Relatie-DNAHet verhaal van Nynke

Nynke wilde nooit trouwen; nu snapt ze waarom

Beeld Brechtje Rood

Trouw verkent het DNA van de liefde: hoe werkt de relatie van je ouders door op je eigen relatie? Nynke (68) zei als kind al tegen haar moeder dat ze nooit wilde trouwen en dat viel niet goed. ‘Ze dachten dat ik gek was.’

Mijn moeder was een fantastische manager, ik heb veel respect voor de manier waarop ze het gedaan heeft met acht kinderen, maar ze was geen moeder. Ik dacht lang dat ze nooit wist dat ik als kind ‘s avonds stilletjes onder de dekens lag te huilen. Tot ze zei: ‘Ja, jij huilde in bed’. Ze kwam nooit bij me, ze kwam me nooit troosten.

Ik kom uit een gereformeerd ­gezin. Mijn familie was hét voorbeeld in de kerk. We zaten op zondag keurig met z’n allen in de banken. Ogenschijnlijk was het fantastisch, maar ik was diep ongelukkig. Vaak dacht ik: ik ben geadopteerd, ik hoor hier niet. Er waren veel ongeschreven regels, zoals: een vrouw moet trouwen en kinderen krijgen. Dat wilde ik niet, dat voelde ik al op jonge leeftijd. Toen ik dat op mijn veertiende tegen mijn moeder zei, antwoordde ze: ‘Ach, voor jou komt er ook wel iemand’. Daar bleef het bij.

Mijn moeder stond in de kerk bekend als progressief. Ze droeg eind jaren vijftig al lange broeken en was de eerste vrouwe­lijke ouderling. Maar naar mij toe was ze gemeen. Ze kneep me onder de tafel en wat ik ook zei of deed, het was nooit goed. Ze gaf me niet de vrijheid die ze zelf had gemist. Ze deed het tegenovergestelde: zij mocht het niet, dus ik mocht het ook niet.

Als ik me thuis in discussies mengde, werden mijn opmerkingen afgedaan als emotioneel geleuter. Ik kreeg het idee dat ik dom was, misschien wel gek. Mijn broers en zussen pestten me daarmee. Mijn moeder greep nooit in.

Ik zat stiekem te huilen

Om er bij te horen, werd ik actief binnen de kerk, maar onder­tussen was mijn leven een grote farce. Ik deed vrolijk, maar niemand kende mij echt. Vaak zette ik klassieke muziek op en zat er stiekem bij te huilen.

Toen een broer naar Canada ­vertrok, dacht ik: ik moet ook weg. Ik was 21 en werd au-pair in Engeland. Daar ontmoette ik Brian, een 19-jarige student uit de higher class. Ik zou na een jaar teruggaan naar Nederland, maar ik bleef er drie. Brian regelde woonruimte voor me en een baan. Ik ging voor het eerst in mijn leven uit eten, thuis deden we dat nooit. Een totaal nieuwe wereld.

Brian gaf me het gevoel dat ik wel normaal was, hij nam me ­serieus. Maar ik wist dat ik hem niet gelukkig zou maken. En diep van binnen bleef het knagen, ik wist dat er iets zat wat ik nog moest uitzoeken in mezelf.

Terug in Nederland kreeg het ­leven een wending. Ik ontmoette na een paar jaar Jolijn, ze was kerkelijk actief én lesbisch. We werden verliefd. Ik dacht: dit mag niet, maar het gevoel was zo sterk dat ik eraan toegaf, we woonden binnen drie maanden samen.

Je loopt een tijdje met elkaar op en dan zeg je: gaan we rechtdoor of ieder onze weg?

Opeens dacht ik te snappen waarom ik altijd voor gek was verklaard. Ik dacht: dit is het, ik wil niet trouwen omdat ik ­lesbisch ben. Jolijn was heel zorgzaam, zij heeft veel goedgemaakt van wat mijn moeder me niet heeft gegeven. Op zeker moment vroeg ze: wil je beloven dat je nooit bij me weggaat? Daar schrok ik van. Dat kon ik niet. Ik denk dat iedereen een levenspad heeft waarop je mensen tegenkomt, zo ook relaties. Je loopt een tijdje met elkaar op en dan kom je op een punt waarop je zegt: gaan we rechtdoor of ­ieder onze eigen weg? Jolijn en ik besloten uit elkaar te gaan.

Zo ging het ook bij latere relaties, tot mijn verrassing altijd weer met mannen. Zoals Twan, met wie ik vijf jaar een latrelatie had. Ik was 35 en hij 21 toen ik hem ontmoette op een fotografiecursus. Het was mijn meest ongecompliceerde relatie ooit. Hij wilde ook niet trouwen. En hij trok zich niets van mijn angsten aan. Ik durfde nooit auto te rijden, toch zorgde hij dat ik mijn rijbewijs haalde. Ik overtrof mezelf door hem. Maar we zaten toch echt in andere levensfases.

Ik bleef worstelen met mezelf. Met de juiste hulp heb ik mijn problemen uiteindelijk aangepakt. Ik had geen leuke jeugd, maar realiseerde me pas rond mijn vijftigste dat ik altijd de schuld bij mezelf heb gezocht, want ik was ‘niet normaal’.

Charles, mijn meest recente ­lange relatie, omschreef het treffend: ‘Ze hebben je gewoon gek gemaakt’. Met mijn familie heb ik weinig contact meer.

Een relatie moet iets toevoegen, net als pianolessen

Relaties zijn de meest leerzame periodes van mijn leven, maar dat wil nog niet zeggen dat je ­altijd samen moet blijven met iemand. Een relatie moet voor mij iets toevoegen. Net zoals de pianolessen die ik heb, of de vreugde die ik haal uit schrijven en ­fotograferen. Ik moet er blij van worden, anders stop ik ermee.

Nog steeds voel ik wat ik als meisje al wist: ik kan nooit ­eeuwige trouw beloven aan een ander, ik kan alleen maar trouw beloven aan mezelf.

De namen in deze tekst zijn gefigneerd om privacyredenen. De echte namen zijn bekend bij de redactie.

Heeft u ook een verhaal over de liefde, relaties en uw ouders? Mail naar: relatiedna@trouw.nl.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden