens zijn studie, in 1968 zou trouwen. Na zijn studie kreeg hij het aanbod voor twee onderzoeksprojecten. Hij kon ijsberen bestuderen op de noordpool of kiemplanten van tropische bomen onderzoeken in Indonesië. Het werd het laatste, aanvankelijk om het aangenamere klimaat. Tijdens dit onderzoek raakte Ed geïnteresseerd in orchideeën. Hij promoveerde op zijn zevenendertigste op kiemplanten nadat hij verschillende jaren in Indonesië had doorgebracht voor zijn onderzoek. Hij was een bevlogen en precieze wetenschapper, las veel, schreef veel, maar werkte het liefst in het veld. Door de Papoea’s in het expeditie team werd hij mister Hoover (stofzuiger) genoemd omdat hij alles oppakte en meenam. Soms kwam hij met wel vijfhonderd soorten orchideeën terug.

Ook in Nederland leefde hij soms alsof hij op pad was door de wildernis. Reed hij per ongeluk op de weg een eend dood dan nam hij die mee om thuis op te eten. Bij de visboer haalde hij ongebruikte vissenkoppen op en die kookte hij tot soep. Hij ging helemaal zijn eigen gang. De eigenzinnigheid en onaangepastheid die hem zo kleurrijk maakten hadden ook een keerzijde. Het botste met het gezinsleven. Het kwam uiteindelijk tot een scheiding met zijn eerste vrouw met wie hij twee dochters had. Ook een later huwelijk strandde. Daarna trouwde Ed niet meer, maar had hij wel soms een vriendin. Vrienden had hij altijd, sociaal en aimabel als hij was ingesteld.

Door de jaren heen was Ed een internationale orchideeën-autoriteit geworden. Verbonden als wetenschapper aan de Hortus Botanicus in Leiden maakte hij bijna jaarlijks expedities naar Zuidoost-Azië waar hij meer dan driehonderd nieuwe orchideeën zou ontdekken, waaronder de bijzondere nachtbloeiende orchidee en een orchidee die werd genoemd naar Máxima. Verschillende planten werden ook naar hemzelf genoemd. In de Leidse hortus kwam een groot deel van de uitgebreide orchideeëncollectie van zijn hand.

Ed de Vogel in 2018 op Papoea-Nieuw-Guinea. Beeld uit familiealbum
Ed de Vogel in 2018 op Papoea-Nieuw-Guinea.Beeld uit familiealbum

Als hij niet op expeditie was, was hij met een klein team van collega’s bezig met het beschrijven, tekenen, fotograferen, onderzoeken en rubriceren van de orchideeën, hij werkte daarnaast mee aan boeken en publicaties in wetenschappelijke bladen. Ook enthousiasmeerde hij studenten, zowel in Nederland als in Indonesië, voor zijn vakgebied. Hij nam hen mee op expeditie en hielp sommigen met hun carrière.

Sinds zijn vervroegd pensioen in 2004 ijverde hij samen met de Universiteit van het Indonesische Jayapura voor het aanleggen van orchideeëntuinen in deze streek. Daarnaast was hij bezig met het inventariseren van alle ontdekte orchideeën op Nieuw-Guinea. Samen met twee collega-onderzoekers zette hij een uitgebreide website op, waarvoor hij ook blogs schreef. De door hem opgerichte stichting De Orchidee zou het voortbestaan van de site moeten veiligstellen. Dit alles voelde als zijn levenswerk. Uren zat hij achter de computer in zijn huis in Oegstgeest. Een huis dat haast een museum was, met slangen op sterk water, peniskokers, mandjes en tassen uit Papoea-Nieuw-Guinea, en overal hoge stapels boeken. De werkster mocht alleen een rondje om zijn tafel stofzuigen, de spinnen in de hoek moest ze met rust laten. In zijn tuin liet hij de natuur volledig haar gang gaan, dat vond hij mooi.

Eigenlijk had hij het allerliefst in het bos willen sterven

Vier jaar geleden werd bij Ed keelkanker geconstateerd. Niet lang na de operatie was hij alweer op expeditie in het oerwoud op Nieuw-Guinea. Het leek met zijn gezondheid beter te gaan, maar de ziekte kwam terug. Ook dat weerhield hem er niet van om vorig jaar opnieuw op pad te gaan naar zijn geliefde orchideeëneiland, totdat familie en vrienden hem telefonisch dringend verzochten terug te komen in verband met de coronamaatregelen. Ed kreeg met moeite nog een vliegtuig te pakken voor de grenzen werden gesloten.

Met zijn gezondheid ging het slechter, al klaagde hij nooit. Eten en praten werd moeilijker, evengoed dronk hij nog graag een glas whisky met vrienden of met zijn zussen. Zo lang het kon, werkte hij aan zijn website. Zijn enorme verzameling voorwerpen uit Papoea-Nieuw-Guinea wilde hij aan het museum voor Volkenkunde schenken, maar dan zou alles eerst gedocumenteerd moeten worden. Vrienden deden dat voor hem, terwijl Ed vanuit bed vertelde waar alles lag. Toen dat klaar was, had hij rust. Hij overleed thuis, maar eigenlijk had hij het allerliefst in het bos willen sterven.

Ed de Vogel werd geboren op 13 december 1942 in Schiedam en overleed op 28 juli 2021 in Oegstgeest.

Trouw beschrijft het leven van onlangs overleden heel gewone of bekende mensen. Heeft u zelf een tip voor Naschrift? Mail ons via naschrift@trouw.nl.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden